donderdag 26 september 2013

Groene fabels

Toen ik student was, discussieerden we over de melkfles. Wat is nu beter voor het milieu: een pak melk kopen en de verpakking weggooien, of melk in de fles nemen en die weer inleveren ? Bij het reinigen van de flessen wordt het milieu ook belast.... Ja, daar kwamen we natuurlijk nooit uit, en uiteindelijk gingen we de droge kelen maar smeren met een beugeltje Grolsch.


Dit akelige dilemma duikt steeds weer op. Het boek Green Illusions - the dirty secrets of clean energy and the future of environmentalism staat er vol mee.
Schrijver Ozzie Zehner is een Amerikaanse wetenschapper die in talrijke bladen publiceert over de sociale, economische, en politieke contexten van energiebeleid.
Hij heeft aan de Universiteit van Amsterdam een MSc-graad gehaald en doceert nu aan Berkeley Univeristy in Californië.

Green Illusions imponeert door zijn dwarse meningen. En die worden dan ook nog eens een keertje onderbouwd met een overweldigende hoeveelheid feitenmateriaal. Ozzie Zehner gaat niet over één nacht ijs....
Hij begint met een systematische behandeling van verschillende vormen van duurzame energiebronnen: zonne-energie, windenergie, energie uit biomassa, waterstof, "schone" steenkolen.
Van elke energiebron wordt aangegeven welke verwachtingen reëel zijn, en welke niet:
  • zonne-energie uit de Sahara of de Nevada-woestijn ? De investeringen om de stroom te transporteren zullen gigantisch zijn. De politieke stabiliteit in Afrika is twijfelachtig. De publieke opinie in de VS zal zich verzetten tegen gigantische zonneparken. Wanneer je de energie nodig voor de productie van de zonnepanelen meeneemt in de rendementsanalyse wordt het plaatje minder aantrekkelijk
  • windenergie dan ? Hier noemt Zehner de invloed van NIMBY-groeperingen (Not In My BackYard) die eindeloze procedures aanspannen tegen de aanleg van grootschalige windparken. Daarnaast weten de bestaande energieleveranciers handig te opereren door windenergie weliswaar "kleinschalig" te propageren, maar de ontstane goodwill bij de overheid te gebruiken om krachtiger stimuleringsbeleid te voorkomen. En kleine windmolentjes ? Daarvan is maar zeer de vraag of de CO2-balans tussen productie en gebruik positief uit valt.
  • Biobrandstof misschien ? Zehner laat zien welke desastreuze gevolgen de productie van biobrandstof uit mais heeft op de wereldvoedselhuishouding. En door ontbossing t.b.v. landbouwgronden voor biobrandstof in Indonesië wordt uiteindelijk meer CO2 geproduceerd.
Het verhaal van Zehner is in sterke mate toegeschreven op de Amerikaanse situatie. Dat neemt niet weg dat soortgelijke analyses ook in de Europese of de Nederlandse context gedaan kunnen worden. En dan zullen ook de Nederlandse groene fabels voor de dag komen....
De conclusie van Zehner is dat we niet radicaal genoeg zijn in onze aanpak van het energieprobleem. We blijven namelijk zoeken naar technologie-oplossingen die het ons mogelijk maken om steeds grotere hoeveelheden energie te verbruiken. Ons eigen gedrag blijft onbesproken.

In het tweede deel van Zehner's betoog komt hij met voorstellen hoe duurzaamheid beter kan landen in en geaccepteerd worden door de samenleving en het bedrijfsleven. Duurzaamheidsprojecten moeten realistisch en haalbaar zijn, ze moeten leiden tot verbeteringen van de levensstandaard, en ze moeten appelleren aan het "welbegrepen eigenbelang" van grote groepen mensen.
Hij geeft vervolgens vele voorbeelden, waarvan sommige me verrassen. Voorbeelden:
  • Vrouwenrechten. De ongebreidelde groei van de wereldbevolking moet tot staan worden gebracht. Een krachtig middel daarvoor is de wereldwijde educatie van vrouwen en het tegengaan van uitbuiting en uitsluiting van vrouwen in het democratische proces
  • Consumptie. De drang tot consumeren is enorm. Slimme marketing speelt hier handig op in, speciaal bij kinderen. Om dit te bestrijden moet de marketingmachine aan banden worden gelegd. Daarnaast moet het in de VS aantrekkelijk worden gemaakt om minder te gaan werken en meer vrijwilligerswerk te gaan doen. Daarnaast moet het verbruik van goederen (voedsel !) worden belast, in plaats van inkomsten en/of bezit te belasten.
  • Inrichting van de openbare ruimte. Amerikaanse suburbs kenmerken zich door een hoog ruimtebeslag en de noodzaak van een uitgebreid wegennet om woon-werkverkeer mogelijk te maken. Zehner pleit er voor om wonen en werken dichter bij elkaar te brengen, en het openbaar vervoer beter te ontwikkelen. Hij pleit voor "fietsbare" steden, wat zonder twijfel geïnspireerd zal zijn door zijn verblijf in Amsterdam. Dit lijkt op luchtfietserij, maar dat is ten dele waar. In Azië worden gloednieuwe megasteden ontwikkeld waar de nieuwste concepten voor duurzame inrichting een rol spelen.
Het is een genot om dit boek te lezen. Het analyseert scherp, ontmaskert, maar geeft ook richting en mogelijkheden. Het gaat over persoonlijke keuzes en gedrag, maar ook over politiek beleid over grenzen heen.
Dat dit op onverwachte plekken herkent wordt, blijkt uit de visie en de activiteiten van de World Business Council for Sustainable Development. Hierin werken CEO's van grote multinationals samen aan de ontwikkeling van een duurzame mondiale toekomstvisie. Peter Bakker, oud-topman van TNT, is er sinds 2012 President en CEO.





dinsdag 3 september 2013

Boek: Het kleine meisje van meneer Linh - Philippe Claudel

Wat is dit een prachtig verhaal ! Philippe Claudel heeft een ontroerende novelle geschreven, met een verrassend slot.
Meneer Linh arriveert in een land ver verwijderd van zijn geboortegrond. Hij heeft zijn kleindochter meegenomen. Hij is gevlucht voor het oorlogsgeweld, dat het leven heeft gekost aan zijn vrouw en kinderen. In de koude stad waar ze arriveren wordt hij ondergebracht in een opvangcentrum, samen met vele landgenoten. De traumatische gebeurtenissen van de afgelopen maanden en de weemoedige herinneringen aan het idyllische dagelijks leven in zijn dorp putten hem uit, de zorg voor zijn kleindochter houdt hem gaande.



Tijdens een wandeling ontmoet hij een oude man in een park, meneer Bark. Ze raken in gesprek. Het contact doet meneer Linh goed, en de volgende dag zoekt hij de oude man weer op in het park. Er ontwikkelt zich een vriendschapsband tussen beide mannen, die voor beiden van grote betekenis wordt.
Er komt echter een kink in de kabel wanneer meneer Linh wordt overgeplaatst naar een tehuis voor geestelijk gehandicapten. Dat grieft hem diep, en hij besluit om samen met zijn kleindochter te vluchten en zijn vriend op te zoeken. Die zal hem helpen ! De afloop hier van is dramatisch.....

Er gebeuren prachtige dingen in het verhaal:

De communicatie tussen meneer Bark en meneer Linh is moeizaam omdat ze elkanders taal niet spreken. Beiden proberen de signalen van de ander, de woorden en de gebaren, te begrijpen. Dat leidt tot komische misverstanden. Tegelijkertijd laat het op overtuigende wijze zien hoe vriendschap kan ontstaan zonder dat de woorden van de ander begrepen worden. Er is een steeds sterker wordende sympathie tussen de twee waardoor beiden hun eenzaamheid even kunnen vergeten.

Meneer Linh probeert de nieuwe wereld te begrijpen. Dat valt nog niet mee. De mensen zijn er onbeleefd, het is er koud en nat, en hij heeft niemand die hem met de dagelijkse zorgen voor zijn kleindochter helpt. Claudel weet de ontreddering van meneer Linh met fijne pen te beschrijven. Inderdaad, zo voelt het wanneer je plotseling in een andere wereld terechtkomt.

Een heerlijk boek dat je in enkele uren leest en dan met vertedering neer legt. Die meneer Linh toch.




dinsdag 27 augustus 2013

Boek: Energie door wisselwerking - Rien van Leeuwen

Rien van Leeuwen, trainer bij Ruysdael, heeft een beknopt boekje geschreven over veranderen, projectmanagement, en NLP. Het dient ter ondersteuning van de training Praktisch Projectmanagement met NLP. Mijn aandacht werd getrokken door de aankondiging: duurzaam veranderen, authentiek en geïnspireerd samenwerken, hulpbronnen optimaal benutten, ecologisch verantwoorde doelen nastreven. Als deelnemer in een denktankgroepje dat de mogelijkheden voor lokale en coöperatieve opwekking van schone energie onderzoekt, leek me dit een interessant boek.


Het blijkt van belang om de betekenis van de kernbegrippen helder voor ogen te hebben. Die worden goed gedefinieerd:
  • Het gaat over duurzaam veranderen: hulpbronnen worden optimaal benut voor het realiseren van blijvende resultaten, die passen in het grotere geheel. Daarvoor moet (menselijke) energie worden losgemaakt. Dat gebeurt door het samen te doen, vanuit een gedeelde passie.
  • Praktisch projectmanagement is een geschikte aanpak om duurzaam te veranderen. "Praktisch" is niet alleen nuttig en doelmatig. Het gaat ook over hoe we onze kennis hergebruiken en hoe we als team samenwerken en van elkaar leren. En "projectmanagement" is veel meer dan een gestructureerde werkwijze en een setje beheersmechanismen. Het is een gebeuren waarbij de projectleden gezamenlijk een verandering mee maken, zich aan het succes verbonden weten, en vanuit die inspiratie samen vorm geven aan de gewenste resultaten.
  • NLP, de afkorting van Neuro Linguïstisch Programmeren, is, kort door de bocht, een aanpak om individueel gedrag te ontwikkelen door patronen in het eigen denken of in dat van anderen te leren herkennen. Het helpt om beter te communiceren en je meer bewust te zijn van je eigen denken en voelen en dat van anderen. De wetenschappelijke basis van NLP is zwak, maar de praktische toepasbaarheid compenseert dat ruimschoots.
Om op deze wijze te kunnen veranderen, behandelt Rien van Leeuwen een referentiekader dat bestaat uit zeven thema's: Context organiseren, Fitter communiceren, Authentiek handelen, Samenwerken, Leren, Leiden, en Veranderen. Dit vormt de ruggengraat van het boek. Elk thema wordt in een afzonderlijk hoofdstuk uitgewerkt. Er worden veel praktische tips en hier en daar een oefening gegeven.
Ik wil een aantal zaken noemen die bij me opkwamen bij het lezen van dit boek.
  1. Dat we op anderen manieren samenwerken dan voorheen en dat dit dus gevolgen heeft voor de wijze waarop we projecten uitvoeren, lijkt me een goede invalshoek. Het verandertempo in het werk en in de samenleving is hoog, en de verbondenheid met de nagestreefde doelen lijkt soms omgekeerd evenredig daar mee. In dit boek wordt dit probleem aangepakt en ontleed en er worden praktische handelwijzen aangeboden hoe daar mee om te gaan. Dat is nuttig.
  2. De meest krachtige metafoor in het boek vond ik die van de bovenstroom (bewust, expliciet, beargumenteerbaar) en de onderstroom (onbewust, impliciet, intuïtief). "Klassiek" projectmanagement is sterk gericht op de bovenstroom. In dit boek wordt veel aandacht besteed aan de onderstroom. Dat is een zeer waardevolle en ook een noodzakelijke aanvulling. Was het vroeger al zo dat veel projecten mislukten doordat de betrokkenen niet mee veranderden, zeker nu is dat een groot risico in het licht van de verandermoeheid van veel mensen voor wie het allemaal veel te snel gaat. Door bewust in te gaan op "zachte" onderwerpen als bezieling, verbondenheid, en communicatie krijgt de onderstroom de behandeling die het toekomt.
  3. De toegevoegde waarde van NLP is me niet zo duidelijk geworden. Rien van Leeuwen vermeldt dat derde generatie NLP-technieken worden toegepast. Daarin is naast de individuele ontwikkeling ook aandacht voor de bredere verbanden: de sociale context, en het grotere systeem, het holistisch perspectief. Hier wordt het taalgebruik een tikkeltje abstract en pretentieus. Voor mij wint het boek aan kracht wanneer NLP veel meer "onder de motorkap" wordt meegenomen, in de gepresenteerde aanpakken. Nu roept het verwachtingen op die bij mij niet zo uit de verf komen.
  4. Dit boek is niet bepaald een page turner. Ik heb het van voor naar achteren doorgelezen en dat is een hele opgaaf, ondanks het beperkte aantal pagina's. Er zijn weinig voorbeelden en illustraties en veel "platte tekst". Het is daarom beter om het advies van Rien van Leeuwen op te volgen en er in te grasduinen. De hoofdstukken zijn goed afzonderlijk te lezen en je kunt dan je voordeel doen door datgene te lezen wat je boeit.
Ik kan dit boek van harte aanbevelen aan allen die veranderingen te weeg willen brengen, beroepsmatig of in andere verbanden, en zich afvragen waarom dat nou zo weerbarstig is. Het biedt bruikbare gereedschappen om aan de slag te gaan in de actualiteit van nu.

zaterdag 10 augustus 2013

New Wine zomerconferentie 2013

Al weer voor de achtste keer zijn we naar de New Wine zomerconferentie geweest. De week is voorbij gevlogen. Nooit eerder hadden we zulk prachtig zomerweer. En dat is goed voor de sfeer op de camping, want we zijn met elkaar natuurlijk één grote familie, daar op de Walibi evenemententerreinen bij Biddinghuizen.


In mijn vorige verslagen, van de zomerconferentie 2012, en die van 2011 heb ik al een impressie gegeven van de dingen die we daar aan het doen zijn. Het liefst noem ik het een summerschool voor christenen. Een week lang ben je met elkaar bezig met de passie die je met elkaar deelt: hulde brengen aan God en Hem beter leren kennen door te luisteren naar wat medechristenen over Hem te vertellen hebben. En dat laatste gebeurt in de keynotes in de grote samenkomsten, in de tientallen seminars 's middags, en ook tijdens de informele gesprekken die je voert.

Omdat de New Wine beweging begonnen is als vernieuwingsbeweging binnen de Anglicaanse Kerk in Engeland zijn er vaak Engelse sprekers en spreeksters op de conferentie.
Dit jaar was Mike Breen de hoofdspreker in de ochtendsamenkomsten. Hij hield een aantal toespraken over het thema  discipelschap. Een kort zinnetje van hem is voor mij de samenvatting van zijn boodschap: "discipelschap komt eerst, de kerk ontstaat dan vanzelf".


Mike Breen is in Londen begonnen met pionierswerk in de gemeentevernieuwing. In een kleine en vergrijsde parish stelde hij zich de vraag: Wat staat ons hier te doen, hoe zijn we hier present als christelijke gemeenschap die ernst maakt met de missionaire opdracht die Jezus aan zijn discipelen gaf ?
In Sheffield ontwikkelde hij de opgedane ervaringen verder, hier ontstonden de missional communities (MC's) die het hart vormen van zijn aanpak. Mike Breen doet verslag van die jaren in deze verhelderende blogpost.
Op de conferentie vertelde hij over de bedoeling en de aanpak van deze MC's. Hij heeft het uitgewerkt tot een zeer gedetailleerde methodiek met een eigen jargon. Hij heeft visualisaties in de vorm van eenvoudige meetkundige vormen ontwikkeld, zogenaamde life shapes, waarmee hij de principes rond discipelschap en leiding geven uitlegt. In deze post licht hij dat toe.

In Nederland is Rudolf Setz begonnen met pionierswerk op dit gebied. Vanuit Assen is hij Nederland Zoekt begonnen met als missie: Nederland Zoekt... gaat onderweg met plaatselijke initiatiefnemers om de boodschap van Jezus te leven en relevant te maken. In levensstijl, gemeenschappen, maatschappelijke betrokkenheid en met oog voor kwetsbare mensen.

Ik heb veel geleerd van Mike Breen, en ook bij mij is de uitdaging geland: Wat voor een discipel ben jij ? Hoe doen jullie dat in jullie lokale kerk ? Ben je bereid om een stap in het onbekende te zetten ?

Tot slot het beamerteam, mijn medewerkertaak gedurende ook al weer 7 jaren. Dit is mijn laatste jaar geweest als teamleider van het beamerteam. Gelukkig heb ik mijn taken binnen het team kunnen overdragen. En ook dit jaar hebben we weer top gedraaid. Eén van de mooiste ontwikkelingen vind ik het stijgend aandeel vrouwen in het beamerteam. Was het in de eerste jaren echt zo'n mannenkluppie, nu zijn die in de minderheid, jawel !



maandag 5 augustus 2013

Wandelvierdaagse

In maart heb ik het een en ander verteld over onze training voor de Apeldoornse Wandelvierdaagse (AW4D). Om een lang verhaal kort te maken: Eger heeft de AW4D uitgelopen, ik heb alleen op dag 4, de vrijdag, meegelopen.
Een belangrijke succesfactor is voldoende tijd voor de training. De organisatie van de AW4D heeft een goed trainingsschema op de website geplaatst. Het lukte ons in het begin goed om dat te volgen.

De eerste kink in de kabel was een lichte ontsteking van mijn rechter Achillespees, een bekende blessure bij lopers. Ik besloot er meteen een bezoek aan de fysiotherapeut aan te wagen. In het nieuwe sportcomplex De Koekoek in Vaassen, bij Fysio Fit Veenstade, kreeg ik een duidelijk advies: Helemaal niet erg, gaat vanzelf weer over, maar u moet enkele weken rust nemen, en dagelijks excentrische Achillespees oefeningen doen. Daarna kunt u uw training weer oppakken...  Die oefeningen doe je thuis op de trap: op één been staand doorzakken en je Achillespees en kuit flink belasten, omhoog komen, andere been bijhalen, en dan hetzelfde doen met het tweede been. Drie series van 15 keer voor elk been, en dat tweemaal daags. Dat heb ik nooit gehaald overigens.


Een maandje later heb ik de training weer opgepakt. Eger was bezig gebleven en liep inmiddels afstanden van 40 - 50 km. Ik ontdekte toen de tweede horde: om zulke afstanden te lopen heb je veel tijd nodig. En die kon ik niet vrijmaken. Ik heb eind mei de knoop doorgehakt en besloten om de AW4D uit mijn hoofd te zetten, maar wel te trainen voor een eendaagse van 50 km. En dat is gelukt. Eger heeft vele dagen in zijn eentje die afstand weggetippeld, en bouwde daarmee een prima wandelconditie op.

Op 9 juli was het zover. Ik heb Eger naar Sportpark Orden gebracht en 's middags weer opgehaald. De sfeer zal wel anders zijn dan in Nijmegen, waar tienmaal zoveel mensen meelopen. Dit jaar telde de AW4D zo'n 3300 deelnemers. Bij aankomst om kwart over 6 's ochtends zijn er een paar honderd wandelaars voor de 40 en de 50 km, en that's it. Kleinschalig, onder ons, knus.

Op vrijdag heb ik zelf meegewandeld. Dat is goed verlopen. we zijn geen van beiden blarenlopers, en prijzen onszelf gelukkig daarvoor. Om een uur of vier, negen en een half uur na vertrek, passeerden we de finish.
Ik heb ontzag gekregen voor de wandelaars die de 50 km AW4D uitlopen. Nogmaals proficiat Eger !


Ik heb ook een aantal dingen geleerd.
De routes gaan door prachtige natuurgebieden, merendeels over onverharde paden. Dat betekent dat je bijna steeds goed moet opletten waar je loopt. Elke stap is maatwerk, zal ik maar zeggen. En dat had ik nog niet eerder meegemaakt. Als je op asfalt loopt, kun je in een bepaalde cadans gaan lopen, zeg maar op de automatische piloot. Dat is er hier niet bij dus. Best vermoeiend.
Daarnaast wordt de 50 km in een hoog tempo gewandeld. Dat vraagt het nodige van je conditie, die dus echt op peil moet zijn.
Wat afleiding onder het wandelen kan geen kwaad. We hebben onderweg een uur lang samen op gelopen met een Vlaming die achter elkaar door vertelde over ik weet niet wat. Een heel onderhoudende man die niet terugdeinsde voor stevige stellingnames over Walen en Vlamingen. We waren maar zo een flink aantal kilometers verder.
Eten doen we met mate. Bij de tweede pleisterplaats, na 29 km,  heb ik een bak koffie gedronken. Bij de derde pleisterplaats , rond de middag, hebben we beiden een vorstelijke gehaktbal opgepeuzeld. Natuurlijk hadden we boterhammen bij ons, en vulden we regelmatig onze halveliter flesjes met water.


Ja, en dan tot slot natuurlijk het ludieke element: de gorillaman. Een wel heel bijzondere wandelaar: een gorilla met een grote rugzak waar een plastic hert aan hing, een nep jachtgeweer, een konijn, een sigaar in zijn mond, een roze biggenkop in zijn kruis, en een grote wandelstaf met een roze handtasje. Hij had een gezellige conversatie en een zeer hoog wandeltempo. Al van ver hoorde je hem aankomen, pratend met de wandelaars die hij met grote stappen passeerde. Een wel heel bijzondere prestatie, die hij een week later wilde gaan herhalen in Nijmegen.



zaterdag 27 juli 2013

Moestuin - juli 2013

Kas
De komkommers en de tomaten beginnen mooi te groeien. De komkommers dragen snel vrucht en we hebben dan ook ruim voorraad in de kelder. De tomaten hebben veel meer tijd nodig. Het "dieven" van de tomaten is een werkje dat je goed moet bijhouden. Voor je het weet groeien er uitlopers vanuit de oksel van stengel en bladaanhechting en krijg je een plant die alle kanten opgroeit.
Tussen de hooggroeiers heb ik allerlei kruiden geplant, voor de geuren. Op de foto hieronder is citroenmelisse te zien.

tomaat, komkommer, citroenmelisse
Aardappelen en broccoli
Op een braderie bij Slochteren heb ik een zakje met poters van oude aardappelrassen gekocht. Die staan op de foto mooi te bloeien.  Ik ben benieuwd wat de opbrengst gaat worden. Helaas heb ik het zakje met de namen van de rassen weggegooid, zodat ik echt niet weet wat er in de grond zit.
De broccoli staat er prima bij. Ik had vier plantjes gekocht en die hebben het goed gedaan. Van twee planten kunnen wij een keertje lekker broccoli eten. Helaas heb ik te lang gewacht met de consumptie: de broccoli was al bruin in het midden geworden. Een goede leer voor de volgende keer: zoals ze hier op de foto staan moeten we ze oogsten.


broccoli en een oud aardappelras


Tuinbonen en peultjes
Met de peultjes en de tuinbonen is het voorspoedig verlopen. Na een zeer langzame start door het koude voorjaar is er dan toch nog een goede oogst gekomen. De luis in de tuinbonen ga ik te lijf met een mengsel van vloeibare groene zeep, spiritus, en water in een verhouding 1:1:2. Het stinkt geweldig, maar het houdt de luis wel in toom. De tuinbonen heb ik vroeg geoogst, kleine boontjes smaken beter.
Peultjes zijn wonderbaarlijk: de peul zelf groeit wonderbaarlijk snel. Na geoogst te hebben, zitten alleen de kleinste peultjes er nog aan. Die zijn dan na één, twee dagen weer volgroeid, dat gaat heel snel.

tuinbonen en peultjes


Sla en mulch
Op onderstaande foto is het sla-groentenbed met de mulch er bovenop goed zichtbaar. Sla plant ik elke twee weken, de plantjes haal ik op de markt of bij de Welkoop. Zo hebben we de hele zomer door sla beschikbaar. IJsbergsla doet het ook prima. Tussen de sla heb ik prei geplant.
De mulchlaag bevalt me uitstekend. Er is veel minder onkruid, en de aarde eronder blijft langer vochtiger. Ik heb nog niet gekeken hoe de regenwormen het vinden, dat komt in het najaar wel.

sla en prei en tomaat
Versnipperaar
De mulchlaag is nog te grof, met grote stukken en lange sprieten. Ik heb daarom een versnipperaar gekocht om mijn tuinafval "klein te krijgen". Het is een Viking, en niet voor het zware werk bedoeld. Takken met een doorsnede van enkele centimeters vreet hij nog net, maar dan moet je het zorgvuldig doseren. Verder gooi ik er alles in: de restanten van de bonen en de peulen, droge schapenmest, snoeiafval. Ik zal eens gaan kijken of ik de mulch vervolgens ook ga composteren.

tuinafval versnipperen

zaterdag 22 juni 2013

Boek: De pilaren van de aarde - Ken Follet

Ja, dit is pure ontspanning. Een weergaloos spannende vertelling over de bouw van een kathedraal in Engeland in de twaalfde eeuw. Die rode draad geeft samenhang aan de levensverhalen van prior Philip, meester-architect Tom Builder en zijn vrouw Ellen, en zijn zoon Jack met zijn vrouw Aliena. We volgen hen enkele tientallen jaren lang in hun strijd met bisschop Waleran Bigod en graaf William Hamleigh.

Ken Follet was bekend als schrijver van thrillers. Hij raakte onder de indruk van kathedralen: immense bouwwerken die met veel liefde en moeite en opofferingsgezindheid gedurende tientallen jaren werden gebouwd. Follet wilde meer weten van zowel de menselijke motieven om deze gigantische projecten tot een goed einde te kunnen brengen, en het technisch vernuft dat nodig was om met de beperkte middelen de bouw te realiseren.
Hij besloot er een historische roman over te schrijven. Deze verscheen in 1989 en werd door de critici lauw ontvangen. Het lezerspubliek dacht er anders over en het boek groeide gestaag in populariteit. In 2010 verscheen een miniserie van acht afleveringen.


Een samenvatting van dit boek geven is ondoenlijk. Ken Follet gebruikt zo'n duizend pagina's om tientallen jaren beslaande gebeurtenissen te schetsen.
Ik concentreer me daarom op een aantal zaken die me zijn opgevallen.
  • Allereerst: dit is een echte pageturner. het boek leest als een trein. Er zit een aangename flow in het verhaal: actie en rust wisselen elkaar uitstekend af. Soms ligt het accent bij het innerlijk van de hoofdpersonen, op andere momenten wordt met een goed oog voor detail beschreven hoe het straatleven in een Middeleeuwse stad er uit ziet of hoe de gewelven van een kathedraal worden gebouwd. Ik heb het boek niet ervaren als een literaire roman, maar als een meesterlijke vertelling
  • Hoe betrouwbaar, hoe "echt"  is nu die weergave van het leven toen, en dan met name ook hoe ervaarden de mensen toen hun bestaan?  Ik heb daar eerder over geschreven in de recentie van Bring up the bodies van Hillary Mantel. Ken Follet haalt niet de psychologische diepgang van Hillary Mantel, maar er blijft genoeg over om te voorkomen dat het voorspelbaar wordt. Hij besteedt veel aandacht aan het innerlijk van zijn hoofdpersonen. Daardoor komen ze goed tot leven. De liefdesrelaties tussen Ellen en Tom en tussen Aliena en Jack pakken je. Ze zijn  mooi verweven met het leven van toen: bijvoorbeeld het door prior Philip afgedwongen gescheiden leven van Aliena en Jack omdat Aliena officieel getrouwd is met een andere man. Follet laat mensen twijfelen aan zichzelf, zowel de good guys als de bad guys
  • Het gebruik van macht, hoe dat corrumpeert, en wat dat doet met rechtvaardigheid speelt een belangrijke rol. William Hamleigh en Waleran Bigod zijn voorbeelden van mannen die macht op niets ontziende wijze gebruiken om hun doelen te bereiken. Er worden Macchiavellistische spelletjes gespeeld. Prior Philip leert door schade en schande om daar aan mee te doe en het is interessant om te letten op zijn wijze van het gebruik van macht, en zijn motieven daarbij. Hij blijft prior, dienaar van God, en daardoor gebruikt hij macht op een andere manier dan zijn aartsvijand William Hamleigh
  • De plaats en de betekenis van de mannen en de vrouwen in het verhaal zijn gelijkelijk verdeeld. Prior Philip en Aliena zijn beiden praktisch ingestelde mensen met een zakelijke instelling. De vrouwen zijn net zo initiatiefrijk als de mannen, of het nu om ambities of om de liefde gaat. In hoeverre dat passend is bij die periode laat ik in het midden, het maakt het verhaal wat mij betreft echter sterker.