dinsdag 18 februari 2020

Voor de hel niet bang

"Voor de hel niet bang": dat zeggen we niet. Het is "voor de duvel niet bang" en dan hebben we het over een dapper persoon. Voor de hel zijn we niet zo bang meer. Althans: dat dacht ik. Het speelt in mijn geloofsleven geen belangrijke rol, maar dat kan ook te maken hebben met de oogkleppen die ik op heb. Ik leid een comfortabel en veilig bestaan en hoor bij de bijna 90 % van de Nederlandse bevolking die zegt : "ik ben gelukkig".
Maar wat als je dochter verkracht en vermoord is ? Of wanneer je gevlucht ben voor het oorlogsgeweld en in de tang zit tussen Turkse en Syrische strijdkrachten in Idlib ? Wanneer je uitgebuit wordt door niets ontziende mensensmokkelaars ? Zou iemand dan niet tegen de dader kunnen roepen: "Ik hoop dat je zult branden in de hel ?" Een verschrikkelijke wens, jazeker, maar het gaat dan ook over diepe zaken: over dodelijk onrecht, over oordeel en straf.  Iemand naar de hel wensen kan ik begrijpen, maar ik voel me meer thuis bij het oude Bosnische omaatje die ik ooit in een journaalfragment zag bij haar kapot gebombardeerde geliefden. Ze huilde en riep: God zal jullie oordelen !

beeld RD, Anton Dommerholt

Afgelopen vrijdag ben ik naar de studiedag De Hel geweest, in de Theologische Universiteit Kampen. De toelichting op dit ongebruikelijke thema pakte me: Bestaat de hel? Wat leert de Bijbel over de hel? Is de hel wel te rijmen met hoe God zich in Jezus aan ons openbaart als een God van liefde, barmhartigheid en verzoening? Is een eeuwige straf voor tijdelijk kwaad begaan door beperkte mensen wel proportioneel?

Voorafgaand is er een enquete gehouden waarvan de resultaten in de Nieuwe Koers zijn gepubliceerd. Er blijkt sprake te zijn van een duidelijke verschuivingen t.o.v. de enquete uit 2004: In vijftien jaar tijd halveerde het percentage predikanten die vinden dat we het indringend over de hel moeten hebben tot 25 procent.

De toespraken waren 's ochtends beschouwend en analyserend: hoe spreken en preken we op een theologisch verantwoorde manier over de hel ? Door die afstandelijkheid bleef het gesprek beleefd en kalm, alsof we een gesprek voerden over het burgerlijk wetboek.
Ik ben geraakt door de toespraak "De hel en ons Godsbeeld" van Ad van der Dussen. Een gepassioneerde oproep om de hel serieus te nemen, omdat het over ons zelf gaat. "Kom van de tribune af !" Want we zijn geen toeschouwers maar komen zelf ook in het oordeel van God. In Matthéüs 25 gaat het over kleine nalatigheden waardoor je naar de hel gaat. Dat is een harde en onprettige boodschap waar we liever overheen lezen.

Bettelies Westerbeek, missionair pionier in de Haagse wijk Moerwijk, vertelde in haar workshop dat in de gesprekken die ze met de Moerwijkers voert de hemel en de hel regelmatig aan de orde komen. En dan niet als interessant discussie onderwerp, maar omdat het er voor de Moerwijkers toe doet. Omdat ze denken dat ze de hemel niet verdienen, er te slecht voor zijn.
Iemand anders gaf een lezing over het christelijk geloof in een keurige Rotary bijeenkomst. Na afloop was er een vraag: "Mijn zoon geloofde niet meer en is verongelukt. Maar kunt u me zeggen waar hij nu dan is ?" Dit zijn diepe vragen over onze bestemming en ze leven dus volop.
  
Ook in de jongerencultuur: Je hoeft niet lang te zoeken en je komt computer games tegen als Hellbound, Purgatory, Agony, and Devil's hunt. Ook in populaire films en tv-series als The Walking Dead en Game of Thrones is de hel op allerlei manieren aanwezig. Op Netflix wemelt het van de occulte series waarin demonen uit zijn op de vernietiging van mensen.

Ik voel me niet zo thuis bij al te expliciete meningen over de hel. Laat ik het maar houden bij de woorden uit de Apstolische Geloofsbelijdenis. Bescheiden woorden, die niet teveel maar wel genoeg zeggen. Woorden  die mijn ouders, grootouders, en al die generatie voor hen al hoorden en die ze bewaarden in hun hart: onze Heer Jezus Christus ging voor ons naar de hel, en als Hij komt om te oordelen is er vergeving van zonden en het eeuwige leven. Daarmee ben je voor de hel niet bang.
Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper van de hemels en van de aarde.
En in Jezus Christus, Zijn eniggeboren Zoon, onze Heere;
die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de maagd Maria;
Die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven,
nedergedaald ter helle; ten derde dage wederom opgestaan van de doden;
opgevaren ten hemel, zittende ter rechterhand Gods, des almachtigen Vaders;
vanwaar Hij komen zal om te oordelen de levenden en de doden.
Ik geloof in den Heilige Geest.
Ik geloof één heilige, algemene, christelijke kerk, de gemeenschap der heiligen;
vergeving der zonden;
wederopstanding des vleses;
en het eeuwige leven.
Amen
 







zondag 9 februari 2020

Landelijke Presentdag 2020

Ik ga graag naar de landelijke Presentdag, nu al weer een aantal jaren in Landgoed Zonheuvel bij Doorn. Er is veel energie en ik steek er bijna altijd wel wat op.
Voor wie Present niet kennen: Er zijn ruim 70 Present stichtingen in Nederland, Present Epe-Heerde is er eentje van.
Dit is wat we er doen: Present slaat een brug tussen mensen die iets hebben te bieden en mensen die daarmee geholpen kunnen worden. Als makelaar in vrijwilligerswerk bieden wij de mogelijkheid voor vrijwilligers om zich in de eigen woonplaats in te zetten voor mensen die te maken hebben met armoede, een slechte gezondheid of een sociaal isolement. Voor een dagdeel, een dag, of voor langere tijd.
Voor wie bekend is met de landelijke NL-doet dagen van het Oranjefonds: daar zijn de stichtingen Present dus het hele jaar door mee bezig. Een paar kentallen voor 2018:
  • landelijk: 43.500 vrijwilligers en 8000 uitgevoerde projecten
  • Present Epe-Heerde: 985 vrijwilligers en 107 uitgevoerde projecten. Daarnaast doet Present Epe-Heerde in opdracht van de gemeente Epe diverse activiteiten ten behoeve van de inburgering van de nieuwkomers (vluchtelingen met verblijfsstatus in de gemeente Epe)
De afvaardiging van Present Epe-Heerde aan het lunchen in Zonheuvel
De landelijke Presentdag wordt voorafgegaan door de coördinatorendag op vrijdag. Daar komen met name de coördinatoren naar toe: de Presentmedewerkers die met hun voeten in de dagelijkse klei van het Presentwerk staan. De vrijdag zit vol met workshops, uitwisselingsmomenten, leut, en bezinning. Op zaterdag komen er veel bestuursleden bij. Ook dan wordt er weer veel informatie gegeven met toespraken en workshops, en is er weer volop gelegenheid om te netwerken of bij te praten met bekenden.

De dag wordt geopend met een welkomstwoord van voorzitter Pieter Cnossen en een video impressie van de vrijdag. Daarna wordt Bert Roor geïnterviewd. Het gaat met name over zijn boek Heilzame presentie. Diaconale betrokkenheid als leeromgeving voor protestantse kerken waarin hij onderzoekt wat de vrijwilliger, bijvoorbeeld iemand meehelpt met een Present project, zelf leert van zo'n dag. Ik hoor voor het eerst over de presentiebenadering. Citaat: De presentiebenadering is een manier van werken die de relationele afstemming tussen zorggever en cliënt als basis voor hulp en steun ziet. Goede zorg ontstaat vanuit het zorgvuldig aansluiten bij en afstemmen op de ander, en op wat hij of zij nodig heeft. (zie hier). De handelseditie van de dissertatie is hier te koop.

Erik Dannenberg, voorzitter van het bestuur van Present-NL spreekt enkele (dank)woorden en daarna begint de eerste workshopronde.
Ik neem deel aan de workshop over Identiteit. Pieter Cnossen leidt de workshop en vertelt dat "Identiteit" één van de bezinningsthema's wordt. Present wil een christelijke beweging zijn, en tegelijkertijd alle mensen van goede wil mobiliseren om "een beweging op gang brengen in Nederland waarbij steeds meer mensen het vanzelfsprekend vinden om naar elkaar om te zien". En voor dat laatste hoef je geen christen te zijn.

Welke rol speelt dan je identiteit precies ? Dit is een dilemma waar elke christelijke organisatie die een sociaal doel in de samenleving nastreeft tegen aan loopt: zorginstellingen, scholen, welzijnsorganisaties. Welke eisen stel je aan je personeel ? Moet iedereen christen zijn ? Maar wat is dan precies een christen, welke bandbreedte van meningen en aanpakken is er ? Hoeveel medewerkers die wel je aanpak en doel van harte ondersteunen maar niet je diepere motivaties  wil je in je organisatie opnemen ?
We hebben een uur lang onze meningen en ervaringen uitgewisseld. De consensus neigt naar
  1. Duidelijk uitspreken dat je een inclusieve christelijke organisatie bent waar iedereen welkom is om mee te helpen aan het realiseren van de doelen.
  2. Ervoor zorgen dat er in je bestuur en bij je medewerkers voldoende dragers zijn van de christelijke identiteit
Tijdens de lunchpauze belandt de ochtendspreker Bert Roor bij ons aan tafel. Ik heb een heel prettig en inspirerend gesprek met hem gevoerd. Natuurlijk over zijn onderzoek naar de leerervaringen in diakonale omgevingen, maar ook over zijn bijdrage aan A Rocha en de mogelijkheden voor lokaal jeugddiakonaat gericht op natuurbescherming. A Rocha is een wereldwijde beweging van christenen die vanuit hun geloof willen zorgen voor Gods schepping.

's Middags heb ik de workshop over hoarding bezocht. Ik kende het woord wel, maar niet in de zin van een verzamelstoornis. Op allerlei momenten en plaatsen krijgen de stichtingen Present te maken met opruimklussen bij mensen met deze hoarding problematiek. Een jaar of tien geleden was er nog weinig ervaring mee en werd de opruimklus gewoon uitgevoerd zoals afgesproken. Met het gevolg dat na kortere of langere tijd de situatie weer verslechterde. Nu wordt er eerst zorgvuldig met de cliënt overlegd over de aanpak van diens verzamelwoede. De hierboven al genoemde presentiebenadering speelt een belangrijke rol bij de aanpak. Soms leidt het tot positieve resultaten waarbij de verzamelstoornis beter beheersbaar wordt, maar dat is dan vaak een lange weg om te gaan. Soms moet besloten worden om een opruimklus niet uit te voeren vanwege de emotionele schade die dit oplevert.

dinsdag 4 februari 2020

Netflix: Messiah (2020)

Dit is geen christelijke tv-serie. Het is een wonderbaarlijke mix van de Wederkomst, een scheut magisch realisme en een politieke thriller. Verhaaltechnisch rammelt het nogal: er is een nevenplot die weinig te maken heeft met de hoofdlijn, en in de middelste afleveringen zakt het tempo helemaal weg. Niet zo fijn dus, en toch, en toch....

Ik heb de serie met toenemende interesse gekeken, en op het eind wordt het steeds spannender. De brandende vraag is steeds: Wie is Al Masih nu echt ? Een bedrieger ? Of toch de Messias waar we als christenen op wachten ? De laatste aflevering lijkt een antwoord te geven, maar er is ook zoveel onduidelijks dat een tweede seizoen zeker noodzakelijk is.


De serie boeit me omdat het laat zien hoe ongeneeslijk religieus, of anti-religieus we zijn. Wie zei er dat religie irrelevant geworden is en verdwijnen zal ?

Het onverwachte optreden van de totaal onbekende prediker Al Masih in het door IS belegerde Damascus brengt een stortvloed van gebeurtenissen op gang. Al Masih verkondigt de bevrijding van de stad en dat gebeurt wanneer de belegeraars verjaagd worden door een hevige zandstorm. Al Masih leidt zijn snel groeiende schare volgelingen de woestijn in. De Israëlische autoriteiten krijgen Al Masih in het vizier en zijn er niet gerust op. Eén vonk kan het religieuze kruidvat laten ontploffen. Ze arresteren hem. Hij wordt ondervraagd door Aviram Dahan, een Mossad agent, die zwaar met zichzelf in de knoop zit omdat zijn huwelijk op de klippen is gelopen. Al Masih weet persoonlijke dingen van Aviram Dahan die hij niet kan weten. De volgende ochtend wil de ontredderde Dahan het verhoor voortzetten, maar Al Masih is niet meer in zijn cel.
Hij duikt een dag later op in een dorpje in Texas en de religieuze opwinding herhaalt zich. De Amerikaanse CIA begint er zich ook mee te bemoeien en zet er een onderzoeksteam onder leiding van Eva Geller op....

Het verhaal bevat voortdurend verwijzingen naar de bijbelverhalen, vooral die in de Evangeliën. Doordat het ook wordt geplaatst in een actuele politieke situatie die we allemaal dagelijks tegenkomen in de krant en op tv komt het dichtbij. Je kunt je niet onttrekken aan de vraag: Is hij nou wel of niet de Messias, wat zou ik zelf geloven als zoiets me overkwam ? 

Het mooie van deze serie is de intense manier waarop de reacties van mensen worden weergegeven: van vurige hoop tot hard ongeloof, van mensen die meteen weten wat ze ervan vinden, en van de twijfelaars die overtuigd willen worden. Dat is de kracht van de serie, en het maakt dat je de tekorten die ik aan het begin noemde er bij voor lief neemt. 

woensdag 29 januari 2020

Netflix: Roma (2018)

Wat is dit een fascinerende kijk-film ! In zwart-wit opgenomen, met langzame en aandachtige shots en rustige camerabewegingen. Alle tijd om te kijken, heel anders dan de haast en hurry in zoveel actiefilms, waar de beelden over elkaar heen tuimelen.

Het begint al bij de begintitels van de film: minutenlang zie je , naast de voorbijschuivende namen, alleen maar tegels waar zeepwater overheen spoelt, alsof er buiten beeld een vloer geboend wordt met veel water. Als de film begint beweegt het beeld heel rustig naar omhoog en zien we een lange gang met de betegelde vloer en hoge witte wanden. We lopen door de gang, een smalle steeg tussen twee hoge stadswoningen en komen dan de jonge vrouw tegen die aan het boenen was.

Dat is Cleo, één van de bedienden in het huishouden van Antonio en Sofia en hun vier jonge kinderen. Een gezin in goede doen, Antonio heeft een goed betaalde baan als arts in het ziekenhuis. Cleo en Adela, de tweede hulp in de huishouding, verzorgen de kinderen, doen de was, houden het huis op orde, koken het eten, ze zijn van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat bezig.



Alles lijkt op  orde in dit knusse familiehuis, maar schijn bedriegt. Een huwelijk is niet altijd wat het aan de buitenkant lijkt, en een jonge verliefde vrouw komt soms in een vervelende positie terecht. De mannen komen er niet goed van af in dit verhaal, de vrouwen zijn sterk en slaan zich met elkaar door alle tegenslagen heen.

De Mexicaanse filmdirecteur Alfonso Cuarón heeft een overtuigende film gemaakt, die dan ook meerdere malen bekroond is.
Ik heb genoten van de visuele schoonheid van deze film, maar het verhaal  mag er ook zijn. Gaandeweg ga je houden van de beide vrouwen, Cleo en Sofia. Ze zoeken hun weg in hun ongelukkige situaties, helpen elkaar er doorheen. Het bijzondere is dat er veel gebeurt in het verhaal, en dat dit toch gepaard gaat met visuele rust. Dat vind ik knap.
Cuarón besteedt weinig aandacht aan de woelige tijden waarin het verhaal zich afspeelt. Hij laat zich ook niet uit over politieke visies, of over wat de mensen in die tijd hadden kunnen of moeten doen. De film is allereerst het persoonlijke verhaal van Cuarón over zijn jeugd, met liefde en aandacht voor de kleine details. Typisch zo'n film waar ik nog een poosje over blijf nadenken, omdat er belangrijke dingen zijn gebeurd of gezegd.

vrijdag 21 juni 2019

Training christelijke meditatie

Mediteren heeft lang beelden bij me opgeroepen van in lange oranje gewaden gehulde monniken:  volgelingen van Bhagwan Sri Rajnees. Die zag je in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. Niet iets om serieus te nemen, vond ik. Dat is heel langzaam veranderd toen ik ontdekte dat mediteren een rijk ontwikkeld onderdeel is van de christelijke traditie en bedoeld is voor de intieme stille omgang met God: niet spreken maar luisteren, niet het hoofd maar het hart en de ziel.

Vaak gebruiken we kaarsen bij de meditatie
Die bewustwording is geleidelijk verlopen. Mijn gewoonte om de dag te beginnen met een stiltemoment waarin ik een stukje bijbel lees en dat overdenk heeft daarbij een belangrijke rol gespeeld. Zo'n dagelijkse gewoonte kent periodes van bloei, maar ook van dorheid. Ik kwam de verhalen van de woestijnvaders op het spoor: kluizenaars die in de eerste eeuwen van het christendom in de eenzaamheid van de woestijn dichter bij God probeerden te komen. Hun ervaringen van dorheid vond ik heel herkenbaar, en hun adviezen aan hun jonge leerlingen boeiden me.
Mijn geregeld verblijf in abdij Tongerlo heeft ook een belangrijke bijdrage geleverd aan mijn toenemende waardering voor meditatie. Het ochtendgebed in de abdij kent een lang stiltemoment na de lezingen. Maar gaandeweg - en dat is een proces van jaren geweest - leerde ik met die stilte om te gaan en die vruchtbaar te maken.


Muziek maken in de abdijkerk in Tongerlo is ook verstillend
En dan was er tot slot de stilteretraite in de Oude Abdij bij Gent van eind vorig jaar waar ik een week lang in rust en in stilte heb gemediteerd onder leiding van pater Wauthier.
Begin dit jaar las ik de advertentie: de PKN (Protestantse Kerk van Nederland) organiseert een training Begeleiding van meditatie. Mijn besluit was snel genomen: hier ga ik aan meedoen: zes dinsdagen intensief aan de slag met mediteren en hoe je een meditatiegroep kunt begeleiden.
Inmiddels is de cursus voorbij en resteert er nog een terugkomdag in oktober om ervaringen uit te wisselen.

Ik vind het niet gemakkelijk om te verwoorden wat ik geleerd heb en wat de cursus met mij gedaan heeft. Ik heb een heel sterk besef dat ik onder leiding van twee ervaren trainers - Antoinette van Gurp en Jos de Heer -  heb mogen kennismaken met een wereld die ik nog amper kende, en waarin ik nu een paar aarzelende stappen heb gezet. Deze training gaat over heel andere zaken dan de professionele trainingen die ik beroepsmatig volg. Die zijn voor zover ze vakinhoudelijk zijn technisch en rationeel, echt "hoofdwerk". Als het trainingen van vaardigheden zijn gaat het dieper en komt het dichter bij wie ik zelf ben, bij het hart.
Deze meditatietraining gaat veel verder: ze plaatst me tegenover God en vraagt me om mijn natuurlijke houding van waarnemen, interpreteren, me een mening vormen, of te verklaren te verlaten en alleen maar stil te zijn en te luisteren naar de stem van God. En dat kan een diep zwijgen zijn.
Ik heb geleerd te letten op mijn lichaamstaal: waar zit er spanning in mijn lijf ? Kan ik me ontspannen ? Hoe is mijn ademhaling ? God schiep me door me de levensadem te geven, en Hij is bij mij, in mijn hart, als Geest, adem van God. Wat gebeurt er met me als ik me concentreer op mijn ademhaling en die tot rust breng, en niets doe dan dat alleen ?

Als je het niet gewend ben dan is tien minuten lang stil zijn confronterend. Als anderen zeggen dat ze dan zichzelf tegenkomen geloof ik dat direct. Bij mij roept het o.a. de reactie op "Is dit geen nutteloze tijd, ik doe niks en er gebeurt niks. Dat luisteren naar God in de stilte is vast goed, maar niet voor mij". Dat stil worden vraagt veel, heel veel discipline en een bereidwilligheid om je over te geven zonder dat je weet wat je er voor terugkrijgt. Ik heb ervaren hoe gauw mijn gedachten afdwalen naar van alles en nog wat. En dan ben ik niet meer stil en aandachtig, maar zit toch weer na te denken over het een of ander.
Het is dan wel goed om te horen dat alle cursisten en ook de trainers dit ook meemaken en dat het  oefening vereist. Kijk, dat herken ik dan wel weer: als ik muziek maak moet ik ook eindeloos oefenen om vooruit te komen.

De meditatietraining bestaat uit twee belangrijke thema's die elke dinsdag terugkomen: het mediteren zelf, en het opzetten van een werkplan voor een meditatiecursus die je zelf aan een groep zou willen geven. Ter ondersteuning van dat alles krijgen we een cursusmap van zestig pagina's met daarin van allerlei informatie over meditatie, goed en breed samengesteld.

Het mediteren oefenen we het door het gewoon te doen: learning by doing. In de kapel van Nieuw Hydepark waar de cursus gegeven word gaan we in een kring zitten, sommigen op een stoel, anderen op een gebedskrukje. Eén van ons is meditatieleider en geeft aan hoe de meditatie zal verlopen. Op het basispatroon van tot stilte komen en luisteren naar Gods stem zijn allerlei variaties mogelijk. Soms luisterden we naar muziek. Vaak was er een bijbellezing - een lectio divina - maar ook moeten we af en toe een eigen woord of kort zinnetje kiezen om over te mediteren. Meestal beginnen we met aandacht voor het lichaam en/of de ademhaling om eerst daar rust te brengen. Het hart van elke meditatie zijn de tien of vijftien minuten stilte, meestal ingeleid door de teksten of woorden. Er brandt altijd wel een kaars, en soms doen we iets met waxinelichtjes om de kaars heen. Tot slot geeft de meditatieleider aan dat de stilte voorbij is en kan iedereen in stilte de kring verlaten. Het geheel duurt een halfuurtje.

Een andere kopie van deze icoon staat in de kapel van Nieuw Hydepark
Elke dinsdag hebben we drie, soms vier meditaties gedaan. Ook de cursusleiders hebben meditaties begeleid, bijvoorbeeld een icoon-meditatie. Na afloop van onze eigen meditaties hebben we die steeds besproken. De reacties en de tips van de anderen zijn voor mij van grote waarde geweest. Ik heb er veel van geleerd. Mediteren is heel persoonlijk en je kiest vormen die uitdrukking geven aan jouw omgang met God. Ik heb gemerkt dat de inrichting van de meditatie, zoals voorbereid en uitgevoerd door de meditatieleider, heel verschillende reacties oproept. Zo was mijn meditatie voor de één te vol met woorden, terwijl een ander het heel prettig vond. En ik had mezelf voorgenomen om een heel kale en basic meditatie te doen, met weinig gepraat van mijzelf....
Het werkplan voor een meditatiecursus hebben we individueel stap voor stap opgebouwd. Ook daarin zijn er weer interessante verschillen in de details. Mijn werkplan beschrijft een meditatiecursus van vier bijeenkomsten van drie kwartier die ik graag wil gaan geven in de Grote Kerk in Epe. Inhoudelijk is het een lectio divina georiënteerde meditatie: de meditaties gaan steeds over een bijbeltekst.
Ik heb het plan in april voorgelegd aan de Raad van Kerken in Epe, en die hebben dadelijk hun goedkeuring er aan gegeven. Ds. van de Wetering en ik gaan proberen om de meditatieavonden in oktober te houden.

zaterdag 8 juni 2019

Boek: De advocaat van Holland ( Nicolaas Matsier, 2019)

Zinderende tijden waren het, die beginjaren van de zeventiende eeuw. Het twaalfjarig bestand zorgde voor een pauze in de uitputtende oorlog tussen het Spaanse rijk en de  Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
Maar de meningen over de wenselijkheid van deze adempauze waren zeer verdeeld: De plattelandsbevolking in de oostelijk gelegen provincies juichten  het toe: zij waren vaak het slachtoffer van de rondtrekkende en plunderende legers. De kooplieden in Holland en Zeeland zagen economisch voordeel in het verschiet wanneer de handel zou gaan aantrekken. Maar orthodoxe Calvinisten waren faliekant tegen: de dreiging van het Roomse Spanje  zou alleen maar groter worden. En prins Maurits, de bevelhebber van de strijdkrachten van de Republiek, wist maar al te goed dat zijn machtspositie sterker was ten tijde van oorlog.
Dit was het speelveld waarin Raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt, de machtigste man van de Republiek, op zijn ondergang afkoerste.

Buste van van Oldenbarneveld
Nicolaas Matsier heeft een boeiende roman geschreven over de laatste maanden van Johan van Oldenbarnevelt. Die is dan in gevangenschap en in afwachting van zijn berechting, op last van prins Maurits en de Staten Generaal.
Matsier heeft een bijzondere compositie voor zijn roman gekozen: Hij is in het hoofd van van Oldenbarnevelt gaan zitten en vertelt over het eenzame verblijf in een bovenvertrek op het Binnenhof, waar hij samen met zijn huisknecht Jan Francken de tijd moet zien te doden. Matsier laat van Oldenbarneveld terugblikken op de hoogte- en dieptepunten van zijn leven, en op die wijze leren we hem van nabij kennen.... zoals Matsier zich dat voorstelt.
De roman vertelt dus een bekend verhaal. In de recente biografie van Ben Knapen kun je alles al lezen en nog veel meer dat Matsier niet noemt, en ook niet kan noemen omdat dit een roman is over hoe van Oldenbarneveld zijn laatste maanden beleefd zou kunnen hebben.

Het kostte me enkele tientallen bladzijden om de aanpak van Matsier te gaan waarderen: ik vond het aanvankelijk tè bedacht en te oppervlakkig. Gaandeweg begon het me te boeien, en eerlijk is eerlijk: het boek leest als een trein: je proeft de kou, de verveling, de oplopende irritatie, en je voelt hoe de starre van Oldenbarnevelt afkoerst op zijn ondergang.

De executie van van Oldenbarnevelt op het Binnenhof
Enkele dingen heb ik gemist.Sommige historici zijn van mening dat Maurits het liefst gratie wilde schenken aan van Oldenbarnevelt, maar die weigerde schuld te bekennen. Van Oldenbarnevelt vond dat zijn proces niet rechtsgeldig was en verwachtte daarom vrijspraak. In de korte tijd tussen het uitspreken van zijn doodvonnis en de voltrekking ervan heeft van Oldenbarneveld zijn rotsvaste overtuiging van onschuld niet losgelaten.
Een ander karig belicht facet is het geloofsleven van van Oldenbarnevelt. Matsier citeert meerdere keren de familiespreuk nil scire tutissima fides (niets weten is de veiligste waarborg) en maakt van van Oldenbarneveld een wel heel vrijzinnig christen, haast een agnost. Dat is geoorloofd in een roman, maar het is niet mijn beeld van de gelovige van Oldenbarneveld: een verdraagzame remonstrant die weinig affiniteit had met Calvinistische stijlheid en onafhankelijkheidszin.

zaterdag 6 april 2019

Een nieuwe kans voor kernenergie ?!

Onlangs stond er een lezenswaardig interview met "techniekfilosoof" Behnam Taebi in Trouw. Hij pleitte er voor om op nationaal niveau een goed gesprek te gaan hebben over de pro's en contra's van kernenergie, groene energie, en fossiele energie.
Dat deed me denken aan de thorium reactor waarover  ik enkele jaren geleden voor het eerst las. Het is een techniek waarbij thorium als brandstof gebruikt wordt, opgelost in gesmolten zout.
In de jaren '60 is in het Oak Ridge National Laboratory (ORNL) een werkende thorium reactor gebouwd. Omdat de technologie van de uranium reactor inmiddels betrouwbaar en beheersbaar geworden was, en omdat met deze laatste technologie ook gemakkelijker hoog verrijkt uranium voor kernwapens kon worden gemaakt werd het onderzoeksprogramma voor de thoriumreactor stilgelegd.

Oktober 1967: ORNL-directeur Alvin Weinberg meldt dat de thoriumreactor 6000 uren gedraaid heeft
Recentelijk zijn in een aantal landen onderzoeksprogramma's opgestart om de thoriumreactor verder te ontwikkelen en geschikt te maken voor grootschalige commerciële toepassing. Met name India, dat grote voorraden thorium in de bodem heeft, en China spenderen hier grote bedragen aan.
Ook in Nederland is het onderzoek van de thoriumreactor weer opgepakt. In Delft werkt een research groep onder leiding van professor Jan Leen Kloosterman aan een verbeterde thorium reactor.

De voorstanders van energie opwekking met thorium reactors bepleiten de toepassing van een mix van groene energie (wind en zon) en energie uit thorium reactors.
Maar waarom is zo'n thorium reactor veiliger dan de kerncentrales die we nu overal aan het sluiten zijn ?
Op die vraag zijn een aantal goede antwoorden te geven:
  • bij de opwekking van kernenergie komt geen CO2 vrij. 
  • de reactor is veel veiliger omdat de dynamica van het proces heel anders is dan in de uranium reactors. Het thorium is opgelost in zout en deze mix stroomt. Een op hol slaand kernsplitsingsproces zorgt voor expansie van de thorium-zout mix en dat werkt remmend. Ook kan, ingeval van een escalerend proces, het zout snel worden afgevoerd naar lager gelegen opslagtanks. Ook dat werkt  remmend op het kernsplitsingsproces.
  • Er wordt veel minder radioactief afval geproduceerd. 
  • De techniek kan geschikt worden gemaakt om kernafval met een langdurig hoog stralingsniveau als brandstof te gebruiken. Deze worden omgezet in  nieuwe afvalprodukten die veel korter veilig gesteld hoeven te worden.
  • Het is nagenoeg onmogelijk om hoog verrijkt uranium voor kernwapens te produceren met de thorium reactor. Ook de kans op diefstal van hoog verrijkt uranium is gering omdat het is opgelost in zeer agressief zout en er ook extreem hoge gammastraling vrij komt in de reactor.
Maar dan nu de bezwaren en de tegenwerpingen. En die zijn eveneens fors:
  • De thoriumreactor is nog lang niet productie-klaar. Dat heeft te maken met grote technische uitdagingen. Het proces verloopt onder extreme omstandigheden: er is een temperatuur  van 650 graden Celsius nodig, er wordt gebruik gemaakt van agressieve zouten en er wordt intense gammastraling geproduceerd. Dit alles stelt de hoogste eisen aan de te gebruiken materialen.
  • Een Chinees onderzoeksteam besprak deze uitdaging met de researchgroep in Delft. Er zijn nu nog geen garanties af te geven dat een reactor 20 jaren lang veilig kan functioneren. Een advies om dan na 7-8 jaren de gehele installatie te vervangen leidt tot een economisch probleem: zoiets is onbetaalbaar.
  • Op de Thorium-pagina van de organisatie Wise - die zich ten doel heeft gesteld de wereld vrij te maken van kernenergie, dat dan wel weer - wordt gemeld dat het maar zeer de vraag is of thoriumreactoren bijdragen aan non-proliferatie. In een artikel in Nature getiteld Thorium fuel has risks wordt duidelijk gemaakt dat het kernsplitsingsproces in de thoriumreactor geschikt kan worden gemaakt voor de produktie van proactinium 233. Dat vervalt binnen enkele maanden tot uranium 233, waarmee kernwapens gemaakt kunnen worden. Ook in dit artikel wordt hier op gewezen
  • Oud-hoogleraar Wim Turkenburg, ook wel "de energieprofessor" genoemd, wijst op een timing probleem: het zal vermoedelijk tientallen jaren gaan duren voordat de thoriumreactor breed inzetbaar is. Maar ruim voor die tijd moeten we de CO2 uitstoot al hebben ingeperkt tot de afgesproken niveaus. De technologie komt dus te laat.
Mijn conclusie is: Jammer, maar dit gaat niet lukken. De bezwaren zijn dusdanig groot dat de publieke opinie niet overtuigd zal worden van het nut, en de politici zullen zich wel tien keer bedenken voordat ze politieke zelfmoord plegen door te pleiten voor "kernenergie nieuwe stijl".  Heeft het dan nut om kleinschalige onderzoeksprogramma's uit te voeren ? Dat lijkt mij van niet....