maandag 19 maart 2012

EU-Veluwnaar

Waarom zeuren mensen toch zo over Europa ? Daar willen ze niet bij horen, want het kost ons alleen maar geld, en we verliezen ook nog onze zelfstandigheid.
En dan vergeten we gewoon maar even hoe dat in Nederland zit. Ik ben een Veluwnaar, en geen Fries. Ik ben gehecht aan mijn geboortestreek, ik heb er veel familie en vrienden wonen. Dat heb ik niet met Friesland.  Maar er komt natuurlijk geen moment de gedachte in me op om Friesland los te spitten en de zee in te laten drijven, zoals vorig jaar een grappenmaker voorstelde in een Facebook-evenement dat in een paar dagen tijds razend populair werd.


Ik weet het, dit is een flauwe analogie-redenering. Maar in de zestiende eeuw lag dit anders: De éénwording van de Verenigde Provinciën in 1588, aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog, had heel wat voeten in de aarde. De vrijheidsgezindheid van de verschillende provincies, steden, kwartieren, en gewesten was groot, en een Zeeuw en een Fries voelden zich geen Nederlanders. Er waren dringende redenen van economische en militair-politieke aard die zwaarder wogen dan het welbegrepen eigenbelang. En daarom kreeg de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden stap voor stap vorm, vaak met een pragmatische aanpak van de leiders van toen.

Bij de éénwording van Nederland speelden vrijheid van godsdienst en daarmee vrijheid van het Spaanse juk onder koning Filips II een belangrijk rol.
De oprichters van de voorlopers van de EU hadden een soortgelijk ideaal:  Ze wilden door het aaneensmeden van de economieën van de Europese landen bewerkstelligen dat er geen oorlog meer zou kunnen ontstaan. Daarom werden in 1951 de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en in 1975 de Europese Economische Gemeenschap opgericht. Dat streven is steeds een belangrijke motor geweest in de ontwikkeling van de EU.
In Buitenhof van zondag 4 werd Herman van Rompuy, voorzitter van de Raad van Europa, een uur lang geïnterviewd. Hij bracht dit zelfde ideaal ook meerdere malen naar voren: De EU heeft ons vrede en welvaart gebracht.

En hoe zit het dan met dat geld, waarom zouden we netto-betalers willen zijn, we betalen toch netto 150 euro per hoofd van de bevolking ? Dat klopt, maar dat is maar een deel van het verhaal. Wanneer ook gekeken wordt naar de groei van het BBP (bruto binnenlands produkt) ten gevolge van de interne markt van de EU - Nederland profiteert hier als handeldrijvende en exporterende natie enorm van - dan ziet het plaatje er anders uit: die groei levert ons een kleine 2000 euro per hoofd van de bevolking op, zie b.v. hier en hier.
Ook het verlies van zelfstandigheid is maar ten dele aan de EU en aan Brussel te wijten. De omarming van een wel heel liberale vorm van kapitalisme heeft gezorgd voor een concentratie van economische macht bij het internationale bedrijfsleven. En daar beslissen economische warlords zonder enige vorm van democratische checks and balances over ons wel en wee.

Ik ben een EU-Veluwnaar, dat zal duidelijk zijn. Vraag me niet of ik een warm hart heb voor Europa, want dat heb ik niet zo sterk. Maar vertel me niet dat we er beter mee kunnen stoppen, want dat lijkt me kortzichtig, bekrompen, en oliedom.

zaterdag 10 maart 2012

Boek: De verdovers - Anna Enquist

De nieuwe roman van Anna Enquist ligt in het boekenmandje, en hij leest als een trein. Boeiend tot de laatste bladzijden, met vaart geschreven, door iemand die wat mij betreft de kunst van het schrijven verstaat. Een doktersroman, jazeker, maar niet in de gebruikelijke betekenis van stuiverromannetje.


 Anna Enquist was een aantal maanden te gast in het VUMC. Ze  vertelt achterin het boek het volgende:
In mijn eigen vak, de psychoanalyse, gaan we ervan uit dat het voor de patiënt in de meeste gevallen heilzaam is te voelen wat er in hem of haar omgaat. Daartoe moet de weerstand tegen het verborgen gevoel worden bewerkt en opgeheven. Als het gevoel werkelijk beleefd mag worden komt het tot rust en verdwijnen de symptomen.
De anesthesist beschermt zijn patiënt juist tegen het voelen en acht zijn werk geslaagd als de patiënt totaal geen weet heeft van de pijn die hem tijdens de ingreep wordt aangedaan. Deze tegenstelling fascineerde mij al jaren.

De hoofdpersonen in de roman zijn psychotherapeut Diederik (Drik) de Jong, zijn zus Suzan, zwager Peter, en dochter Roos, en de nieuwe patiënt van Drik: Allard Schuurman.
Drik probeert zijn  normale leven weer op te pakken na het overlijden van zijn vrouw Hanna. Hij begint zijn praktijk met één nieuwe patiënt: Allard Schuurman, student psychiatrie, die als onderdeel van zijn opleiding een leertherapie moet doen. Het wordt een moeizaam traject: Drik krijgt geen vat op zijn patiënt.
Zijn zus Suzan is een succesvolle anesthesiste. Ze verschilt sterk in karakter van haar broer: ze is voortvarend en doortastend, geniet van haar vak, en is er bedreven in. Eigenlijk gaat haar leven op rolletjes, haar enige twijfel is de relatie met haar dochter Roos, die is moeizaam. Dat wordt ingewikkelder als ze ontdekt dat haar dochter een vriendje heeft. Suzan wil daar graag over praten, maar weet geen ingang te vinden.
Drik komt veel bij zijn zuster en zwager Peter, die evenals hij psychiater is en geschoold in de psychoanalyse.
Op zeker  moment ontdekt Drik dat zijn patiënt Allard niet langer psychiatrie studeert, maar is overgestapt naar de studierichting anesthesiologie. Hij is terecht gekomen bij de vakgroep waar ook Suzan werkt. Drik vraagt zich af of hij de therapiesessies moet beëindigen vanwege deze verstrengeling van zijn privé en zijn beroepsmatige relaties, maar hij besluit om door te gaan. Een fatale fout.....
Ogenschijnlijk kleine gebeurtenissen en foute keuzes leiden tot een ingewikkeld kluwen van onoplosbare  problemen. Eenmaal hier aangekomen lees je het boek zo snel mogelijk uit om te weten hoe het afloopt.

Het boek geeft een heel indringend beeld van de hektiek op de operatiekamer, en wat dat doet met de medische specialisten. Anna Enquist weet dat heel knap te beschrijven.
Ze doet dat ook bij het werk van Drik. Dat  roept bij mij echter irritatie op: wat een voortdurend gepeuter in je eigen en andermans psyche, vermoeiend zeg.

Ik heb één belangrijke kortsluiting met het boek, en dat had ik ook met een eerdere roman van haar die ik jaren geleden las: Ik vind het zo "innerlijk koud " in die twee boeken. De mensen leven er hun leven, en met een beetje geluk gaat het hen wel, maar vaker treft hen het ongeluk. Door blind toeval, of door kleine oorzaken met grote gevolgen, zoals in deze roman. De laatste regels van het boek verwoorden die godverlaten kou indringend:
Glimlachend gaat Suzan naast Hettie zitten. Straks zal ze een man in slaap brengen, zo diep dat hij er geen weet van heeft dat de neurochirurg zijn schedel openzaagt. Ze zal zorgen dat hij geen pijn heeft, maar op het hoogtepunt van de procedure zal ze de toevoer van het slaapmiddel moeten stopzetten en de man langzaam bij bewustzijn laten komen. Traag zal hij uit de verdoving omhoog zwemmen en bovenkomen in een onbegrijpelijke, gruwelijke wereld.  

zaterdag 3 maart 2012

Moestuin - februari 2012

In februari zwaai ik de winter uit en begin weer in de tuin. Dit jaar hebben we begin februari nog een prachtige vorstperiode gehad, maar daarna was het gedaan met de winter. Aan de slag dus !

Kalken
Enkele jaren geleden heb ik grondmonsters laten analyseren. Het bleek dat de pH veel te laag was, de grond was veel te zuur. Sindsdien heb ik in elk vroege voorjaar een flinke portie kalkkorrels uitgestrooid. Maar hoeveel dat geholpen heeft weet ik niet precies. De prei blijft altijd heel ielig, maar de courgettes blijven maar doorgroeien. Heeft dat misschien met de zuurgraad te maken ?  
Gelukkig zag ik bij de Welkoop iets handigs: een kartonnen strookje met een kleurcodering, om de zuurgraad te meten. Proberen natuurlijk. Ik mix aarde en water in een potje, laat het strookje 3 minuten weken, en tsjek de uitkomst: ruim 5, te zuur dus.

het pH-strookje net niet goed te zien....
Snoeien 
In februari ga ik de fruitbomen, de frambozen- en de bramenstuiken, en de bessenstruiken snoeien. Ik heb maar een beperkte kennis van zaken op dit terrein, maar die probeer ik zo goed mogelijk toe te passen. Ik hanteer de volgende snoeiregels:
  • letten op de "architectuur" van de struik of de boom: zijn de hoofdtakken goed herkenbaar en ruimtelijk mooi verdeeld
  • het midden van de boom of de struik mag niet dichtgroeien. Ik snoei bijna alles weg wat naar binnen groeit
  • Alle takken die naar beneden groeien haal ik weg
  • Als takken kruisen haal ik er eentje weg
  • Bij de struiken laat ik elk jaar enkele jonge loten onderaan staan, zodat die wellicht een oude hoofdtak kunnen gaan vervangen. Zo'n oude hoofdtak haal ik dan volledig weg
  • Waterloten haal ik zoveel mogelijk weg
  • Nieuwe takken snoei ik terug tot 3 - 4 knoppen
  • Bij de frambozen hou ik rekening met een 2-jaren cyclus: takken van 2 jaar oud gaan helemaal weg, nieuwe takken worden gehalveerd
  • Bij de bramen weet ik het niet goed: hebben die ook een 2-jaren cyclus ?
Vorig jaar had ik heel rigoreus gesnoeid waardoor er te weinig nieuwe takken overgebleven waren. Dat vonden de fruitbomen niet prettig: weinig fruit, en heel veel takkengroei. Dit jaar heb ik veel meer jonge takken laten staan, eens kijken wat dat oplevert. 

Gesnoeide zwarte bes
Spitten en mesten
Ja, daarmee begint het natuurlijk. Ik gebruik veel biologische mest, maar ook nog wel wat kunstmest. Zo langzamerhand raak ik meer geïnteresseerd in de biologische teelt en het hergebruik van organisch afval.
Ik spit de tuin om met een voor van één spade diep. Die wordt steeds gevuld met mest, en dan wordt de aarde van de nieuwe voor bovenop de mest in de andere voor gebracht.
Rugpijn ? Nou, valt dik mee, een paar dagen wat spierpijn. Ik heb ook maar 60 m2, en die spit ik op twee à drie verschillende dagen om.

De moestuin naast de boerderij
Tuinbonen
Die moet ik wel even noemen. Sinds vorig jaar probeer ik de tuinbonen zo vroeg mogelijk te poten Ik las ergens wie tuinbonen wil eten moet februari niet vergeten. Het idee er achter is dat je de luis voorblijft. Die verschijnt in juni ten tonele, en als de tuinbonen dan al flink ver in hun groeiperiode zijn heb je minder last van die zwarte diertjes. Vorig jaar had ik de tuinbonen laten voorkiemen in de kas, en ze daarna als kleine plantjes gepoot in de moestuin. Dat werd geen succes want ze begonnen gewoon opnieuw te kiemen. Ik kreeg dus twee plantjes per boon, en was mijn tijdsvoorsprong kwijt. In ieder geval waren de luizen blij. Dit jaar heb ik de tuinbonen eind februari meteen in de koude grond gepoot.

Gesnoeide appelbomen en pruimeboom

zaterdag 25 februari 2012

Stof ben je

Prachtige foto in Trouw deze week: donkere tinten, een enkele heldere kleur, een biddende vrouw met een askruisje op haar voorhoofd. Waarschijnlijk heeft een priester gezegd Bedenk dat je stof bent, en tot stof zult weerkeren. Bekeer je en geloof het Evangelie. Ik ben niet vertrouwd met dit ritueel, maar ga het wel steeds mooier vinden. En sommige dingen moet je gewoon gaan (na)doen om het een plaats in je leven te geven. De dominee maar eens vragen wat we volgend jaar in Oene kunnen doen ?

Een vrouw in Guatemala-Stad viert Aswoensdag      Foto © EPA
Deze week is de vastentijd begonnen, aswoensdag is de aftrap van de veertig dagen van bezinning en inkeer voorafgaand aan het Paasfeest.  De Katholieke Charismatische Vernieuwing (KCV) heeft een inhoudelijk prima site over de de veertigdagtijd. Ze verwoorden heel mooi de intentie van de veertigdagentijd, beter kan ik  het niet opschrijven:
In deze Veertigdagentijd stelt God ons één centrale vraag: “Waar staat uw leven in vergelijking tot waar Ik het hebben wil?” Eeuwenlang hebben grote heiligen — net zo goed als gewone christenen — laten zien dat lichamelijke onthouding, in evenwicht gehouden door meer aandacht voor het geestelijk leven, een van de beste manieren is om op deze vraag antwoord te geven. Als we meer tijd doorbrengen met God en minder met de aangename kanten van het leven dan zullen ook wij Gods stem horen en erachter komen wat Hij van ons wil. Ook wij zullen de zegeningen in bezit nemen die Jezus ons door zijn kruis al heeft gegeven.

Ik ga de komende weken weer de soberheid en de rust zoeken. Vorig jaar lukte het allemaal niet zo, had er geen zin in en kreeg het niet aan de gang. Ik heb daardoor wel ondervonden dat je het allemaal niet "in de hand hebt". Natuurlijk moet je het zelf willen en doen, maar tegelijkertijd is het ook het ontvangen van iets dat  je niet afdwingt door jouw houding of inzet.
Ik vind het bemoedigend hoe links en rechts christenen weer gaan vasten in deze weken. Zeker als dat de jongeren zijn, die creatieve manieren van soberheid weten te kiezen: Facebook-vasten, of duurzaam   vasten met de scheurkalender van Tear. Ik houd het bij het versoberen van mijn eet- en drinkpatroon: de kurk gaat stevig op de fles, en ik sla eens een dag eten over. Wat je doet is secundair, het gaat erom dat je je toewijdt aan God door je luxe levensstijl in te perken en je aandacht te richten op Hem.

Zoals hierboven al vermeldt heeft de KCV een inhoudelijk goede site over de veertigdagentijd.  Lees bijvoorbeeld dit oerbijbelse artikel eens over de betekenis van de veertigdagentijd en het Paasfeest. Verder hebben ze een volledig uitgeschreven leesrooster geplaatst dat je deze weken gebruiken kunt.

Een paar andere nuttige links:

vrijdag 17 februari 2012

Zonnepark - 1

De trendrede is bij me blijven hangen: de burger van stavast, die samen met anderen aan de slag gaat, lokaal, op basis van vertrouwen, en niet gaat zitten wachten op een overheid die het ook niet lijkt te weten. Maar hoe kunnen we dat in Oene inhoud geven?
In het weekend schoot me een toepassing in gedachten: lokale energie-opwekking met zonnepanelen. Ik heb er vorig jaar een blog aan gewijd, die ging over het terugverdienmodel van particulier aangeschafte zonnepanelen.
Maar kun je zoiets ook bundelen, en is dat dan aantrekkelijk ? Ik ben eens wat gaan rondsnuffelen, met een aantal interessante resultaten.

Solarpark Azewijn
  •  GJ stuurde me deze link naar een Engelstalig rapport Re-energizing our communities: Transforming the energy market through local energy production.  Het is een lezenswaardig verslag van de ontwikkelingen in GB. De focus ligt vooral op het belang van community markets voor het creëren van local trust economies gebaseerd op vertrouwen dat plaatselijk aanwezig is bij ondernemers, de lokale overheid, en burgers. Er worden diverse voorbeelden hiervan genoemd, vaak wind-energie projecten op afgelegen Schotse eilanden. Maar ook staat een solar park in Midden Engeland in de startblokken. En als dat in Engeland rendabel is, moet het ook mogelijk zijn in Nederland.
  • In het Zuid-Duitse Schönau hebben burgers eind jaren '90 het lokale energienet gekocht en Elektrizitäts Werke Schönau opgericht. . Er wordt groene stroom opgewekt. Inmiddels wordt aan ruim 100.000 klanten over geheel Duitsland stroom geleverd, gegarandeerd atomstromlos. Ook hier is een sterk burgerinitiatief het begin geweest van een succesvol opererend groene energiebedrijf.
  • In Nederland zijn er meerdere plannen om solar parks te gaan bouwen. In de Achterhoek wordt op een voormalig vuilstortterrein solarpark Azewijn gebouwd. Het terrein is 13 ha. groot en gaat zonnestroom leveren voor ruim 500 huishoudens.
  • In de Trouw van maandag13 februari staat een interessant artikel over subsidieloos natuurbeheer. De schrijvers zeggen dat een constructie die in de Middeleeuwen al werd toegepast voor landbeheer, de zogenaamde Heerlijcke rechten, ook nu heel goed kan worden gebruikt. Het werkt in het kort als volgt: een landeigenaar, b.v. de provincie, verleent aan een coöperatie of vereniging de rechten om een stuk natuur voor langere tijd, denk aan twintig jaren, te beheren en economisch te benutten. Natuurlijk staan er plichten tegenover, en die gaan vooral over natuurbeheer en -behoud. Als voorbeeld wordt de samenwerking tussen de provincie Noord-Holland en waterleidingbedrijf PWN genoemd: De provincie is eigenaar van een aantal  duingebieden. PWN heeft het recht om die te gebruiken voor het filteren van IJsselmeerwater. In ruil daarvoor moet PWN het natuurbeheer uitvoeren, en recreatieve voorzieningen bieden in het gebied. Een solarpark gecombineerd met natuurbeheer is misschien wel een toekomstige toepassing.....

maandag 13 februari 2012

Boek: Where mortals dwell - C.G. Bartholomew

De subtitel van dit boek luidt: A Christian View of Place for Today. Dit boek gaat over placemaking. Alle aandacht is gericht op de aarde en de grond. Het gaat over het dorp waar je geboren bent, de zorg voor het platteland, ecologie, en duurzaamheid.
De kernvraag die aan de orde wordt gesteld is: Hoe gaan we als christenen om met de aarde en met grond, hebben we een opdracht, en zo ja hoe luidt die dan  precies ? In de protestantse traditie kennen we dat als de cultuuropdracht, en dan toegespitst op de aarde.


Dit is een heel uitgebreid en erudiet boek, waarin veel met diepgang wordt behandeld. Het is een fundamenteel boek omdat het heel grondig het basisbegrip placemaking uitdiept.
Het biedt stof tot nadenken voor specialisten in allerlei disciplines die vanuit een christelijke inspiratie hun vak willen beoefenen. Theologen, landbouwkundigen, specialisten in ruimtelijke ordening kunnen met dit boek aan de slag. Het boek is verdeeld in drie delen:
  1. een bijbels-theologisch overzicht van het plaatsbegrip
  2. een overzicht van het denken over plaats in de Westerse filosofie
  3. toepassingen op b.v. de stedenbouw, huis- en tuininrichting, en ecologie.
Met name de delen 2 en 3 heb ik met veel plezier en aandacht gelezen. Nooit geweten dat er zoveel is te zeggen over plaats. Deel 3 is verhoudingsgewijs kort en het minst uitgewerkt. Dat is ook beter, want hier betreedt Bartholomew het terrein van de vakspecialisten en die kunnen  de aangereikte hoofdlijnen zelf het beste uitwerken.

Tot slot citeer ik een pakkende samenvatting uit de review van Eurobishop David Hamid:
One of the consequences of the fact that human beings are embodied souls is that ever since the Garden of Eden all human beings have been placed by God in particular places. Place, a particular location in space and time, is thus fundamental to human existence. However, our awareness of the placed character of our existence is challenged in contemporary culture because of the compression of time and space that are characteristic of post modernity and globalization.... Drawing on the resources provided by the bible and tradition dr. Bartholomew then sets out A christian view of place for today that articulates a hopeful christian view of placemaking for today's world. 

maandag 6 februari 2012

Trendrede 2012

Soms word je zomaar getipt over een interessante website, en dat is me pas overkomen met de trendrede 2012. Het is een analyse van de Nederlandse samenleving en een toekomstvisie, opgesteld door een tiental landelijk bekende trendwatchers. Die hadden overigens verzuimd om zich in  Oene bekend te maken, want hier kent niemand ze. Betreurenswaardig, want hun trendrede is zeer, maar dan ook zeer lezenswaardig.

Aftrap van de trendrede 2012
De Trendrede 2012 is uitgesproken in september 2011, kort voor het uitspreken van de troonrede. Waar het uitspreken van de troonrede een ritueel gebeuren is, met de Majesteit in de hoofrol, is de Trendrede van een ander gehalte. Hier wordt een poging gedaan om de grote  maatschappelijke ontwikkelingen te duiden en om aan te geven hoe het goede handelen en het goede leven daarin vorm kunnen krijgen: De TrendRede gaat voorbij aan de vele interessante, maar kortstondige trends en hypes van alledag. We presenteren hier drie diepere ontwikkelingen binnen de samenleving, in de hoop dat u er inspiratie uit put. Dat spreekt mij aan ! Alle lof dus voor deze betrokken denkers, en reken maar dat ik ze nauwlettend ga volgen.

In de Trendrede 2012 wordt de burger van stavast ten tonele gevoerd. Die zoeken niet langer naar de grote gemene deler, maar naar de kleinst mogelijke schaal om bestaande problemen op te lossen. De burger van stavast heeft een sterk innerlijk kompas en kiest voor het zetten van kleine stappen in de goede richting. De grote instituten hebben het nakijken: de burger van stavast heeft zijn netwerken en kiest voor kleinschaligheid en oplossings- gerichtheid. Hij organiseert zich in cirkels van vertrouwen waarin het elkaar kennen het startpunt is voor het maken van afspraken.
De Trendrede geeft  tientallen voorbeelden geeft van initiatieven van de burger van stavast. Ik noem er één: de zogenaamde broodfondsen, een voor mij geheel nieuwe manier voor zelfstandige ondernemers om zich in te dekken voor de risico's van arbeidsongeschiktheid.

Ik kan maar één advies geven: reserveer een halfuurtje om de Trendrede ongestoord te lezen, en ga dan een uur wandelen om het te laten bezinken. De wereld ziet er daarna zonniger uit !