Posts tonen met het label geloven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geloven. Alle posts tonen

zaterdag 25 juni 2022

Leer de bijbel uit je hoofd

 Ik ga iets heel onmodieus zeggen, geheel tegen alle trends in: Wees slim en investeer tijd en energie in het van buiten leren van bijbelverzen of bijbelgedeeltes.

Want wat levert je dat op: een krachtiger geloof, een diepere gerichtheid op God, en een sterkere spirituele identiteit. Kortom: je wordt er een completer mens van en dat maakt gelukkig. En ga nou niet zeuren over "wat een egocentrische argumenten" want God heeft ons geluk op het oog, altijd al, en tot het einde der tijden. 

 

Ik heb al lange tijd ervaring met bijbelmemorisatie. Als student in Groningen was ik enkele jaren lid van de Navigators. Hun huisregels waren toen anders dan nu, denk ik: we werden geacht bijbelverzen te memoriseren. Daarvoor hadden ze bijbelverzen op kleine kaartjes laten drukken, vijf series A t/m E van elk twaalf verzen. Het begin van mijn bijbelmemorisatie ! Ik heb de gewoonte voortgezet en steeds verzen toegevoegd. Inmiddels heb ik de P-serie bijna gevuld. Natuurlijk doet de methode er niet toe, de echte uitdaging is de discipline. Ik heb jaren gehad dat ik er nauwelijks iets aan deed. Maar steeds pakte ik het weer op omdat ik dan opnieuw ontdekte hoeveel het voor me betekende om de woorden van God in mijn hoofd en hart te hebben.

Waarom kom ik op dit moment met dit ongewone voorstel ? Twee aanleidingen:

De eerste was de tweede gebedsronde tijdens de Nacht van Gebed op vrijdag 17 juni. Een dorpsgenoot hield een vurig pleidooi om "op het woord Gods te gaan staan". Hij deed dat heel krachtig en welsprekend in de tale Kanaäns,verwoord in Veluws dialect, heel bijzonder. Het kwam bij me binnen, mag ik wel zeggen. "Op het woord van God gaan staan" is een weloverwogen stap om Gods Woord aan te nemen, te vertrouwen, en er je bestaan op te gronden. Het helpt dan enorm wanneer je de woorden van God gememoriseerd hebt.

De tweede aanleiding was mijn lezing van het interview met psychiater Jim van Os , directeur bij het UMC Utrecht, in de Trouw van 24 juni. Dat gaat niet over de bijbel of over God, maar over wat hij noemt "de grootste ontdekking van zijn vakgebied in deze eeuw": de ruimte die er aan het ontstaan is voor de diepe vragen: Hoe kan ik mijn leven zinvol leiden en waar gaat het naar toe ?

 In een prachtige uitleg van het allesbepalende belang van relaties zegt hij: "De kwaliteit van onze relaties is het fundament van ons leven. Dat mensen geen of weinig verbintenis met anderen ervaren is volgens mij een crisis, misschien wel de echte crisis van deze tijd. Gebrek aan vertrouwen en zingeving zijn daar een gevolg van." Jim van Os roept ons op de spirituele dimensie van het mens-zijn weer serieus te nemen. Daar kan ik van harte mee instemmen en natuurlijk denk ik dan meteen aan de weg die iedereen kan gaan: wandelen met God en deel uitmaken van een christelijke gemeenschap. Diepe spirituele relaties, een zinvol bestaan, en een feestelijke toekomst. Wat heb je nog meer nodig voor het goede leven ?


dinsdag 15 maart 2022

Abdij Tongerlo na 3 jaren

Drie jaren ben ik niet in abdij Tongerlo geweest. De corona pandemie heeft ons leven op slot gezet en dat gold ook voor de paters. Ik heb mijn voorjaars- en najaarsretraites gemist. Ik probeer mijn reisgenoot duidelijk te maken wat dat gemis dan is maar dat valt niet mee. Waar ik me scherp bewust van ben is dat ik me de eerste paar jaar een toeschouwer voelde. Ik zat er bij, zong mee met de psalmengebeden, maar het was niet van mezelf. Eén ding is waarschijnlijk doorslaggevend geweest: ik bleef terugkomen en meedoen tot dat gevoel van toeschouwer zijn vervaagde. Daar kwam niet meteen een bewuste ervaring voor terug van "erbij horen". Dat was nog weer een paar jaar later toen ik me realiseerde dat ik speler was geworden.

De speeltafel van het Klais orgel in de abdijkerk

Ook het "speler zijn" is geen sterk gevoel of overtuiging. Het heeft iets te maken met deel uitmaken van iets dat groter is dan je eigen ik. Met name het dagelijkse ritme van de gebedsdiensten doet me veel. Elke dag opnieuw het morgengebed, de vespers, en dan tot slot het korte avondgebed, met steeds weer de psalmenteksten die we zingen, de gebeden en de bijbelteksten, de buiging bij het Eer aan de Vader, eer aan de Zoon, eer aan de Heilige Geest. Het draagt me, het is fundamenteel en zo betrouwbaar, daar kun je God ontmoeten.

Maar wat is er van over na drie jaren pandemie ? Wat heeft die periode met de paters gedaan, en met de zusters die voor het gastenhuis zorgen ? Het blijkt wonderwel goed met ze te gaan. De zusters heten ons van harte welkom en laten ons de nieuwe gastenkamers zien. WC en douche op je eigen kamer en overal wifi, wat een luxe vergeleken met de oude kamers in het poortgebouw. En als ik 's middags ga orgelspelen in de abdijkerk komt pater Ivo me met een brede grijns begroeten.

's Avonds doe ik voor het eerst mee met de completen, het avondgebed. Dat doen ze nog maar enkele jaren en dit is de goede gelegenheid om er mee kennis te maken. Het wordt niet gevierd in het koor van de kerk, maar in het slot, het leefgedeelte van de paters. Ik heb er van genoten: Samen met de deelnemende gasten vormen de paters een grote kring bij een Christusbeeld en daar zingen we dan onze psalmen en gebeden.

Ik heb weer uren op het grote Klais orgel gespeeld. Voor de liefhebbers een filmpje van de abdijkerk.

zondag 28 november 2021

Advent: vier weken van ....

Wat doen we in de vier weken van Advent ? In vrijwel alle Nederlandse huizen en/of tuinen wordt kerstversiering opgetuigd. Misschien maken we een adventskrans of halen het kerststalletje weer voor de dag. Op zondag steken we in de kerk week na week en één voor één de adventskaarsen aan. Mooie en sfeervolle tijd, zeker, ik geniet er van. Het is de bovenkant van Advent. Wat komen we tegen als we dieper gaan ? 

Advent is ontstaan in de vroege christelijke kerk. Het is de tijd van verwachting van de komst van de Heer. Maria is hoogzwanger en krijgt te horen dat ze voor de volkstelling naar Bethlehem moet. Versobering en inkeer zijn de kern van het verwachten, net zo als in de Veertigdagentijd voor Pasen. 

Hoe geef ik inhoud aan dat verwachten ? Die vraag stel ik me nog niet zo lang, misschien een jaar of tien. Daarvoor bleef ik aan de bovenkant van Advent steken. Wat wordt bedoeld met "inkeer" ? Voor christenen heeft dat een duidelijke betekenis: het is luisteren naar God en antwoord geven in je gebed. Inkeer heeft altijd rust en tijd nodig. Dat gaat het beste als je een dagelijkse stille tijd hebt. Ik doe mee met de digitale adventsretraite van de jezuïeten. Elke morgen is er een e-mail met een bijbelgedeelte en een gebed en ik gebruik dat in mijn stille tijd. Goede ondersteuning helpt. Maar elk jaar weer heb ik de ervaring dat de grootste uitdaging het luisteren zelf is. Wat dwalen de gedachten snel af in dat ochtendkwartiertje ! Het is steeds weer oefenen en oefenen om "er bij te blijven". Diegenen die verder zijn gevorderd in het mediteren verzekeren ons dat ook zij er nog mee worstelen en dat stelt gerust.

In 2018 ben ik in de adventstijd een week in de Oude Abdij in Drongen (bij Gent in België) geweest voor een stilteretraite. Dat was een bijzondere ervaring, met positieve en negatieve kanten. Ik vond het heel waardevol om een week lang  onder deskundige begeleiding te kunnen mediteren. In de Oude Abdij gebeurt dat in de Ignatiaanse traditie en die voelde meteen vertrouwd: vanuit je aardsheid gericht zijn op Jezus. Geen zweverige toestanden, de voeten in de klei, en dan ontdekken wat en hoe Jezus doet en hoe je je met Hem verbinden kunt, nu vandaag. Wat ik moeilijk vond was het zwijgen bij de maaltijden, dat ging er bij mij niet in. Een maaltijd is ontmoeting, gesprek, en zwijgen vond ik zeer onnatuurlijk.

In de hierboven genoemde blog over de stilteretraite heb ik al geschreven over de Geestelijke Oefeningen: dertig dagen stilteretraite onder begeleiding van een ervaren jezuïet. Ik merk dat het verlangen om de volledige dertig dagen van de Geestelijke Oefeningen te doen steeds bij me terugkeert. Deze week las ik het "verslag van een geestelijke reis" van EO-presentator Elsbeth Gruteke. Ze heeft de volledige Geestelijke Oefeningen in de Oude Abdij gedaan. Het is een indrukwekkend relaas waar ik heel dicht bij kan komen omdat ik er ook een week geweest ben.

maandag 22 november 2021

Tweemaal geloof en wetenschap

 In een leeskring bespraken we het boek  What are we doing here ? van Marilynne Robinson. Gelijktijdig las ik ook de autobiografie van Werner Heisenberg (1901 - 1976): Der Teil und das Ganze, in het Engels vertaald onder de titel Physics and Beyond. In beide boeken komt het thema geloof en wetenschap aan de orde. Beide schrijvers zijn christen en vertellen hoe ze omgaan met die spannende combinatie.

Marilynne Robinson is de auteur van de bekende romanserie over John Ames, een dominee op het platteland in Iowa. De serie bestaat uit de romans Gilead, Home, Lila, en Jack. Voor Gilead kreeg ze in 2005 de Pulitzer Prize for Fiction.

Ze heeft ook meerdere essaybundels gepubliceerd en "What are we doing here ?" is haar meest recente. Marilynne Robinson is een zelfbewuste nonconformist: ze is heel open over haar christelijke geloofsovertuiging en over hoe die ingekleurd wordt door het Amerikaanse puritanisme. Met grote waardering vertelt ze over de theoloog en filosoof Jonathan Edwards, de meest bekende en grootste denker uit het Amerikaanse Puritanisme. Ook Calvijn kan op haar warme belangstelling rekenen. Maar haar nonconformisme beperkt zich niet to haar geloofsovertuiging. Ze neemt ook stevige posities in over onderwerpen als geloof en wetenschap,  de menselijke humaniteit en de teloorgang ervan in de Westerse cultuur, en over het belang van schoonheid en verwondering.

Haar essays zijn pittige kost. Ze heeft een associatieve wijze van argumenteren. Daardoor slaat ze zijweggetjes in waardoor je je afvraagt waar het nu heen gaat, om dan plotseling weer terug te keren bij het onderwerp. Het loont de moeite om haar opstellen te lezen, te laten bezinken, en te herlezen. Ten aanzien van geloven en wetenschap gaat ze kritisch in gesprek met diverse wetenschapsfilosofische stromingen: het reductionisme, het positivisme, het evolutionisme. Ze is geen natuurwetenschapper maar taalkundige maar dat blijkt geen beletsel: het stelt haar in staat om vanuit verrassende premissen vragen te stellen. Uiterst zorgvuldig gaat ze om met woorden en hun betekenissen. Een voorbeeld: In het eerste deel "Faith" van het artikel "Considering the theological virtues" analyseert ze de betekenissen van "brains" en "mind" en "soul" en dat leidt tot een prachtige uitleg van de religieuze lading en waarde van de beide laatste begrippen.

Robinson heeft een breed overzicht van allerlei wetenschappelijke ontwikkelingen. Zonder dat ze de details van de verschillende disciplines beheerst weet ze voortdurend scherpe vragen over vooronderstellingen en uitgangspunten  te stellen. Het gaat haar er om menselijke waardigheid en betrokkenheid op God niet verloren te laten gaan door een doorgeslagen rationaliteit.

De autobiografie van Werner Heisenberg (1931 - 1976) is heel anders van opzet. Hij vertelt op toegankelijke wijze over zijn bijdragen aan de ontwikkeling van de quantummechanica in de eerste helft van de vorige eeuw. Die leverden hem al in 1932 de Nobelprijs voorde natuurkunde op. De compositie van het boek is opvallend: in elk hoofdstuk vertelt hij over een levensperiode. De ontwikkelingen in de quantummechanica staan steeds centraal, afgewisseld met anecdotes over zijn dagelijkse leven. Er staan geen formules in het boek. Daardoor geeft het boek geen inzicht in de mathematische structuur van de quantummechanica. Heisenberg besteedt veel aandacht aan de wetenschapsfilosofische vraagstukken waar de fysici toen mee worstelden. Hij weet daar bijzonder boeiend over te vertellen. Door de gesprekken in dialoogvorm weer te geven en te vertellen waar en met wie en in welke omstandigheden die plaatsvonden is het alsof je bij hen aan tafel schuift: Einstein en Bohr, Dirac, Schrödinger.

Een thema dat regelmatig terugkomt is de aard van het experimenteren en de veranderde verhouding tussen de geobserveerde wereld en de experimentator. In de klassieke natuurkunde is de experimentator een objectieve en onafhankelijke waarnemer, in de atoomfysica is dat niet langer het geval. De daar van toepassing zijnde wetten van de quantummechanica vereisen een subtieler verstaan van die relatie: de experimentator gaat door het meten deel uitmaken van de geobserveerde wereld van elementaire deeltjes.

De worsteling om alle nieuwe inzichten te duiden is een rode draad in het boek. Heisenberg vertelt hoe hij als 24-jarige fysicus met zware hooikoorts naar het winderige eiland Helgoland in de Noordzee vertrekt om daar te genezen. Hij werkt er verder aan zijn baanbrekende artikel over quantumsprongen tussen energieniveaus, het begin van de matrix mechanica. Om drie uur 's nachts heeft hij een aantal cruciale berekeningen uitgevoerd die zijn vermoedens bevestigen. Hij is geschokt, verrukt, haast duizelig van de geordende mathematische structuren die hij in de atoomfysica heeft ontdekt. Van slapen komt het niet meer. Hij wandelt naar de rotsachtige kust en kijkt naar de opkomende zon.... Dit wordt het begin van een stormachtige ontwikkeling in de moderne natuurkunde.

Heisenberg en de andere fysici spraken veel over de betekenis van de nieuwe ontdekkingen. Die bezinning beperkte zich niet tot bijstelling van natuurkundige grondbeginselen. Ze spraken ook over zingeving, de rol van wetenschappers in de samenleving, en over religie. Heisenberg was Luthers opgevoed en heeft zijn christelijke geloof altijd vastgehouden. Marilynne Robinson is heel duidelijk over de inkleuring van haar geloof: ze weet zich verbonden met het Amerikaanse Puritanisme. Heisenberg vertelt weinig over zijn persoonlijke geloofspraktijk. Hij denkt na over de verhouding van natuurwetenschap en religie en vertelt waar hij staat. Zijn meest uitgesproken gedachten over religie staan in de hoofdstukken 7 en 17 van Der Teil und das Ganze. Daarnaast heeft hij ook in zijn rede Naturwissenschaftliche und religiöse Wahrheit zijn inzichten gedeeld.

Heisenberg is van mening dat natuurwetenschap en religie naast elkaar kunnen bestaan en dat elk een waarheidsaspect van de werkelijkheid vertegenwoordigt. De natuurwetenschap geeft ons inzicht in Das Teil, het elementaire deeltje, en alles wat we daarachter nog zullen ontdekken. De religie draagt en verankert ons als menselijke gemeenschap in Das Ganze:  het zinvolle verband dat ons een ethiek geeft waarnaar we ons leven kunnen richten. Heisenberg is geen scherpslijper en geeft geen antwoorden op de moeilijke vragen rond bijvoorbeeld religieuze waarheid en de wereldgodsdiensten. Hij merkt op dat hij in een christelijke cultuur geboren is en nooit redenen heeft gezien om dat te beschouwen als een toevalligheid. Hij neemt geen afscheid van God. Heisenberg is een begaafd pianist geweest. Bij hem vormen geloven, musiceren, poëzie, en natuurwetenschap een harmonieuze eenheid.

dinsdag 18 februari 2020

Voor de hel niet bang

"Voor de hel niet bang": dat zeggen we niet. Het is "voor de duvel niet bang" en dan hebben we het over een dapper persoon. Voor de hel zijn we niet zo bang meer. Althans: dat dacht ik. Het speelt in mijn geloofsleven geen belangrijke rol, maar dat kan ook te maken hebben met de oogkleppen die ik op heb. Ik leid een comfortabel en veilig bestaan en hoor bij de bijna 90 % van de Nederlandse bevolking die zegt : "ik ben gelukkig".
Maar wat als je dochter verkracht en vermoord is ? Of wanneer je gevlucht ben voor het oorlogsgeweld en in de tang zit tussen Turkse en Syrische strijdkrachten in Idlib ? Wanneer je uitgebuit wordt door niets ontziende mensensmokkelaars ? Zou iemand dan niet tegen de dader kunnen roepen: "Ik hoop dat je zult branden in de hel ?" Een verschrikkelijke wens, jazeker, maar het gaat dan ook over diepe zaken: over dodelijk onrecht, over oordeel en straf.  Iemand naar de hel wensen kan ik begrijpen, maar ik voel me meer thuis bij het oude Bosnische omaatje die ik ooit in een journaalfragment zag bij haar kapot gebombardeerde geliefden. Ze huilde en riep: God zal jullie oordelen !

beeld RD, Anton Dommerholt

Afgelopen vrijdag ben ik naar de studiedag De Hel geweest, in de Theologische Universiteit Kampen. De toelichting op dit ongebruikelijke thema pakte me: Bestaat de hel? Wat leert de Bijbel over de hel? Is de hel wel te rijmen met hoe God zich in Jezus aan ons openbaart als een God van liefde, barmhartigheid en verzoening? Is een eeuwige straf voor tijdelijk kwaad begaan door beperkte mensen wel proportioneel?

Voorafgaand is er een enquete gehouden waarvan de resultaten in de Nieuwe Koers zijn gepubliceerd. Er blijkt sprake te zijn van een duidelijke verschuivingen t.o.v. de enquete uit 2004: In vijftien jaar tijd halveerde het percentage predikanten die vinden dat we het indringend over de hel moeten hebben tot 25 procent.

De toespraken waren 's ochtends beschouwend en analyserend: hoe spreken en preken we op een theologisch verantwoorde manier over de hel ? Door die afstandelijkheid bleef het gesprek beleefd en kalm, alsof we een gesprek voerden over het burgerlijk wetboek.
Ik ben geraakt door de toespraak "De hel en ons Godsbeeld" van Ad van der Dussen. Een gepassioneerde oproep om de hel serieus te nemen, omdat het over ons zelf gaat. "Kom van de tribune af !" Want we zijn geen toeschouwers maar komen zelf ook in het oordeel van God. In Matthéüs 25 gaat het over kleine nalatigheden waardoor je naar de hel gaat. Dat is een harde en onprettige boodschap waar we liever overheen lezen.

Bettelies Westerbeek, missionair pionier in de Haagse wijk Moerwijk, vertelde in haar workshop dat in de gesprekken die ze met de Moerwijkers voert de hemel en de hel regelmatig aan de orde komen. En dan niet als interessant discussie onderwerp, maar omdat het er voor de Moerwijkers toe doet. Omdat ze denken dat ze de hemel niet verdienen, er te slecht voor zijn.
Iemand anders gaf een lezing over het christelijk geloof in een keurige Rotary bijeenkomst. Na afloop was er een vraag: "Mijn zoon geloofde niet meer en is verongelukt. Maar kunt u me zeggen waar hij nu dan is ?" Dit zijn diepe vragen over onze bestemming en ze leven dus volop.
  
Ook in de jongerencultuur: Je hoeft niet lang te zoeken en je komt computer games tegen als Hellbound, Purgatory, Agony, and Devil's hunt. Ook in populaire films en tv-series als The Walking Dead en Game of Thrones is de hel op allerlei manieren aanwezig. Op Netflix wemelt het van de occulte series waarin demonen uit zijn op de vernietiging van mensen.

Ik voel me niet zo thuis bij al te expliciete meningen over de hel. Laat ik het maar houden bij de woorden uit de Apstolische Geloofsbelijdenis. Bescheiden woorden, die niet teveel maar wel genoeg zeggen. Woorden  die mijn ouders, grootouders, en al die generatie voor hen al hoorden en die ze bewaarden in hun hart: onze Heer Jezus Christus ging voor ons naar de hel, en als Hij komt om te oordelen is er vergeving van zonden en het eeuwige leven. Daarmee ben je voor de hel niet bang.
Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper van de hemels en van de aarde.
En in Jezus Christus, Zijn eniggeboren Zoon, onze Heere;
die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de maagd Maria;
Die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven,
nedergedaald ter helle; ten derde dage wederom opgestaan van de doden;
opgevaren ten hemel, zittende ter rechterhand Gods, des almachtigen Vaders;
vanwaar Hij komen zal om te oordelen de levenden en de doden.
Ik geloof in den Heilige Geest.
Ik geloof één heilige, algemene, christelijke kerk, de gemeenschap der heiligen;
vergeving der zonden;
wederopstanding des vleses;
en het eeuwige leven.
Amen
 







zaterdag 9 maart 2019

Aswoensdag - het begint

Afgelopen woensdag is de Veertigdagentijd begonnen. Ik ben op Twitter eens rond gaan kijken wat er te vinden is over Aswoensdag. Dat levert een aantal humoristische, inspirerende, en ontroerende plaatjes op. Een collage !

Pastoor Johan Goris verbrandt palmtakjes tot as.



Een rel in Utah omdat de juffrouw hem dwingt het askruisje weg te poetsen.....







. Chaiplan Fr. Dan Brandt distributed ashes today to about 150 CPD officers and staff.


Alexandria Ocasio-Cortez , Democrat Congress woman

First stanzas of "Ash Wednesday", T.S.Eliot,
his famous "conversion poem"



Patrick Grady, MP: I think the priests @WestminsterCath 
enjoy having a wide canvass to work with... 

Mooie poster van Hilda Barhoum, Formatrice-Église Catholique Paris. 



vrijdag 1 februari 2019

Passion-Epe 2019: share your talents !

Goed nieuws, mensen ! Groen licht voor de Passion-Epe 2019, opnieuw in de Grote Kerk, op donderdag 18 april. Evenals vorig jaar is er eerst de Witte Donderdag Avondmaalsviering.

Afgelopen dinsdag zijn Wouter Kamp en ik bij de Raad van Kerken - Epe geweest om de plannen te bespreken. We zijn het snel en goed eens geworden. We gaan weer te werk op dezelfde manier als vorig jaar:
  • de Raad van Kerken is opdrachtgever en eindverantwoordelijke
  • de werkgroep Passion-Epe is verantwoordelijk voor alle uitvoerende taken.
Ik ben heel tevreden met deze aanpak. De Raad van Kerken is wat mij betreft een waardevol platform voor de dorps-presentatie van missionaire en diakonale activiteiten. Waarom zouden we de mensen vermoeien met onze onderlinge kerkelijke verschillen ? Ik denk aan de marketing slogan Intel Inside op de laptop: dan weet je welke rekenkracht er in je computer zit. RvK inside gaat wat mij betreft net zoiets oproepen: Aha, iets goeds van de Eper kerken !

Hekwerkbanner van de Passion-Epe 2018 bij de Grote Kerk
Om het tot een geweldige avond te maken hebben we jouw talenten nodig ! Er zijn allerlei grote en kleine taken te vervullen, dus laat iets van je horen. Ik noem een paar zaken waar speciale talenten voor nodig zijn:
  • Wie is er goed in lichtshow ontwerp ? Het afgelopen jaar hadden we al een prachtig verlichte kerk dankzij een eenvoudige set kleurenspots. Daar valt meer uit te halen !
  • Wie heeft er akoestisch inzicht in de galm-effecten van de Grote Kerk ? De verstaanbaarheid van de songs liet vorig jaar te wensen over. Dat effect is niet overal even sterk of zwak. Directe en indirecte gereflecteerde geluidsgolven vermengen zich en dat vermindert de verstaanbaarheid van de liedteksten.
De fraai verlichte kerk tijdens de uitzending van de Passion

  • Wie wil de werkgroep versterken ? We hebben nog twee vrijwilligers nodig om de taken goed te kunnen verdelen. Elk werkgroeplid wordt verantwoordelijk voor een taakgebied, zoals PR, Techniek, Gebed, Financiën.
  • En last but not least: de kerkinrichting en crowd logistics. Sommige bezoekers zitten graag op de grond of op kussens, maar worden liever niet koud. En anderen geven de voorkeur aan een stoel. Hoe combineren we dat handig ? En dan moet het ook nog eens snel op te zetten zijn want we hebben een halfuur na afloop van de Avondmaalsdienst....
Elk talent is welkom dus ! egbertdijkgraaf@gmail.com en woutermichielkamp@gmail.com

woensdag 19 december 2018

Stilteretraite in de Oude Abdij bij Gent

Een week lang de stilte bewaren en zwijgen, waarom zou ik dat willen ? En wat doet het dan met me ? Dat zijn natuurlijk de eerste vragen die bij me opkwamen toen ik, nu al weer drie jaar geleden, in abdij Tongerlo een pater ontmoette die me aanraadde om in de Oude Abdij bij Gent een stilteretraite te gaan doen. "Dat is goed voor u !"
Klaarblijkelijk heeft hij toch een zaadje geplant want zijn advies is sindsdien in mijn hoofd blijven ronddwalen. Ik ben eens gaan kijken wat er gebeurt in die Oude Abdij. Die kent een lange geschiedenis die al begint in de tiende eeuw. De laatste actieve gemeenschap die er verblijf hield waren de Jezuïeten die er jonge novices opleidden. Nu is het een bezinningscentrum waar je onder  anderen stilteretraites kunt volgen in de geest van de Geestelijke Oefeningen van Ignatius van Loyola (1491-1556).
Binnentuin van de Oude Abdij
Dit was voor mij het begin van een ontdekkingsreis in de wereld van de ignatiaanse spiritualiteit, en uiteindelijk heeft dat geleid tot deze stilteretraite, in de Adventsweken van 2018.
Ik had me jaren geleden al verdiept in de zeer lezenswaardige boeken van Wil Derkse over de benedictijnse spiritualiteit. Vooral Een levensregel voor beginners kan ik iedereen aanraden die wat meer wil weten over deze kloosterspiritualiteit en die ook praktische wil toepassen.

De ignatiaanse spiritualiteit is anders gekleurd dan de benedictijnse. Laat ik meteen weer verwijzen naar een goed en prettig leesbaar boek: Het Jezuïetenantwoord op (bijna) alle vragen van James Martin. Ik citeer een mooie zin: De ignatiaanse spiritualiteit draait om de overtuiging dat alles om je heen serieus genomen moet worden als een mogelijke vindplaats van God.
Ik kan uit eigen ervaring beamen dat het inderdaad zo werkt: in de retraiteweek staan lezingen uit de bijbel centraal en steeds is de vraag: wat betekent dit voor jou, wat zegt God tegen je ? Het is een heel persoonlijke manier van bijbellezen.
In de Oude Abdij
Terug naar mijn aanloop naar de stilteretraite. Al vlug na het gesprek met de pater in Tongerlo werd het me duidelijk dat ik verlangde naar een leven waarin actie en gebed goed in evenwicht zijn. Om het eerste goed te doen krijgen we van alle kanten deskundig advies en slim gereedschap aangereikt. Onze hele samenleving zit vol met ambities om alles uit de kast te halen om ik weet niet welke doelen te behalen, bij voorkeur zo efficiënt mogelijk. Maar contemplatie, rust, en dan in het bijzonder de stilte zoeken, dat is geen gemeengoed.

Het was voor mij vanaf het begin duidelijk dat ik wilde putten uit de christelijke traditie. Dan blijkt de ignatiaanse spiritualiteit een belangrijke bron te zijn voor "een leven in balans".
Ignatius van Loyola, een Spaanse edelman, was de grondlegger ervan. Hij kwam als jonge man na een zware verwonding te hebben opgelopen op het slagveld tot inkeer en besloot met al zijn energie volgeling van Christus te worden. Hij had een goede antenne voor het innerlijk leven en wist zijn ervaringen als rijpende christen te integreren tot een korte maar krachtige "leerschool": de Geestelijke Oefeningen, een retraite die volgens hem in dertig dagen gedaan  moest worden.
Tot op de dag van vandaag spelen de Geestelijke Oefeningen een centrale rol in de vorming van de Jezuïeten. Het is daardoor een levende traditie gebleven, waarin ervaren "geestelijk begeleiders" de deelnemers aan de Geestelijke Oefeningen begeleiden.
Ook in de Oude Abdij kun je als gast de Geestelijke Oefeningen volgen, ook in verkorte vormen van één of twee weken.

En zo gebeurde het dan dat ik naar Gent reed voor een stilteretraite van een week....
De aankomst op zondagavond was verrassend: in de aankomsthal van de abdij heerste een gezellige en rumoerige drukte: de zorggemeenschap de Ark was klaar met de samenkomst en was bezig de spullen weer op te ruimen...
Al snel was mijn geestelijk begeleider, pater Wauthier, gevonden. Hij bracht me naar mijn kamer en liet me zien waar de gasten-eetkamer, de gasten-huiskamer, en de kleine en de grote kapel waren. De kleine kapel viel meteen bij me in de smaak, met een sobere en sprekende inrichting. Het werd mijn favoriete meditatieplek.
We maakten een afspraak voor het eerste gesprek: meteen maar beginnen, diezelfde avond nog ! Aan het eind van het gesprek kreeg ik een drietal bijbelteksten mee om te gaan overdenken.
Elke dag is er zo'n gesprek met de geestelijk begeleider. Hij luistert, bespreekt je vragen en opmerkingen, en geeft nieuwe bijbelteksten mee. De voorschriften van de Geestelijke Oefeningen zijn hierbij zijn leidraad Op die wijze probeert hij je verder te helpen in je omgang met God, of je nu aan het begin van die weg staat, of al een geoefend christen bent. Ik heb die gesprekken als een warm bad ervaren. Het doet goed om een gesprekspartner te hebben die goed kan luisteren en goede raad kan geven.

De kleine kapel
De maandag en de dinsdag had ik nodig om te ontdekken hoe ik de dagen zou gaan doorbrengen. Behalve het dagelijkse gesprek met de geestelijk begeleider zijn er geen voorschriften, dus de dagroutine moet je zelf ontdekken. Vanaf woensdag heb ik 's ochtends vroeg, 's middags, en 's avonds in de kleine kapel gemediteerd over de bijbelteksten. Daarvoor nam ik dan 30-40 minuten de tijd. Verder heb ik 's ochtends en 's middags lange wandelingen langs het riviertje de Leie gemaakt. Al wandelend kwam ik goed tot rust en concentratie en kon dan opnieuw de bijbelteksten en alles wat die opriepen, overdenken. De manier van bijbellezen in de ignatiaanse spiritualiteit kon ik me gemakkelijk eigen maken. De teksten worden heel persoonlijk gelezen: wat zegt God tegen mij, wat zou ik gedaan hebben als ik die mens in de bijbeltekst was geweest ?
In de avond had ik ruim de tijd om te lezen in de meegenomen boeken. Het merendeel van de dag ben je dus op jezelf. Het heeft me niet zo veel moeite gekost. Op het eind van de week begon ik die rust zelfs te waarderen. De enige momenten waar ik "last had" van de stilte waren de maaltijden. Om samen met twee andere gasten in stilte de maaltijd te gebruiken viel me zwaar. Dan merk je weer dat samen eten veel meer is dan dan alleen het nuttigen van voedsel. Het zwijgen maakt van een tafelgemeenschap op zichzelf staande individuen , ik vond het onprettig.

Het riviertje de Leie
Op zaterdag nam ik afscheid van pater Wauthier en de medegasten (nu wel praten !)  en vertrok huiswaarts. De overgang van de rust van de abdij naar het geroezemoes van het dagelijkse leven thuis verliep probleemloos. Het was pas op de maandag, de eerste werkdag, dat ik voelde hoe vol zo'n dag zit en hoe weinig ruimte er voor luisteren en bezinning is. Ik denk dat ik nog wel een paar weken bezig ben om de ervaringen in de Oude Abdij een plek te geven en om te bepalen op welke wijze ik verder ga met extra tijd en aandacht voor stilte en gebed.

woensdag 5 december 2018

Sola Scriptura in Rome

Begin november verbleven we met een groep Regenboogkerkers uit Epe een weekend lang in Rome. Het waren aangename dagen met veel bezoeken aan prachtige kerken en gezellige maaltijden in het o zo drukke centrum van Rome.
Op zondagmiddag hadden we een ontmoeting met Antoine Bodar in de Santa Maria dell'Anima. Het  "sola scriptura" van de Reformatie kwam ook ter sprake. Daar was Antoine Bodar snel mee klaar. "Sola scriptura" heeft binnen het Protestantisme tot een veelheid van meningen geleid. Vergelijk dat met de universele Kerk, waar één waarheid geleerd wordt, ontvangen in en door het geschreven Woord van God, en geïnterpreteerd en doorgegeven in de Apostolische Traditie !


Het sola scriptura is in mijn hoofd blijven ronddwalen. Ik ben er over gaan lezen, en inmiddels heb ik me voorgenomen om  het boek The Shape of Sola Scriptura van Keith Mathison, een Amerikaanse hoogleraar van calvinistische snit, te gaan lezen.
Er zijn meerdere bruikbare definities van sola scriptura te vinden. Ik vind deze prettig: sola scriptura is het beginsel dat er maar één onfeilbare bron is voor leer en leven van de christen: de bijbel. Alleen daar horen we de stem van God. Elke christen heeft toegang tot de bijbel en mag die interpreteren.

De eerste vraag die bij me naar boven kwam, was: hoe diep zit het "sola scriptura" in het DNA van de protestanten ? Onder confessionele theologen en predikanten zal het een stevig verankerde overtuiging zijn, maar het "gewone" kerkvolk dan ? Die zullen waarschijnlijk vragen: "waar gaat het over ?" Als ze het beginsel al kennen zal de volgende vraag wellicht luiden: "maar wat heb ik er aan ?"
Ik ben bang dat weinigen de historische context kennen - bijvoorbeeld Luther en de Rijksdag in Worms - en het ook niet van hoge waarde achten. Dat is geen winstpunt, maar verlies. Het sola scriptura geeft aan wat voor ons, christenen, de bron is van ons geloof en onze levenspraktijk: daarover lezen we in de bijbel en nergens anders. Dat helpt ons in het gesprek met de andere godsdiensten.
Het is vandaag de dag niet chique om heldere opvattingen te hebben over de inhoud van je geloof, of over hoe het christenleven er uit moet zien, en die te presenteren als leidraad voor ons allen.
Soms ben ik wel eens bang dat onze gemeenschappelijke geloofsinhoud zich beperkt zich tot God houdt van ons en We moeten het goede zoeken voor elkaar. Hoe waar en hoe krachtig die beide uitspraken ook zijn, ze helpen ons niet om uit te groeien tot gerijpte christenen, en ze helpen ons ook onvoldoende om anderen uit te leggen wat de schat van het Evangelie is.
Om dat te kunnen is bijbellezen nodig: elke dag weer opnieuw, met het hart èn met het hoofd. Om nieuwe kracht te ontvangen, maar ook om gepaste antwoorden te kunnen geven aan anders- of aan niet-gelovigen. En daar is soms stevig intellectueel werk voor nodig.

Verfilming van Luther op de Rijksdag in Worms
Behalve de vraag naar het huidige functioneren van het sola scriptura zijn er andere belangrijke vragen te noemen.
Laten we het hebben over sola scriptura en "de gereformeerde traditie". Hebben we als protestanten echt genoeg aan "alleen de bijbel" ? Dat lijkt niet het geval te zijn, en ik denk dat het ook niet zonder kan. Er bestaat geen directe en onbemiddelde wijze van bijbellezen, er is altijd een interpretatiekader aanwezig, de bril waardoor je de bijbel leest.
Sola scriptura gaf in de zestiende eeuw de bijbel terug aan alle gelovigen: er was niet langer een priester of bisschop nodig om de bijbel te lezen en te verklaren. Maar natuurlijk werd ook snel vastgesteld dat een volledig individuele interpretatie aanleiding geeft tot scheuring en versplintering van de Kerk, het lichaam van Christus. Als de Kerk een echte gemeenschap van gelovigen wil zijn dan moet er een gemeenschappelijk kader zijn voor leer en leven. En zo ontstonden belijdenissen en catechismussen en een gereformeerde traditie, tot op de dag van vandaag.
Protestanten kennen dus ook hun eigen traditie, net zoals Rome. Er is wel een belangrijk onderscheid: Alle protestanten mogen meedoen aan het debat over de juistheid en de volledigheid en de actualiteit van de gereformeerde traditie. De Apostolische Traditie van Rome wordt daarentegen bewaakt door Paus en Bisschoppen.

Een volgende vraag is die naar de "standaardisatie" van de gereformeerde traditie. Rome kent één Apostolische Traditie. Wat je daar verder ook van vindt, het is duidelijk wat er wel en wat er niet toe behoort.
Onder protestanten is dat ingewikkelder en inderdaad: dat leidt tot verdeeldheid. Om maar enkele voorbeelden te noemen: zijn we voor de kinderdoop of voor de volwassendoop ? Zijn we voor of tegen de vrouw in het ambt ? Mogen we doden bij de verdediging van ons land of is dat niet toegestaan ?
Het protestantisme kent vele stromingen en groeperingen met hun eigen Traditie. Dat roept wel op tot bescheidenheid: een bepaalde interpretatie van sola scriptura heeft geleid tot diep verdeelde Protestantse kerken.

Dan een laatste kwestie. Als protestant is het gemakkelijk om gaten te schieten in de Apostolische Traditie: Waar leest u dat Maria zonder zonde is en ten hemel opgenomen ? Waarom zou de Paus onfeilbaar zijn ? En waarom heeft u Aristoteliaanse filosofie gebruikt in de leer van de transsubstantiatie  ? Klaarblijkelijk is ook de Apostolische Traditie niet zo onfeilbaar als de Kerk ons wil doen geloven.
Maar hiermee schieten we onszelf wel in de voeten. Allereerst: Samen met Rome delen we een belangrijk stuk Traditie zoals die is vastgelegd in de vroege belijdenissen: de Apostolische geloofsbelijdenis, die van Nicea en  die van Athanasius. Maar die geloofsinhoud lezen we niet zo gemakkelijk af uit bijbelteksten, en soms hebben we begrippen geïntroduceerd die de bijbel zelf niet kent maar die we wel nodig hadden om de geloofsinhoud communiceerbaar te maken.
Binnen de gereformeerde traditie kennen we ook beginselen die historisch wel te begrijpen zijn, maar een indirecte of zelfs geen bijbelse basis hebben: onze opvatting over de kinderdoop, of een liturgische kwestie als "alleen psalmen zingen".

Sola scriptura: wat moeten we er mee ? Wat mij betreft: vasthouden en (weer opnieuw gaan) gebruiken, op een bescheiden manier. Er niet mee rondslaan, maar samen proberen te begrijpen wat God ons te zeggen heeft.


dinsdag 30 oktober 2018

The Justice Conference

Dat had ik niet verwacht toen ik me in april opgaf: van de 1800 bezoekers die afgelopen zaterdagochtend naar de Midden Nederland Hallen in Barneveld zijn gekomen, is driekwart jong-volwassen, twintigers en dertigers. Wie had het over gemakszucht en zelfgenoegzaamheid van de volgende generatie ? Weinig van te merken hier !
Er was meer dat me verraste. Ik had me nauwelijks voorbereid: een zaterdag-conferentie van Tear over gerechtigheid, goed om me te laten uitdagen. Ik ben onder de indruk gekomen van de kwaliteit van de sprekers en de professionele uitvoering van het programma; ruim vijftien TED Talks, afgewisseld met muziek en cabaret.


OK, wat is die Justice Conference precies? Uit de FAQ van de Justice Conference: The Justice Conference richt zich op iedereen die wil weten hoe je rechtvaardig samenleven in praktijk kunt brengen in je eigen omgeving. 
De conferentie wordt georganiseerd door de christelijke hulpverleningsorganisatie Tear. Hun mission statement is duidelijk: actief betrokken zijn bij een wereldwijde christelijke beweging van mensen die zich niet wil neerleggen bij armoede en onrecht. Deze beweging laat zich leiden door de oproep uit de Bijbel om niets anders dan recht te doen (Micha 6 vers 8).

Na een goed begeleide parkeeractie en een vlotte registratie konden we in de Exporuimte onze koffie halen en de stands van tientallen organisaties bezoeken. Daar zaten bekende organisaties tussen zoals Present, de Micha beweging, Umoja, Vluchtelingenwerk, en Schuldhulpmaatje, maar ook voor mij nieuwe initiatieven als het Museum of Humanity met prachtige foto's, de Vegan Church met allerlei vega hapjes, en 24-7 prayer met een gebeds-bestelbus.


Natuurlijk zijn er enkele TED Talks die me in het bijzonder hebben geraakt:

  • ICT ondernemer Jos Honing vertelt hoe de Justice Conference van 2016 hem raakte. Hij besloot in zijn eigen buurt de handen uit de mouwen te steken en een zieke moeder met drie jonge kinderen te gaan helpen. Met vallen en opstaan ontstond er vertrouwen tussen de beide gezinnen. Nu trekken ze regelmatig met elkaar op. Dit verhaal was een appèl op "gewoon beginnen"
  • De Griekse oud-testamentica Myrto Theocharous doet niet alleen bijbelonderzoek, maar is ook actief betrokken bij vluchtelingenwerk op de Griekse eilanden. Ze trekt een parallel tussen de heiligheid van de Ark en de heiligheid van elk mensenleven. God staat het niet toe dat het heilige behandeld wordt alsof het zomaar een object is.
  • Bart Brandsma is als filosoof geschoold en heeft zich uitvoerig verdiept in polarisatie. Nu traint hij o.a. burgermeesters, de politie, en managers in conflicthantering en depolarisatie. Hij heeft een overzichtelijk model waarin hij de hoofdrollen en de game changers behandelt. Boeiend en tegendraads.
  • Mpho Tutu, dochter van oud-aartsbisschop Tutu, vertelt over haar ervaringen gedurende de Apartheidsjaren in Zuid-Afrika, en hoe je als gemeenschap tot verzoening komt. Haar vader was voorzitter van de Truth and Reconciliation Commission die tot taak had om de begane wandaden te inventariseren en waar mogelijk de daders en de slachtoffers te ondersteunen 
  • Ben Tiggelaar helpt ons zoals altijd met een aantal praktische tips hoe we beter aan onze plannen kunnen werken. Iedereen kent het: je hebt een goed voornemen, maar er komt weinig van terecht, om allerlei redenen. Op basis van degelijk gedragsonderzoek heeft Ben in de loop der jaren een aanpak bedacht die hij uitlegt met het beeld van der ladder met drie sporten: het doel, het gedrag, en de support. We krijgen allemaal een exemplaar van zijn boek De Ladder mee zodat we thuis er mee aan de slag kunnen.
  • Tot slot is er Otto de Bruijne, "schrijver, kunstenaar, theatermaker". Als geen ander weet hij humor en diepe ernst samen te brengen in één performance. Als je 1800 mensen kunt laten schaterlachen, en even later twee minuten stil kunt laten wezen.... dat is knap. Samen met hem bidden we hardop het Onze Vader.

donderdag 18 oktober 2018

Najaarsretraite abdij Tongerlo

Hoe was het, zeker goed tot rust gekomen ? is de veel gestelde vraag wanneer ik weer terug ben na een abdijweek.
Zeker, die rust is er volop te vinden. Dat het mij om meer gaat dan rust alleen heb ik al eens eerder proberen te beschrijven, zie mijn verslag van twee jaren geleden.
Elke dag om kwart voor zeven zit ik in de koorbanken voor het ochtendgebed. Het geeft een rustig begin van de dag. Het zingen van de psalmen, het aanhoren van de lezingen, en de stiltemomenten maken dat je je kunt openstellen voor God. Ik raak steeds meer gehecht aan dat uur.
Na het ontbijt werk ik een paar uur, en dan is het al weer tijd voor de mis. Elke dag een avondmaalsviering, dat is een protestant niet gewend. Hier gebeurt het gewoon, ik doe er aan mee, en de goede gewoonte slijt in. Dat is ook de bedoeling, waardevolle dingen moet je je door veel oefenen eigen maken.
De middagen besteed ik aan wandelen en spelen op het magnifieke abdijorgel. Wat een juweel is dat ! Ik neem steeds een stapel orgelliteratuur mee en speel er uren vol. Bezoekers van de kerk blijven vaak even luisteren, orgel en fysieke ruimte vormen een gelukkige combinatie die ik zelden tegenkom.
Aan het eind van de middag zijn de vespers, gevolgd door het avondeten. De avond besteed ik weer aan enkele uren werk, en daarna is er een gezelligheidsmoment met een abdijbiertje voor de liefhebbers.

Elke week in de abdij heeft weer zijn eigen bijzondere dingen. Deze keer heb ik genoten van een huiskamerconcert van één van de gasten: de Japanse Miho Kurihara.


Ze had in de tafelgesprekken al verteld dat ze pianiste was. Ze was voor een tournee in Europa en verbleef ook een week in de abdij. Aan het eind van de week speelde ze een uur lang op de vleugel van de abdij, op een sfeervolle plek: één van de zoldervertrekken, met prachtig gebinte.
Het programma bevatte o.a. enkele Japanse composities. Die hadden een modern klankidioom - waar ik vaak van houd - en tegelijkertijd iets eigens, iets sprookjesachtigs, het deed me denken aan Ravel.

Met haar toestemming plaats ik een deel van een pianoconcert dat ze gaf in de Poolse ambassade. Het stuk is geschreven door de Japanse componiste  Minako Tokuyama en het heet Musica Nara. Uit de beschrijving:
Musica Nara the music of Nara, or the music of one's home. Nara was once Japan's ancient capital, where the dawns and dusks were greeted by the ringing of temple bells. Guided by the slight and fluttering flight of a butterfly from the past, ancient Nara is revived once again.
The tempo quickens as the piece progresses, and within the notes begin to dance the Guardian Deities of the Children, the busy Running Priest, the Laughing Buddha, the comical demon Obstinacy, and the brave Deva King, all summoned into the present. 
However, with the definitive strike of a great bell, the tempo suddenly returns to the original speed, and with one stroke time has returned to the past. 



maandag 3 april 2017

Voorjaarsretraite abdij Tongerlo

De afgelopen week ben ik weer in abdij Tongerlo geweest. Een retraite kan me soms diep raken, door een gesprek, door iets in de liturgie. Twee jaar geleden was ik er in de Paasweek, vanaf Tweede Paasdag ' s avonds. In die week zijn de vespers van een ongekende schoonheid: in processie lopen de broeders al zingend door de kerk. Het is prachtig om mee te maken en ik heb er zeer van genoten.

Het poortgebouw met gastenverblijven op de eerste verdieping
Deze retraite was veel "gewoner". En daar moet ik dan ook maar tevreden mee zijn. Ik herinner me opeens de vele gedachten die Etty Hillesum in haar boek  Het verstoorde leven wijdt aan dit fenomeen, dat zich ook in de liefde voordoet: je leeft niet steeds op hoogtepunten van ervaring. De liefde is vaak ook "rustig", of "gewoon". Ze gaat dan twijfelen aan haar gevoelens voor haar geliefde Julius Spier. Ze overwint dat door te accepteren dat het nu eenmaal zo gaat, dat het erbij hoort, en dat het de momenten van sterke verbondenheid of van passie des te waardevoller maakt.

In de omgang met God gaat het net zo. Een retraiteweek is niet als vanzelf een hoogtepunt van geloofservaring. Daarom houd ik me aan de dagelijkse routines van het abdijleven, want die creëren op verrassende wijze steeds weer momenten waar God dichterbij komt.

Ik krijg 's morgens vroeg steeds beter rust in me bij het ochtendgebed. De lange stilte na de eerste lezing vond ik de eerste jaren moeilijk te hanteren. De gedachten dwaalden alle kanten op. Het lukt me inmiddels veel beter om me te blijven richten op het bidden: het spreken met God zoals met een vriend. Voor ik het weet gaat de abt al weer staan en zetten we de volgende beurtzang in.

Een andere routine is het lezen van een opbouwend boek, een eye opener, dat je uitdaagt om dingen anders te gaan doen.
Ik heb niet altijd zo'n boek bij de hand, maar deze keer vond ik er een in de abdij-boekhandel. Ik was de titel al eens tegengekomen: The Jesuit Guide to (almost) everything. A spirituality for real life van de Amerikaanse Jezuïet James Martin.
Mijn eerste vermoeden dat dit een populair Amerikaans zelfhulp boekje is blijkt niet te kloppen. Het is een interessante en vlot geschreven kennismaking met de spiritualiteit die Ignatius van Loyola, de stichter van de Jezuïeten uitwerkte in zijn meest bekende werk de Geestelijke Oefeningen. Ik heb daar in mijn vorige blog over abdij Tongerlo al over geschreven. In de afgelopen wintermaanden heb ik het volgen van een stilteretraite in Gent niet langer overwogen. Dit boek daagt me opnieuw uit om mijn gebedsleven te verdiepen.
Ik wil dingen die mij geraakt hebben citeren. Allereerst enkele vragen waar Ignatius van Loyola antwoorden op probeerde te geven:
  • Hoe weet ik wat ik moet doen, en wie ik wil zijn  ?
  • Hoe maak ik goede keuzes ?
  • Hoe ga ik om met lijden, en hoe word ik gelukkig ?
  • Hoe kan ik bidden en hoe kan  ik God vinden ?
Nu, vijfhonderd jaren later, zijn deze vragen nog steeds ook onze vragen.
Om enigszins een beeld te krijgen van deze spirituality for real life noemt James Martin vier karakteristieken:
  1. God vinden in alle dingen. je leven bestaat niet uit compartimenten met ergens een vakje voor God. Hij wil deel uitmaken van je hele leven, met al zijn hoogte- en dieptepunten
  2. Bezinning en actie combineren. Leven met God betekent niet dat je je in een klooster moet opsluiten. Het zoeken van rust en vrede en fundament in je bestaan kan heel goed samengaan met een actief en aan medemensen toegewijd leven. 
  3. God zien in het geschapene: God is niet ver weg, in een onbereikbare hemel. Hij is overal om ons heen te bespeuren met onze zintuigen. Ooit was Hij zelfs lijfelijk bij ons
  4. Vrijheid en onthechting zoeken: we worden pas echt vrij en gelukkig als we niet langer gebonden zijn door onbelangrijke zaken
Het boek staat vol met levenswijsheid die je dichter bij God brengt, en het wordt op een aangename en verfrissende manier gepresenteerd.

maandag 13 maart 2017

Veertigdagentijd en topsport

Laat ik er maar geen doekjes om winden: het valt me niet mee om de Veertigdagentijd binnen te laten komen. Daar draait het natuurlijk wel om: zes weken van voorbereiding op het Paasfeest. Weken van versobering en concentratie op dat wonderlijke verhaal over de dood van Jezus.
Geen alcohol, geen versnaperingen hebben we ons weer voorgenomen in huize Dijkgraaf. En we houden ons er aan. Het kan ook echt niet zonder dit soort keuzes van ontzegging, en het maakt niet zoveel uit wat het dan is, zolang het je maar stilzet in je dagelijkse ritme, en tot luisteren brengt.

Maar het in acht nemen van je eigen gekozen stijl van vasten is geen garantie voor dat "gaan luisteren met het hart".  Ik merk dat dit jaar weer heel duidelijk, en ik weet ook wel waar het aan ligt: het hoofd zit te vol. Met mijn boeiende baan als informatiebeveiliger, met cloud security, met de CDA verkiezingscampagne, met muzikale voorbereidingen voor de zondagen, met steeds weer vollopende email-postvakken, thuis en op het werk,met tientallen klusjes die om aandacht vragen.
Moet ik dan maar zes weken naar de hei gaan ? Het zal zonder meer helpen, maar ik vind het een zelotenoplossing. Hert is moeilijker, maar ook waardevoller om de komende weken die rust te veroveren door de agenda wat schoner te poetsen (gaat lukken vanaf week 4) en het hoofd leger te maken.
En tijd te nemen om te luisteren met het hart. Misschien hoor ik de stem van God dan wel. In de dagelijkse bijbeltekst van Ignatiaans bidden, want daar wil ik het zoeken en nergens anders. Want hoe vaker ik deze weken meemaak en het Paasfeest vier, hoe groter wordt mijn verbazing en mijn vreugde over dit verhaal van Jezus, gedood en opgewekt uit het graf, Redder en Heer.

De afgelopen maanden heb ik regelmatig een paar bladzijden uit de Navolging van Christus van Thomas à Kempis gelezen. Eén van de meest gelezen christelijke boeken uit de geschiedenis. Het valt me op hoe hij met een ongekende radicaliteit zijn doel van dichterbij God komen najaagt. Het beheersen van de lichamelijke behoeften speelt een belangrijke rol. Voor sex is natuurlijk geen enkele plaats: Thomas à Kempis is priester. Maar ook de behoefte aan eten en drinken, aan warmte en rust, alles wordt naan banden gelegd.
Bij Ignatius de Loyola vind je in de Geestelijke Oefeningen dezelfde adviezen. Eerlijk is eerlijk: soms denk ik bij het lezen: niet van deze tijd.
Sharon van Rouwendaal wint de 10 km zwemmen in open water
Totdat ik me de verslagen en de interviews herinnerde van onze jonge olympische helden en heldinnen. Ze hebben zich volledig toegewijd aan hun doel: het leveren van die ultieme sportprestatie die hun olympisch goud zal gaan opleveren. Ze zonderen zich af, trainen uren en uren per dag, onderwerpen zich aan strenge diëten, laten de alcohol staan, en hebben geen tijd voor het onderhouden van sociale contacten. Ik heb het even opgezocht: hier zie je de laatste minuten van de 10 km zwemmen in open water gewonnen door Sharon van Rouwendaal. Drie jaren lang had ze op haast onmenselijke wijze getraind in het Franse Narbonne. Dagelijks beulde ze zich af, alleen, en ver weg van familie en vrienden. En toen won ze de gouden medaille.

De Veertigdagentijd: misschien ook wel topsport.

donderdag 22 december 2016

Kijken of niet kijken, de arena en TWD

Ik kijk graag naar tv-series. Ik kan me er  heerlijk bij ontspannen, het is als het lezen van een goed boek. Nu geef ik hier mee te kennen dat er wat mij betreft ook slechte boeken en dus ook slechte tv-series. Die lees ik niet en ik kijk er niet naar.

Onlangs waren collega's in gesprek over The Walking Dead, afgekort tot TWD, een zeer populaire en veel geprezen horror tv serie. Ze waren zeer te spreken over de wijze waarop de menselijke reacties op het leven in een apocalyptische wereld onder de voortdurende bedreiging van zombies was verbeeld. De vele in elkaar geslagen hoofden zag je na enige tijd niet meer, dus dat viel wel mee.

Arena scene uit de film Gladiator
Ik heb nooit horror films bekeken, maar ben altijd bereid om me te laten overtuigen dat ik daarmee iets mis. Maar voordat ik de proef op de som neem doe ik wel eerst wat voorbereidend onderzoek: ik lees de recenties na, en let in het  bijzonder op de besprekingen in de christelijke pers.

Ik ontdek dat het begin van het lopende seizoen 7 voor veel reuring heeft gezorgd in de VS. In aflevering 1 worden twee personen door zombie Negan met een met prikkeldraad omwonden honkbalknuppel tot bloederige pulp geslagen. Veel Amerikanen klagen over het extreme geweld. Een recensent spreekt van de meest gewelddadige scene die ooit op tv is getoond, en de filmcrew meldt dat ze twee weken nodig hadden om mentaal bij te komen van deze verbeelding van de donkere diepte waarin we terecht kunnen komen.

Toen ik dit aan de keukentafel vertelde ontstond er een interessant gesprek over waar je grenzen liggen. De mijne zijn eerder bereikt dan die van mijn zonen.
Ik vroeg hun of ze, wanneer ze in het oude Rome zouden hebben geleefd, ook naar de Spelen in het Colosseum zouden zijn gegaan. Elke dag bloederig vermaak: wilde dieren die elkander verscheuren, executies van misdadigers, christenen die worden omgebracht, en als finale de bloederige gevechten tussen de gladiatoren.

De vraag "Kijken of niet kijken" leidde in het oude Rome ook al tot verhitte debatten.De filosoof Seneca keurde het bijwonen van de Spelen af, hij vond de moordpartijen mensonwaardig. De Kerkvaders namen een soortgelijk standpunt in , maar hadden wel degelijk te maken met christenen die wèl naar de Spelen gingen. Tertullianus, Cyprianus, en later Augustinus ontraadden het bijwonen van de Spelen vanwege de godenverering en het amorele karakter van de moordpartijen.

Er is weinig veranderd: AD 2016 wordt er door christenen gediscussieerd of je wel of niet naar TWD kunt kijken.  De één vindt dat de serie laat zien hoe mensen hoop blijven houden zelfs in de meest gruwelijke omstandigheden, de ander is van mening dat TWD puur en gewelddadig nihilisme is.

Ik heb mijn keus gemaakt: Ik ga niet kijken.
Dat heeft allereerst te maken met wie ik wil zijn: een christen die groeit in het kennen van God en het volgen van Jezus. Naar TWD kijken zal mijn hoofd vullen met beelden en gedachten vol extreem geweld. Die raak ik n iet zomaar weer kwijt, en dat zal me belemmeren  om afgestemd te zijn op mijn missie. Niet doen dus.
Is mijn keus daarmee puur individueel, zijn er geen regels die we met elkander kunnen afspreken ? Vaak zet dat geen zoden aan de dijk. Maar "een goed gesprek aan de keukentafel" is natuurlijk altijd mogelijk. We kunnen elkaar dan stevig bevragen over onze keuzes en duidelijk uitleggen waarom we iets doen of juist nalaten.

woensdag 14 december 2016

Bonhoeffer avond

Wat ga je doen als je een Bonhoeffer avond organiseert ? Dat wordt natuurlijk bepaald door de deelnemers, in dit geval een gemêleerde groep van de kerk in Oene. Afgelopen vrijdagavond zaten we in onze huiskamer bij elkaar, in een kring rond het beeldscherm, met zijn achten.
Ik had ervoor gekozen om gewoon maar te gaan vertellen aan de hand van plaatjes: over de jeugdjaren van Bonhoeffer, het gezin waarin hij opgroeide, zijn studie en zijn buitenlandse reizen, de Kirchenkampf en de predikantenopleiding, en tot slot zijn rol in het verzet, dat tot zijn gevangenschap en uiteindelijk tot zijn dood leidde.
Maria von Wedemeyer en Dietrich Bonhoeffer
Een geslaagde avond, zo vond iedereen. Terugkijkend denk ik dat het toch beter is om het verhaal helemaal uit te schrijven en vooraf hardop te oefenen. Daarmee kun je je het beste inleven in de persoon waarover je vertelt. En daarnaast heb ik vaak gemerkt dat je dan ook het meest vrij bent om in je vertelling extra dingen te doen.

Enkele dagen voor de Bonhoefferavond dacht ik na over mijn doel voor deze avond. Dat is niet ingewikkeld: ik denk dat het de moeite waard is om meer te weten van iemand die iets te zeggen heeft. Een goed voorbeeld doet goed volgen. En van Bonhoeffer valt veel te leren. Als een groep de diepte in zou willen kun je aan elk boek van hem wel een avond besteden.
Deze avond was bedoeld om Bonhoeffer als persoon te presenteren en dan vooral te letten op zijn radicale wijze van christen zijn. Wat kunnen wij daar van leren ?

Ik ben zelf geraakt door zijn gedachten over het religieloze christendom, te vinden in Verzet en Overgave vanaf 30 april 1944.
Het kost enige moeite om te begrijpen wat Bonhoeffer bedoelt met dit ogenschijnlijk paradoxale begrippenpaar. Hij bedoelt zeker niet een opgaan van het christendom in samernleving en cultuur. Daarvoor was hij tot op het laatst een te markant en uitgesproken christen. Het was hem te doen om afscheid te nemen van een bepaalde gestalte van het christendom. Die gestalte noemt hij "religie" en al vanaf zijn theologische studie zet hij zich er tegen af. Het is de christelijke cultuur van zijn dagen, in Duitsland, die krachteloos blijkt te zijn en geen noemenswaardig verzet biedt tegen de demonische nazi overheid. Het is een geloof dat geen persoonlijke keus en geen persoonlijke toewijding kent, en niet weet van lijden of van offers brengen. Bonhoeffer ziet dat deze "religie" uit de harten van de gelovigen verdampt en dat er geen nieuwe gestalte van christen-zijn voor in de plaats komt. Daar vraagt hij naar, daar zoekt hij naar: wie is God, en wie is Christus voor de mondig geworden mens ?

Dr. Wim Dekker heeft in zijn prachtige boek Tegendraads en bij de tijd  veel nagedacht over Bonhoeffer en zijn  betekenis voor de gereformeerde gezindte. Een indringende studie die de vragen over de secularisatie scherp verwoordt.  Pasklare antwoorden heeft ook Wim Dekker niet. Bonhoeffer zelf zegt: Unser Christsein wird heute nur in zweierlei bestehen: im Beten und im Tun des Gerechten unter den Menschen. Dat is genoeg for a lifetime.

woensdag 9 november 2016

Najaarsretraite in Abdij Tongerlo

De eerste week van november ben ik in Abdij Tongerlo geweest. Ik rijd er graag op zondagavond naar toe. De rust van de zondag gaat mee tijdens de reis, en ontspannen kom ik dan aan. Deze keer ben ik wel benieuwd: Hoe zou het met gastenpater Ivo zijn, de vorige keer was het helemaal mis door zijn nieuwe heup ? Ik word ontvangen door pater Pablo, en die vertelt dat het nog niet goed beteren wil met pater Ivo, jammer.
Ik weet de weg, en loop door de lange en koude gangen naar mijn kamer. Donker is het ook: er moet op de kleintjes worden gelet, en de verlichting in de gangen staat merendeels uit.
Na mijn koffer te hebben uitgepakt loop ik naar de gastenkamer: het trefpunt voor de gasten voor de laatste uren van de dag. Ik beland in een geanimeerd gesprek met enkele jonge Vlamingen. We drinken "een paar pintjes" van het Tongerlose abdijbier, en voor ik het weet is het twaalf uur. Dat overkomt me hier wel vaker: In de gastenkamer ontstaan 's avonds de beste gesprekken, van hart tot hart. De meeste gasten komen toch welbewust naar de abdij, zoeken er rust, onthaasting, en gastvrijheid. En dan kan het ook maar zo gebeuren dat we al pratend bij God en geloven uitkomen. En of je dan Nederlander bent of Vlaming, katholiek of protestant, het maakt niet meer uit: dezelfde vragen en verlangens leven in ieders hart.

De abdijkerk met op de voorgrond de tiendschuur
Ah, een abdij, lekker tot rust komen zeker! zeggen de meeste mensen tegen me. Dat is zeker de bijvangst van deze dagen. Maar het wordt steeds duidelijker voor me wat ik hier zoek: beter leren bidden. En als ik dat zeg bedoel ik niet het me eigen maken van een bepaalde methode. Dat is veel te instrumenteel gedacht. Bidden is leren luisteren naar Gods stem, en daarop antwoorden. En dat luisteren naar Gods stem is een vaardigheid die verwant is met het luisteren naar de stem van je geliefde, wat die je te zeggen heeft. Stilte is van belang, rust van binnen, ontvankelijkheid. De malende gedachten moeten tot rust komen. Ik vind het allemaal heel moeilijk, maar ik ontdek wel dat het helpt om met vaste regelmaat een week in de koorbanken te zitten.
Het ochtendgebed duurt een uur. Halverwege, na de lezingen, is er een lange stilte. Dan zitten we daar in die kerk met ruim twintig mensen, in diep zwijgen. Ik overdenk de gelezen tekst, of bid mijn ochtendgebeden zachtjes van binnen.  We zingen de psalmenteksten, en soms is er een zin die raakt. We eindigen met het Benedictus, de Lofzang van Zacharias, en daarna staat het ontbijt voor ons klaar en beginnen de werkzame uren van de dag.

Het koor van de abdijkerk, het middenschip achter het altaar
Op dinsdag is het Allerheiligen, in België een gedenkdag, waarop iedereen vrij heeft. Er zijn veel mensen naar de eucharistieviering gekomen. De mis is extra feestelijk, met veel wierook. Ik geniet er van: het spel van de liturgie is in een mis veel rijker dan in de gemiddelde protestantse dienst. De geur van de wierook, de kleuren van de priestergewaden, en vooral wat er gesproken en gezongen wordt: ik vind het prachtig.
Sommige dingen kan ik niet goed meemaken. De notie van brood en wijn als gaven van de Kerk is me vreemd, en ik denk niet dat dat veranderen zal. Brood en wijn zijn tekenen van Gods liefde voor ons, ze verwijzen naar onze Heer Jezus die onze zonden verzoend heeft aan het kruis. Ook dat wordt wel genoemd in de mis, maar  het heeft toch niet die unieke plaats die het in een protestantse avondmaalsviering heeft.

Ik ga hier dagelijks ter communie. Dat doe ik niet luchthartig in de trant van "dat moet toch kunnen ?". Katholieken hebben een andere opvatting over de aanwezigheid van de Heer in brood en wijn. Mijn ervaring is dat veel katholieken nauwelijks nadenken over de diepere betekenis van die aanwezigheid. En veel protestanten zijn er ook nauwelijks mee vertrouwd omdat onze traditie een sterk Zwingliaanse inslag heeft: het avondmaal als gedachtenismaaltijd. Orthodoxe protestanten voegen daar een sterke nadruk op heilszekerheid aan toe, maar hebben vaak ook weinig bevinding van de aanwezigheid van de Heer in de tekenen van brood en wijn.  Ik vind het een vertroostende notie: Hij is er, nu, in dit brood en deze wijn. Calvijn heeft er prachtige dingen over geschreven en zijn pneumatologische duiding van de aanwezigheid ligt veel dichter bij de katholieke interpretatie dan bij die van Zwingli of Luther. Christus is in de tekenen waarlijk aanwezig, niet in de zin van een transsubstantiatie, maar door de kracht van de Geest. In dit artikel staan er mooie dingen over, je moet er wel goed voor gaan zitten.

De ramen in het koor, gezien vanaf de orgelbank
Op donderdag rijd ik naar de Oude Abdij in Drongen, bij Gent. Ik heb een afspraak met Wauthier de Mahieu, jezuïet, en betrokken bij de stilteretraites rond de Geestelijke Oefeningen van Ignatius de Loyola die je in de Oude Abdij in  Drongen kunt volgen. Al enkele jaren komt de vraag bij me terug of het volgen van de Geestelijke Oefeningen niet een volgende stap is die ik moet gaan zetten. In september, toen ik in West Vlaanderen op vakantie was, ben ik op een informatieavond over de Geestelijke Oefeningen geweest en heb daar toen (te) kort met Wauthier de Mahieu gesproken. Beiden vonden we een nadere kennismaking nuttig.
Het is goed om de plek eens te zien. De abdij is groot, en in slechtere staat van onderhoud dan in Tongerlo. Er is geen abdijgemeenschap en dus zijn er ook geen getijden of vieringen. Overdag en 's avonds zijn er cursisten en Wauthier de Mahieu en nog een tweede jezuïet zijn verder de enige vaste bewoners van het complex.
Hij ontvang me hartelijk en in zijn enorme studeerkamer hebben we een gesprek van ruim een uur. Hij is een geconcentreerd luisteraar, en weet met een enkele korte vraag of opmerking bij belangrijke zaken te komen. Ik wil graag dat hij mijn begeleider wordt  - de Geestelijke Oefeningen doe je altijd onder begeleiding - en hij wil dat zeker doen. Maar of ik aan een achtdaagse stilteretraite moet gaan beginnen op deze plek weet ik nog niet goed, ik zie er tegenop.

De speeltafel van het 4-klaviers Klaisorgel
Op maandagmiddag help ik met het stemmen van de tongwerken. De organist zit tussen de pijpen om te stemmen, en ik sla de toetsen aan op de speeltafel. Een karwei dat de hele middag in beslag neemt. Het  is de moeite waard: het volle werk klinkt weer fantastisch, en de trompet en de bazuin in het pedaal geven een fundament aan de klank waar je koude rillingen van krijgt.
Ik speel graag op dit orgel, elke middag ben ik een paar uur aan het studeren. Of het nou een zacht register of het volle werk is, het klinkt  steeds weer zo mooi. Ik ken geen kerk waar orgel en ruimte zo harmonieus samengaan. De vele binnenlopende bezoekers horen dat ook: veel mensen gaan eventjes zitten om te luisteren.