dinsdag 28 december 2021

De alternatieve kerstfilm: Just Mercy (2019)

 Op Kerstavond hebben we deze film gekeken. Hoe vind je zo'n film ? Zoals altijd: wat rondneuzen in lijstjes en even kijken naar de scores van IMDB en Rotten Tomatoes. Het leek ons wel wat, en het heeft onze verwachtingen ruimschoots overtroffen.

Ik wil de film van harte aanbevelen voor een avondje film rond Kerst. Niet als een Christmas romcom maar als een schurende film die je onder de huid kruipt. Het waargebeurde verhaal gaat over grof onrecht van blank tegen zwart. Hier zien we racisme in zijn duisterste gedaante: wreed, nietsontziend, dodelijk. En anders dan bij de zoveelse boodschap in de krant komt het deze keer wel binnen, bitter en vernederend tot in het merg. Maar de film is ook hoopvol en bezielend. Het maakt wel degelijk verschil of je het kwade laat voortwoekeren of het gaat bevechten. Daarom past deze film goed bij Kerst: dan horen we ook dat er Iemand gekomen is die het verschil zal gaan maken en van geen wijken weet.

                             Bryan Stevenson (Michael B.Jordan) in gesprek met de familie en vrienden van Johnny D

Bryan Stevenson is een jonge, net afgestudeerde advocaat. Hij kiest niet voor een fraaie carrière maar vertrekt naar Montgomery, Alabamana, waar racisme springlevend is. Hij richt de Equal Justice Initiative op en begint gratis rechtsbijstand te verlenen aan ter dood veroordeelden. In de gevangenis ontmoet hij Walter (Johnny D) MacMillian die schuldig bevonden is aan de moord op de 18-jarige Ronda Morrison. Ze is op klaarlichte dag vermoord. Walter MacMillian ontkent alle betrokkenheid. Hij is inmiddels een lamgeslagen man: alle hulp is tot dan toe tevergeefs geweest. 

Bryan Stevenson bestudeert het dossier en ontdekt onregelmatigheden in de bewijsvoering. Hij weet Walter ervan te overtuigen dat er voldoende aanleiding is om in beroep te gaan. Dit wordt het begin van een lang en intens juridisch gevecht. De witte officiële instanties schuwen geen enkel middel om de lastige zwarte advocaat weg te werken en MacMillian te laten executeren.

Ik heb op het puntje van mijn stoel zitten kijken naar Bryan Stevenson. Hij houdt vol en gaat alle tegenstand, machtsmisbruik en grievende vernedering, ook van hemzelf,  met volharding te lijf. Hij is een man met een diepe overtuiging en dat houdt hem gaande. Stap voor stap weet hij het vertrouwen van de zwarte gemeenschap in Montgomery te winnen. Ze voorzien hem van waardevolle informatie. Daardoor kan hij steeds meer bewijsmateriaal verzamelen waarmee de onrechtmatigheid van het vonnis aangetoond wordt. Zelfs dan wordt het gratieverzoek door de lokale rechtbank afgewezen. Pas wanneer hij de zaak bij het Hooggerechtshof van Alabama aanhangig maakt is er een keer ten goede.

dinsdag 21 december 2021

Tropenkolder en goena-goena

Wie leest er nog Jan de Hartog, wie kent hem überhaupt ? Een schrijver die in de naoorlogse jaren in een hoog tempo romans en toneelstukken produceerde. De Nederlandse literaire critici namen hem niet serieus: te oppervlakkig, geen interessante psychologie. In het buitenland werd daar anders over geoordeeld. In de Verenigde Staten werd hij gezien als de meest bekende Nederlandse auteur van zijn tijd.

"Gods Geuzen", gescheven in de jaren 1947 - 1949, is zo'n meesterlijke vertelling. In mijn tienerjaren heb ik dit boek al gelezen. Onlangs, na tientallen jaren, kwam ik het boek weer tegen en ben het gaan lezen. Wat een intens verhaal is dit, zo vol vaart geschreven dat we er nu bijna het plakkertje "ADHD roman" op zouden doen.

Spiral Road
                                   Rock Hudson als Anton Zorgdrager in de verfilming The spiral road (1962)

Eerst maar een blurb: Anton Zorgdrager heeft op kosten van de staat medicijnen kunnen studeren. De afgesproken tegenprestatie: tien jaren medische dienst in Nederlands-Indië. Hij laat zijn verloofde Els achter en begint aan het grote avontuur. Zijn eerste opdracht is de ondersteuning van de arts Brits Jansen die bezig is een epidemie te bedwingen in de binnenlanden van Borneo. Onvoorbereid wordt hij in het diepe gegooid: het begin van een bizarre reis door het oerwoud van Borneo en een eerste kennismaking met Brits Jansen; een zeer bijzonder arts.... 

Met dit eerste tableau is de toon gezet. Het verhaal dendert op topsnelheid verder. Anton en Els "trouwen met de handschoen" en Els komt naar Nederlands-Indië. Het huwelijk wordt een flop: de twee weten elkaar niet te vinden. Anton is in de ban van het oerwoud geraakt en zit in de knoop met zichzelf. De zoektocht naar wie hij zelf nu eigenlijk is is begonnen en wordt steeds intenser. Als Anton op een brute wijze sex heeft gehad met Els is de maat vol: hij vertrekt vol schaamte voor een volgende opdracht naar de binnenlanden van Sumatra. Els blijkt zwanger te zijn en vertrekt op doktersadvies naar Nederland. 

Beiden weten niet dat Brits Jansen dit laatste georkestreerd heeft. Hij is Anton gaan beschouwen als zijn zoon en opvolger van zijn lepra-onderzoek waar hij al jaren aan werkt. En er is nog iets: Brits Jansen onderhoudt nauwe contacten met Willem Waterreus, een Heilssoldaat die een melaatsenkolonie leidt op Java. Brits Jansen beschouwt zich als de peetvader van de dochter van Willem, Bert. Hij ontdekt dat Anton en Bert samen hebben gestudeerd en goede vrienden zijn. Er ontstaat een web van intense relaties tussen al deze mensen. Anton gaat naar de eenzame buitenpost Mamawi op Nieuw Guinea in een poging in het reine te komen met zichzelf en met God. Het wordt een helse krachtmeting met papoea's en zwarte magie. Alleen Willem Waterreus, man van God, blijkt de ban van deze goena-goena te kunnen breken......

Hoezo: weinig psychologie ? Deze roman doet me denken aan de romans van Couperus, waar de psychologie van de hoofdpersonen ook steeds met een fijne pen ontleed wordt. Ik denk in het bijzonder aan zijn Indië roman De stille kracht die dezelfde elementen bevat: Nederlanders in een vreemde Oosterse wereld en een vijandige cultuur, vol bovennatuurlijke krachten: wie heeft niet gegriezeld bij de occulte verschijnselen in het badhokje ?

Wat Jan de Hartog meesterlijk doet is het voortdurend wisselen van perspectief. Door vanuit de psyche van meerdere personen naar één en dezelfde gebeurtenis te kijken word je als lezer voortdurend van je stoel getrokken: Hoe moet ik nou een bepaalde gebeurtenis duiden, wat zou ik zelf hebben gedaan, gedacht, of gevoeld ?

Je kunt deze roman lezen als een verhaal over tropenkolder, over wat er met je gebeurt in het magische tropische oerwoud. Maar deze roman graaft veel dieper. De grote doorgaande lijn gaat over de zoektocht van Anton Zorgdrager naar zichzelf en naar God. In het begin lezen we uitgebreid over eenzelfde weg van Willem Waterreus in zijn jonge jaren. Hiermee wordt de toon gezet voor de geestelijke beproevingen die de rationele en atheïstische Anton Zorgdrager steeds verder wegdrukken in de wanhoop.

Deze meesterlijke vertelling is ook een tijdgebonden verhaal. Het taalgebruikdoet ouderwets aan. Er is veel aanstekelijke maar ook kwajongensachtige humor. En de wijze waarop over de autochtone bevolking in Nederlands-Indië wordt gesproken kan heden ten dage absoluut niet meer. 

In 1962 is er een verfilming gemaakt: "The spiral road". De film wordt laag gewaardeerd. 

                      De archeoloog dr.Pieter Vincent van Stein Callenfels die model stond voor dokter Brits Jansen 

Ik heb enkele interessante documenten kunnen vinden waarin de arts Brits Jansen verder tot leven komt. Deze zonderlinge reus is gemodelleerd naar de archeoloog dr. Pieter Vincent van Stein Callenfels, een reusachtige man met zeer bijzonder gedrag. Je vindt er meer over in Tropenkolder in de Indische letteren waarin ook uitgebreid het fenomeen "tropenkolder" wordt geanalyseerd.

dinsdag 14 december 2021

Bakken: kokosmakronen

Kokosmakronen: die lusten me wel. Dat wordt mijn volgende baksel ! Natuurlijk pluk ik weer een instructiefilmpje van internet: deze keer van Koken met Kennis. Duidelijk, vrolijk, en het resultaat ziet er goed uit.

De Kok met Kennis verzekert me dat het van essentieel belang is om het beslag au bain-Marie te  verwarmen tot 60 graden Celsius. Een nieuwigheid voor mij, maar niet ingewikkeld: water in een steelpan aan de kook brengen, metalen kom er op, en..... temperatuur meten  met mijn nieuwe oventhermometer. Het blijkt allemaal eenvoudig te gaan en zonder problemen heb ik na een halfuurtje klaarzetten, mengen, en verwarmen een mooi beslag.

Maar nu kom ik in de problemen: ik heb geen ouwels (het eetbare papier aan de onderkant)  en ik heb geen spuitzak. Die laatste zit er aan te komen, maar daar heb ik deze keer niets aan. Ik ga improviseren: van een lege anderhalve liter petfles snij ik een ring met de doorsnede van een kokosmakroon. Op de bakplaat leg ik bakpapier en de ring vul ik telkens met beslag. Wat een geklieder, ik snap nu waarom een spuitzak zo handig is.

De bakplaat gaat de oven in, maar mijn oventhermometer zegt dat de temperatuur te laag geworden is: te lang getreuzeld bij het naar binnenschuiven van de bakplaat. Ik moet mijn oven duidelijk nog veel beter leren kennen. Ik houd het afbakken goed in de gaten en haal de bakplaat na een minuut of vijentwintig uit de oven. Het resultaat is niet wat ik me had voorgesteld: de kokosmakronen zijn aan elkaar vast gaan zitten en ze zijn ook heel plat. Geduldig bik ik ze los van elkaar en van de bakplaat en proef er eentje. En dat maakt alles weer goed, want zo moet een warme kokosmakroon smaken.



woensdag 8 december 2021

Millennials, onopvallendheid, en Paterson

 In het ND van afgelopen zaterdag 4 december stond een ingezonden brief met een opvallende titel: Ode aan een onopvallende spiritualiteit. De schrijver is student aan de Radboud Universiteit. Hij "mediteert", zou ik haast zeggen, over zijn leven als millennial. Daar hoor ik niet bij: ik ben een generatie X-er, de lost generation geboren tussen 1955 en 1970. Met overigens verdraaid goeie eigenschappen hoor: "praktisch, zelfredzaam, no-nonsense mentaliteit". Daar kom je een heel eind mee !

Terug naar de millennials en de ingezonden brief. De schrijver geeft een mooie karakterisering van zijn leefwereld: Als millennial voel ik de druk "om er iets van te maken", om succesvol te zijn: is het niet in maatschappelijke zin dan wel in spirituele zin..... Soms lijkt het alsof een leven pas betekenis heeft als het leven spectaculair is, vol maatschappelijke impact, en ook de kerk moet aan deze eisen voldoen. Zijn diegenen die dit niet willen of hier niet toe in staat zijn dan gedwongen een betekenisloos leven te leiden ?

 

Dan begint te student te vertellen over de film Paterson (2016) waarin het alledaagse leven van een jong stel op inspirerende wijze wordt getoond in een meesterlijke, trage vertelling. Ik ben de film gaan kijken and I love it. Alleen al de onthaasting die je in je voelt als je meebeweegt met de dagelijkse gang van Paterson en Laura: weldadig. Paterson is buschauffeur. Als hij wakker wordt kust hij zijn vriendin, drinkt koffie, en wandelt naar het busstation. Hij luistert er naar de klaagzangen van zijn collega, en start zijn bus. 's Avonds wandelt hij naar huis, zet de brievenbus weer recht zonder er verder iets aan te doen, en wordt liefdevol ontvangen door zijn temperamentvolle vriendin. Zij heeft ambities, is vol plannen. Maar Paterson is anders. Hij schrijft gedichten. Als hij middagpauze heeft pakt hij zijn notitieboekje en begint te dichten. Zijn vriendin moedigt hem aan om de gedichten te publiceren, maar hij wil er niet van weten. 's Avond laat hij de hond uit en drinkt een biertje in zijn stamcafé. We volgen het stel zeven dagen lang.

 Het boeiende van de film zijn de korte voorvallen waarin we Paterson beter leren kennen. Dat zijn pareltjes van vertelkunst. Ze zorgen ervoor dat het verhaal, waarin bijna niets gebeurt, reliëf krijgt . Hij luistert aandachtig, straalt rust uit. Hij schiet te hulp in het stamcafé, en hij let even op een lagere-school meisje dat zonder toezicht door een gevaarlijke buurt dwaalt. Hij moedigt aan, heeft oog voor de mensen om hem heen. En waarom ziet hij (en zien wij) eigenlijk steeds tweelingen in de bus ?

Ik eindig met enkele gedachten die bij me opkomen:

  • Less is more. Dat is van toepassing op de regie van de film: er wordt veel weggelaten en dat maakt de film krachtiger. Maar het roept ook de vraag op of ons leven aan betekenis verliest wanneer het alledaags lijkt te zijn. Hoeveel waarde zit er niet in de kleine momenten van aandacht, zorg, en attentie die we in Paterson tegenkomen !
  • Dat brengt me opnieuw bij de ignatiaanse spiritualiteit die ik in deze weken voor Kerst dagelijks tegenkom in de advents-gebedsretraite van de jezuïeten. Eén van de fundamenten ervan is God vinden in alles. God is niet ver weg, niet hoog verheven en onbereikbaar, maar te vinden en te ontdekken in het gewone alledaagse leven. Paterson is geen religieuze film, maar de levenshouding die we er aantreffen sluit wel naadloos aan bij deze ignatiaanse spiritualiteit.
  • Is dit een film met een boodschap, of een film met een optie ? In het eerste geval vind ik het uitdagender - want wat is dan die boodschap ? Een optie is misschien interessant maar ook vrijblijvend. De boodschap die bij mij binnenkomt: In onopvallendheid en alledaagsheid kunnen we op talloze manieren liefde geven. En dat is Gode aangenaam.

 

 


zondag 28 november 2021

Advent: vier weken van ....

Wat doen we in de vier weken van Advent ? In vrijwel alle Nederlandse huizen en/of tuinen wordt kerstversiering opgetuigd. Misschien maken we een adventskrans of halen het kerststalletje weer voor de dag. Op zondag steken we in de kerk week na week en één voor één de adventskaarsen aan. Mooie en sfeervolle tijd, zeker, ik geniet er van. Het is de bovenkant van Advent. Wat komen we tegen als we dieper gaan ? 

Advent is ontstaan in de vroege christelijke kerk. Het is de tijd van verwachting van de komst van de Heer. Maria is hoogzwanger en krijgt te horen dat ze voor de volkstelling naar Bethlehem moet. Versobering en inkeer zijn de kern van het verwachten, net zo als in de Veertigdagentijd voor Pasen. 

Hoe geef ik inhoud aan dat verwachten ? Die vraag stel ik me nog niet zo lang, misschien een jaar of tien. Daarvoor bleef ik aan de bovenkant van Advent steken. Wat wordt bedoeld met "inkeer" ? Voor christenen heeft dat een duidelijke betekenis: het is luisteren naar God en antwoord geven in je gebed. Inkeer heeft altijd rust en tijd nodig. Dat gaat het beste als je een dagelijkse stille tijd hebt. Ik doe mee met de digitale adventsretraite van de jezuïeten. Elke morgen is er een e-mail met een bijbelgedeelte en een gebed en ik gebruik dat in mijn stille tijd. Goede ondersteuning helpt. Maar elk jaar weer heb ik de ervaring dat de grootste uitdaging het luisteren zelf is. Wat dwalen de gedachten snel af in dat ochtendkwartiertje ! Het is steeds weer oefenen en oefenen om "er bij te blijven". Diegenen die verder zijn gevorderd in het mediteren verzekeren ons dat ook zij er nog mee worstelen en dat stelt gerust.

In 2018 ben ik in de adventstijd een week in de Oude Abdij in Drongen (bij Gent in België) geweest voor een stilteretraite. Dat was een bijzondere ervaring, met positieve en negatieve kanten. Ik vond het heel waardevol om een week lang  onder deskundige begeleiding te kunnen mediteren. In de Oude Abdij gebeurt dat in de Ignatiaanse traditie en die voelde meteen vertrouwd: vanuit je aardsheid gericht zijn op Jezus. Geen zweverige toestanden, de voeten in de klei, en dan ontdekken wat en hoe Jezus doet en hoe je je met Hem verbinden kunt, nu vandaag. Wat ik moeilijk vond was het zwijgen bij de maaltijden, dat ging er bij mij niet in. Een maaltijd is ontmoeting, gesprek, en zwijgen vond ik zeer onnatuurlijk.

In de hierboven genoemde blog over de stilteretraite heb ik al geschreven over de Geestelijke Oefeningen: dertig dagen stilteretraite onder begeleiding van een ervaren jezuïet. Ik merk dat het verlangen om de volledige dertig dagen van de Geestelijke Oefeningen te doen steeds bij me terugkeert. Deze week las ik het "verslag van een geestelijke reis" van EO-presentator Elsbeth Gruteke. Ze heeft de volledige Geestelijke Oefeningen in de Oude Abdij gedaan. Het is een indrukwekkend relaas waar ik heel dicht bij kan komen omdat ik er ook een week geweest ben.

maandag 22 november 2021

Tweemaal geloof en wetenschap

 In een leeskring bespraken we het boek  What are we doing here ? van Marilynne Robinson. Gelijktijdig las ik ook de autobiografie van Werner Heisenberg (1901 - 1976): Der Teil und das Ganze, in het Engels vertaald onder de titel Physics and Beyond. In beide boeken komt het thema geloof en wetenschap aan de orde. Beide schrijvers zijn christen en vertellen hoe ze omgaan met die spannende combinatie.

Marilynne Robinson is de auteur van de bekende romanserie over John Ames, een dominee op het platteland in Iowa. De serie bestaat uit de romans Gilead, Home, Lila, en Jack. Voor Gilead kreeg ze in 2005 de Pulitzer Prize for Fiction.

Ze heeft ook meerdere essaybundels gepubliceerd en "What are we doing here ?" is haar meest recente. Marilynne Robinson is een zelfbewuste nonconformist: ze is heel open over haar christelijke geloofsovertuiging en over hoe die ingekleurd wordt door het Amerikaanse puritanisme. Met grote waardering vertelt ze over de theoloog en filosoof Jonathan Edwards, de meest bekende en grootste denker uit het Amerikaanse Puritanisme. Ook Calvijn kan op haar warme belangstelling rekenen. Maar haar nonconformisme beperkt zich niet to haar geloofsovertuiging. Ze neemt ook stevige posities in over onderwerpen als geloof en wetenschap,  de menselijke humaniteit en de teloorgang ervan in de Westerse cultuur, en over het belang van schoonheid en verwondering.

Haar essays zijn pittige kost. Ze heeft een associatieve wijze van argumenteren. Daardoor slaat ze zijweggetjes in waardoor je je afvraagt waar het nu heen gaat, om dan plotseling weer terug te keren bij het onderwerp. Het loont de moeite om haar opstellen te lezen, te laten bezinken, en te herlezen. Ten aanzien van geloven en wetenschap gaat ze kritisch in gesprek met diverse wetenschapsfilosofische stromingen: het reductionisme, het positivisme, het evolutionisme. Ze is geen natuurwetenschapper maar taalkundige maar dat blijkt geen beletsel: het stelt haar in staat om vanuit verrassende premissen vragen te stellen. Uiterst zorgvuldig gaat ze om met woorden en hun betekenissen. Een voorbeeld: In het eerste deel "Faith" van het artikel "Considering the theological virtues" analyseert ze de betekenissen van "brains" en "mind" en "soul" en dat leidt tot een prachtige uitleg van de religieuze lading en waarde van de beide laatste begrippen.

Robinson heeft een breed overzicht van allerlei wetenschappelijke ontwikkelingen. Zonder dat ze de details van de verschillende disciplines beheerst weet ze voortdurend scherpe vragen over vooronderstellingen en uitgangspunten  te stellen. Het gaat haar er om menselijke waardigheid en betrokkenheid op God niet verloren te laten gaan door een doorgeslagen rationaliteit.

De autobiografie van Werner Heisenberg (1931 - 1976) is heel anders van opzet. Hij vertelt op toegankelijke wijze over zijn bijdragen aan de ontwikkeling van de quantummechanica in de eerste helft van de vorige eeuw. Die leverden hem al in 1932 de Nobelprijs voorde natuurkunde op. De compositie van het boek is opvallend: in elk hoofdstuk vertelt hij over een levensperiode. De ontwikkelingen in de quantummechanica staan steeds centraal, afgewisseld met anecdotes over zijn dagelijkse leven. Er staan geen formules in het boek. Daardoor geeft het boek geen inzicht in de mathematische structuur van de quantummechanica. Heisenberg besteedt veel aandacht aan de wetenschapsfilosofische vraagstukken waar de fysici toen mee worstelden. Hij weet daar bijzonder boeiend over te vertellen. Door de gesprekken in dialoogvorm weer te geven en te vertellen waar en met wie en in welke omstandigheden die plaatsvonden is het alsof je bij hen aan tafel schuift: Einstein en Bohr, Dirac, Schrödinger.

Een thema dat regelmatig terugkomt is de aard van het experimenteren en de veranderde verhouding tussen de geobserveerde wereld en de experimentator. In de klassieke natuurkunde is de experimentator een objectieve en onafhankelijke waarnemer, in de atoomfysica is dat niet langer het geval. De daar van toepassing zijnde wetten van de quantummechanica vereisen een subtieler verstaan van die relatie: de experimentator gaat door het meten deel uitmaken van de geobserveerde wereld van elementaire deeltjes.

De worsteling om alle nieuwe inzichten te duiden is een rode draad in het boek. Heisenberg vertelt hoe hij als 24-jarige fysicus met zware hooikoorts naar het winderige eiland Helgoland in de Noordzee vertrekt om daar te genezen. Hij werkt er verder aan zijn baanbrekende artikel over quantumsprongen tussen energieniveaus, het begin van de matrix mechanica. Om drie uur 's nachts heeft hij een aantal cruciale berekeningen uitgevoerd die zijn vermoedens bevestigen. Hij is geschokt, verrukt, haast duizelig van de geordende mathematische structuren die hij in de atoomfysica heeft ontdekt. Van slapen komt het niet meer. Hij wandelt naar de rotsachtige kust en kijkt naar de opkomende zon.... Dit wordt het begin van een stormachtige ontwikkeling in de moderne natuurkunde.

Heisenberg en de andere fysici spraken veel over de betekenis van de nieuwe ontdekkingen. Die bezinning beperkte zich niet tot bijstelling van natuurkundige grondbeginselen. Ze spraken ook over zingeving, de rol van wetenschappers in de samenleving, en over religie. Heisenberg was Luthers opgevoed en heeft zijn christelijke geloof altijd vastgehouden. Marilynne Robinson is heel duidelijk over de inkleuring van haar geloof: ze weet zich verbonden met het Amerikaanse Puritanisme. Heisenberg vertelt weinig over zijn persoonlijke geloofspraktijk. Hij denkt na over de verhouding van natuurwetenschap en religie en vertelt waar hij staat. Zijn meest uitgesproken gedachten over religie staan in de hoofdstukken 7 en 17 van Der Teil und das Ganze. Daarnaast heeft hij ook in zijn rede Naturwissenschaftliche und religiöse Wahrheit zijn inzichten gedeeld.

Heisenberg is van mening dat natuurwetenschap en religie naast elkaar kunnen bestaan en dat elk een waarheidsaspect van de werkelijkheid vertegenwoordigt. De natuurwetenschap geeft ons inzicht in Das Teil, het elementaire deeltje, en alles wat we daarachter nog zullen ontdekken. De religie draagt en verankert ons als menselijke gemeenschap in Das Ganze:  het zinvolle verband dat ons een ethiek geeft waarnaar we ons leven kunnen richten. Heisenberg is geen scherpslijper en geeft geen antwoorden op de moeilijke vragen rond bijvoorbeeld religieuze waarheid en de wereldgodsdiensten. Hij merkt op dat hij in een christelijke cultuur geboren is en nooit redenen heeft gezien om dat te beschouwen als een toevalligheid. Hij neemt geen afscheid van God. Heisenberg is een begaafd pianist geweest. Bij hem vormen geloven, musiceren, poëzie, en natuurwetenschap een harmonieuze eenheid.

donderdag 18 november 2021

Bakken: klassieke cake

 Een ver weggezakte hobby lijkt weer tot leven te komen: lekkere dingen bakken in de oven ! Als tiener werkte ik op de zaterdagen als klusjesjongen in de bakkerij van de familie Frentz in Emst: Broodbussen smeren, bolletjes inpakken, de winkel bijvullen. Ik zag hoe het allemaal gebeurde: gebak maken, brood bakken, het bewaken van het rijzen en het nauwkeurig instellen van de oven. En dan de geuren, van vers appelgebak, of krentenbrood ! Zoiets vergeet je nooit meer.

Ik ben begonnen met een klassieke cake: één van de meest eenvoudige baksels. Mijn eerste poging was geen groot succes: de cake was niet gerezen en de oventemperatuur was veel te hoog geweest waardoor de cake zwarte randen had gekregen.

Bij mijn tweede poging heb ik de goede raad van bakker Cees Holtkamp opgevolgd. Hij bakt van allerlei lekkere dingen met zijn kleindochter Stella en doet daar verslag van in een amusant YouTube kanaal, zie onderaan. Mijn beginnersfouten de eerste keer:

  • Eieren en boter regelrecht uit de koelkast in de beslagkom. Maar ze moeten op kamertemperatuur zijn. Ik heb ze de tweede keer dus de avond van tevoren uit de koelkast gehaald 
  • Geen bakpoeder. Dan gaat de cake niet rijzen. Toegevoegd de tweede keer 
  • Ken uw oven..... De tweede keer heb ik de ovenstand op 140 graden Celsius en die na 20 minuten teruggedraaid naar 120 graden. De oven lijkt warmer te worden dan de ingestelde temperatuur. Ik ga op jacht naar een oventhermometer

Het beslag zag er nu prima uit. Bakken maar !

 En na 40 minuten in een toch nog te warme oven was dit het resultaat: 

 Een klein beetje ingezakt, en iets te donker. De volgende keer iets minder bloem en de oven nog lager instellen  zodat de cake rustig kan garen. De smaak was uitstekend. Bedankt voor de nuttige tips, Cees Holtkamp !