Posts tonen met het label CDA. Alle posts tonen
Posts tonen met het label CDA. Alle posts tonen

vrijdag 3 maart 2017

CU-congres "Rijnland werkt"

Vrijdagochtend 24 februari heb ik mijn oudste zoon vergezeld naar het minicongres van de ChristenUnie over Rijnland werkt.
Op het congres werd de gelijknamige studie van het Wetenschappelijk Instituut van de CU overhandigd aan VNO-NCW voorzitter Hans de Boer.
Een prettige en interessante ochtend. Een jaar of tien geleden maakte ik voor het eerst kennis met de begrippen Rijnlands en Angelsaksisch ondernemen. Ik vond het meteen een nuttig begrippenpaar:
  • Rijnlands ondernemen staat voor samenwerking tussen bedrijfsleven, overheid, en samenleving, belangenafweging van werkgever en werknemer, continuïteit, en lange termijn
  • Angelsaksisch opndernemen staat voor winstmaximalisatie, aandeelhouderswaarde, efficiency en meetbaarheid, en een korte termijn focus op aantoonbare resultaten
Een alleraardigste uitleg staat in Cruijff is een Rijnlander, Van Gaal een Angelsaks.

het studierapport van de CU
Het leek me meteen duidelijk dat, hoewel mijn sympathie bij Rijnlands ondernemen lag en nog steeds ligt, beide aanpakken hun sterke en zwakke kanten hebben. Je moet daarom altijd naar de optimale mix voor jouw bedrijf zoeken. Rijnlands en Angelsaksich ondernemen bieden mij een gereedschapskist om te kijken of ik de zaken goed aanpak.
Het aardige is dat je het ook goed gebruiken kunt in het besturen van vrijwilligerswerk. Daar is een Angelsaksich instinct nog wel eens nuttig. Doelen zijn niet altijd helder, mensen verliezen zich in operationele taken en bewaken de hoofdlijnen niet meer, en de vraag of het nog nuttig is wat je aan het doen bent wordt vergeten.

De aftrap gisterochtend was voor Dirk Duijzer, directeur Coöperatie, Bestuur en Duurzaamheid bij de Rabobank. Hij liet o.a. zien hoe het Rijnlandse denken verweven is in de uitgangspunten van het beroemde Nederlandse poldermodel. Dat stempelt tot op de dag van vandaag het debat tussen overheid, bedrijfsleven, en burgers:
  1. Brede kennisdeling en scholingsmogelijkheden voor iedereen
  2. Sociale vangnetten voor de minder bedeelden
  3. Verkleining van de afstand tussen arm en rijk
  4. Zeggenschap en betrokkenheid van werknemers
  5. Integrale verantwoordelijkheid van bestuurders
Hans de Boer nam daarna de studie in ontvangst en gaf er zijn commentaar op:
  • Vereenzelvig "Rijnlands"niet met "christelijk-sociaal": "Angelsaksisch" floreert in Amerika, en dat is één van de meest christelijke landen van de wereld.
  • Werken collectiviteiten altijd beter dan individuen ? Hebben we altijd en voor alles CAO's nodig, of kunnen we meer overlaten aan het individu ?
  • De politiek is te veel gericht op de actuele onderwerpen en biedt geen samenhangende visie op de toekomst, Maar daar heeft het bedrijfsleven wel behoefte aan.
Carola Schouten bedankte alle ondernemers die aan het boek hebben meegewerkt. Ook zij wilde "Rijnlands" niet christelijk noemen, maar verwachtte wel dat het christenen zou aanspreken, en dat het nu nodig is naar een nieuwe invulling te zoeken. Er is meer behoefte aan individueel maatwerk, maar de samenhang blijft wel nodig. De CAO's kunnen niet overboord.
 
Hans de Boer, Cartola Schouten, en Dirk Duijzer in debat op het CU congres Rijnland werkt
De ochtend werd afgerond met een debat tussen de forumleden onderling, en met de zaal. Er was een levendige discussie over de vraag hoe we bedrijven naar Nederland krijgen. Hans de Boer gaf aan dat dit een belangrijk speerpunt voor hem is en dat hij bedrijven uit Londen naar Amsterdam probeert te krijgen. Daarbij wordt hij gehinderd door Nederlandse regels over de hoogte van de bonus, en van de Nederlandse vennootschapsbelasting. Niet iedereen was het eens met de pragmatische benadering van aanpassing aan Angelsaksische voorkeuren. Bonussen stimuleren het eigenbelang, welke captains of industry willen we binnenhalen ? We zijn op zoek naar lange termijn investeerders, die niet voor het snelle geld gaan.
De benadering van Hans de Boer kan ik wel waarderen: een no-nonsense en doelgerichte aanpak, met de bereidheid om compromissen te sluiten en je voorkeuren en overtuigingen te doseren. Dat vinden principieel ingestelde mensen maar niks, en dat bleek dan ook in de discussie.

zondag 15 januari 2017

Trots op het CDA verkiezingscongres

Ik ben niet zo'n congresbezoeker als het om het CDA gaat. Ik zet me, met veel plezier,  in voor de lokale afdeling in onze gemeente, maar mijn zaterdagen in en vooral om het huis zijn me dierbaar. Dat ontspant me en geeft me energie.
Maar afgelopen zaterdagmiddag heb ik er voor gekozen om het landelijke CDA verkiezingscongres te bezoeken. In de nieuwe Midden Nederland Hallen in Barneveld, dus in de buurt. Ik heb er geen spijt van gehad, sterker nog: het heeft me bezield en geïnspireerd, en dat had ik niet verwacht. Ik heb echte democratie in actie gezien.

Speech van Sybrand Buma tijdens het CDA verkiezingscongres
Dat gebeurde vooral bij de behandeling van de amendementen op het landelijke verkiezingsprogramma. Een landelijke werkgroep heeft het concept verkiezingsprogramma gemaakt, met meerdere consultatiemomenten in de regio's, en een CDA1000 dag waarop duizend CDA-ers een dag lang brainstormden over het programma.
Op het concept programma waren honderden wijzigingsvoorstellen binnengekomen: de amendementen. Een aantal ervan zijn gistermiddag aan de aanwezige CDA-leden ter besluitvorming voorgelegd. En daar zag ik echte democratie in actie.

Eén van de amendementen ging over de verhoging van de Defensiebijdrage. Alle CDA-ers vinden dat die omhoog moet, maar de vraag is hoeveel ? De NAVO-norm is 2 % van het BBP. Het Europees gemiddelde ligt rond de 1,5 %, en Nederland zit daar nog weer onder. De programma werkgroep had voorgesteld om te streven naar 1,5 % verhoging. De voorstellers van het amendement wilden klare wijn schenken en kozen niet voor streven naar maar voor een welbepaalde verhoging van 1,5 %. Dat leidde tot een stevige uitwisseling van meningen. Het bestuur wilde voorzichtigheidshalve ruimte laten in de omvang van de verhoogde bijdrage, vanuit de zaal waren er vele reacties waarin werd aangedrongen op duidelijkheid. Het lijkt een subtiel verschil, maar er werd heel verschillend over gedacht. De voorzichtige, pragmatische aanpak, of een radicale en duidelijke stellingname ? De leden hebben het laatste woord..... Er werd gestemd, en de keus viel op duidelijkheid: 1,5 % moest het zijn, zo beslisten 1500 CDA-ers.

Een tweede amendement ging over het voorstel van de programmacommissie om de OV jaarkaart voor studenten te vervangen door een bijdrage voor de reiskosten van huis naar de plaats van onderwijs. Ook hier werd weer fel gedebatteerd, door jong en oud. Opnieuw kozen de 1500 CDA-leden ervoor om een andere koers te varen dan het bestuur: de OV-jaarkaart moet er blijven.

Iedereen praat mee tijdens deze discussies: de landbouwer van de Veluwe, de patriciër uit Friesland, de burgermeester van Den Bosch, de werkende huismoeder uit Assen en de studente uit Leiden. Hier is een dwarsdoorsnede van de Nederlanders aanwezig, en samen besluiten we welke koers we willen varen in dit land.
Zo doen we dat, dit is echte democratie. Het maakte me trots zaterdagmiddag !


dinsdag 30 april 2013

Co-op Capitalism en Rijnlands Denken

Laat ik maar beginnen met Noreena Hertz, bekend Engels econome en actievoerster. In 2001 kocht ik haar boek The silent takeover: global capitalism and the death of democracy. Een fel geschreven boek waarin ze stelt dat de invloed van het internationale bedrijfsleven op het wereldgebeuren groeit, en de rol van democratische regeringen afneemt. Niet iedereen was het met haar analyse eens, zoals bijvoorbeeld de recensent van de Guardian in deze review.
Haar kritische houding t.a.v. global businesses is bij me blijven hangen. Deze week kwam ik haar boek tegen in de boekenkast en dat was de aanleiding om op haar site te gaan kijken waarmee ze de afgelopen jaren bezig is geweest. Ik kwam er een policy paper tegen met de aardige titel Co-op Capitalism.

Noreena Hertz op de conferentie "Names not numbers" maart 2013
In dat artikel pleit ze ervoor om afscheid te nemen van het tijdperk van het Gucci Capitalism:  an era whose fundamental assumptions were markets should be left to self regulate, governments should be laisse faire, and human beings are nothing more than rational utility maximisers. Ronald Reagan, Margaret Thatcher and Milton Friedman zijn de klinkende namen van het Gucci Capitalism. In Nederland hebben we het de afgelopen 20 jaren ook omarmd.
Na uit de doeken te hebben gedaan waarom Gucci Capitalism op zijn retour is, volgt een exposé van Co-op Capitalism:
Hier speelt niet het individu de hoofdrol, maar de samenleving. Er is veel meer oog voor het belang van cohesie in die samenleving. Netwerken en verbindingen tussen groepen in de samenleving hebben grote waarde.
Daarnaast waardeert Co-op Capitalism niet alleen maar de resultaten van zakelijke activiteiten, maar ook het proces dat ertoe leidde en de spelers en hun relaties die daarbij betrokken waren.
Waar Gucci Capitalism alleen concurrentie en competitie als werkstijlen kent, heeft Co-op Capitalism ook oog voor het belang van samenwerking en het afzien van eigen winstmaximalisatie ten behoeve van grotere belangen dan die van het eigen bedrijf.

Het lezen van dit artikel is een feest der herkenning: het is dezelfde boodschap die we allang kenden als het Angelsaksiche model versus het Rijnlandse model (wiki).
Recentelijk is het Rijnlandse model omarmd door het CDA. Door CDA-Friesland is een rapport opgesteld  Rijnlands denken en doen dat brede weerklank gevonden heeft bij andere afdelingen van het CDA. CDA-prominent Hein Pieper, dijkgraaf van Waterschap Rijn en IJssel, toert al enkele jaren langs de CDA-afdelingen om het Rijnlandse denken te promoten. Dat raakt nu in een stroomversnelling. Trouw schreef er in februari een positief artikel over.
De match met de kernwaarden van het CDA is dan ook groot: het primaat van de samenleving, de verantwoordelijkheid bij de burgers, de nadruk op collegialiteit, langetermijn strategisch denken, de betekenis van economische activiteit voor de lokale gemeenschap, waardering van professionaliteit en integriteit.
Rijnlands denken en doen is geen knop die je kunt onzetten naar de gewenste stand. Het is een kijk op de samenleving, een wijze van omgaan met elkaar, en die moet aangeleerd worden. Rijnlands denken heeft ook valkuilen: stroperigheid, het onbenut laten van talenten, het verdoezelen van conflicten, en soms een verminderde drive om toppresataties te leveren. Als de goede elementen uit het Angelsaksische model gecombineerd worden met het Rijnlandse model ontstaat er een bijzonder krachtige wijze van denken en doen in de samenleving. En dat hebben we nodig.

dinsdag 9 april 2013

Voorjaars-ledenvergadering CDA-Epe

Op een ledenvergadering gebeurt natuurlijk nooit iets. Een suffig zaaltje, een handjevol leden, misschien een spreker, en tot slot de huishoudelijke agenda, met als hoogtepunt de bespreking van de begroting waar altijd wel iemand grote belangstelling voor heeft, tot ergernis van de rest die naar huis wil.
Of het nou de sport- of de toneelvereniging is, een club voor natuurbehoud of een politieke partij, op veel plekken gaat het er zo aan toe.
Dat is natuurlijk betreurenswaardig. Ledenvergaderingen zijn de ultieme bewijzen van de betrokkenheid van de burger bij het werken aan het algemeen belang. Het is democratie in actie op het grondvlak, het gezamenlijk besturen van de zaak waar je voor staat: je sport, je muziek, je overtuiging over de inrichting van de maatschappij. Als het daar niet meer gebeurt dan zijn de rapen gaar. Want dan zullen we ook geen motivatie meer kunnen opbrengen voor de grotere zaken: het besturen van een sportregio, knokken voor goede ruimtelijke ordening in je provincie, of meedoen aan het landelijk bestuur.


De ledenvergaderingen van CDA-Epe ontkomen niet aan deze slijtageslag. De harde kern van de afdeling wordt ouder. Dertigers en veertigers zijn moeilijk te porren voor een actieve rol, en jongeren weten maar nauwelijks wat een politieke partij doet en hoe gemeentebestuur werkt.
Gisteravond ging het anders, en dan weet je: hier doe ik het voor. Een avond vol bezieling en passie over lokaal bestuur, onze plek daarin: christenen die aan politiek doen, en de keuzes rond werk, zorg, gemeentelijke fusies, en het omgaan met de krimpende economie.
En wat moed en hoop geeft: zulke debatten hebben we steeds vaker op onze ledenvergaderingen. En als ik dan ook nog kan meedelen dat we twee, misschien drie jonge bestuursleden hebben gevonden, kan de avond niet meer stuk.
In plaats van een spreker uit de Tweedekamerfractie van het CDA hebben we deze keer besloten om drie korte inleidingen te houden: ik vanuit het bestuur, Joop namens de fractie, en Jan als wethouder. Thema: de koers van CDA-Epe in een sterk veranderende samenleving.
Ik ga als eerste en vertel over het Rijnlandse en het Angelsaksische model en over de ideeën van Bob Goudzwaard over de economie van het genoeg:  een ongebreideld geloof in de groeieconomie zal uiteindelijk vastlopen in hebzucht en een tweedeling van de maatschappij. Ook heb ik twee boeken meegenomen die ik met interesse gelezen heb, of aan het lezen ben:
  • De nieuwe democratie van Willem Schinkel. Dit is een knappe analyse van de vervlakking in het politieke handelen, waar er weinig of geen onderscheid meer is tussen linkse en rechtse politiek, en waar grote visies verdwenen zijn. Schinkel voert een vlijmscherpe polemiek en analyseert genadeloos de hypocrisie van veel politici. Maar veel uitzicht geeft hij niet, het blijft dus letterlijk een enigszins hopeloos boek
  • For the Common Good, van de Amerikaanse wetenschappers Daly en Cobb. Zij zitten op de denklijn van Bob Goudzwaard. Ze presenteren dus, anders dan Schinkel, wel degelijk een visie op de toekomst. Daly is de econoom die aan de wieg staat van ecological economics. Dat is geen simpele bioboer huishoudkunde, maar een fundamentele andere benadering van de economie. Niet de calculerende burger die streeft naar individuele behoeftenmaximalisatie staat centraal, maar het geheel van gemeenschap en individu, de natuur, en de toekomst. Voor de fijnproevers: Dale stelt voor om de bekende welvaarts-prestatiemeter Bruto Nationaal Product per hoofd van de bevolking te vervangen door de Index of Sustainable Economic Welfare
Jan geeft zijn visie op de inzet van vrijwilligers bij de grote transities in het sociale domein: jeugdzorg, AWBZ, en de Wet Werken naar Vermogen. Hij wil de afzonderlijke vrijwilligerorganisaties zoveel mogelijk laten samenwerken en hun krachten laten bundelen. Een burger die hulp nodig heeft, zou voor "lichtere" hulpverlening terecht moeten kunnen bij een vrijwilligerloket waar hij of zij verder wordt geholpen door vrijwilligers. Er worden kritische vragen gesteld in de zaal: hoe zit het met de rol van de zorgprofessional, we kunnen toch maar zo niet iedereen een injectiespuit in de handen drukken ?
Joop eindigt met een analyse van de opties die de gemeente Epe heeft in het samenwerkingsverhaal. Minister Plasterk wil toe naar 100.000+ gemeenten. Dat zou voor vele plattelandsgemeenten betekenen dat er gefuseerd moet worden met meerdere buurgemeenten. Is daar het lokaal bestuur dan mee gediend? En is de Rijksoverheid nu niet juist bezig met de grote decentralisaties (transities) omdat de gemeenten zo dicht bij de burgers staan ? Samenvoeging is het kind met het badwater weggooien. In de zaal worden alternatieven genoemd: de gemeenten Dalfsen en Ommen zijn zelfstandig, maar delen hun ambtenarenapparaat. Dat lijkt inderdaad efficiënt. Vooralsnog verschillende de meningen fors. We hebben nog wat te doen als CDA-Epe voordat we een verkiezingsprogramma hebben zonder vage compromissen.

maandag 5 november 2012

Volks of christelijk ?

Burgemeester Ton Rombouts pleit er voor om minder nadruk te leggen op het christelijke karakter van het CDA. Daardoor wordt het gemakkelijker voor niet-gelovigen om op het CDA te stemmen. Het CDA wil een brede volkspartij zijn, maar dat gaat dus niet lukken met alleen de stemmen van kerkelijke leden, zo luidt de redenering.


Commissievoorzitter Ton Rombouts wijst op het CDA-congres op de drie O's die aan de basis lagen de verkiezingsnederlaag van de partij. ANP
Ik deel deze opvatting niet. Wat bedoelt het CDA met een volkspartij ? Daarmee willen we zeggen dat we er niet alleen maar voor gelovigen zijn, maar dat ons politieke programma bedoeld is voor het welzijn van alle Nederlanders, gelovig of niet. We zijn dus geen belangenbehartigers van het christelijke volksdeel.

Daarmee hebben we nog niets gezegd over onze keuzes: Hoe ziet de ideale samenleving er uit, wat is onze visie ? Het zal duidelijk zijn dat daar de C van het CDA centraal staat: het CDA wil een christelijke partij zijn. Onze keuzes worden ingekleurd door richtingwijzers vanuit het Evangelie. Het CDA heeft bijbelse kernwoorden gekozen die bepalend zijn voor het politieke handelen: gerechtigheid, naastenliefde, en rentmeesterschap.

Het CDA is niet uniek in deze combinatie van volkspartij willen zijn, en het hebben van een identiteit die bepalend is voor de wijze waarop ze tegen de samenleving aankijkt en haar zou willen ordenen: de PvdA doet dat vanuit haar socialistische wereldbeschouwing, de VVD vanuit liberale grondbeginselen.

De vraag is nu of het uitvoeren van het politieke programma gehinderd wordt door je identiteit. Ik hoor socialisten en liberalen daar nooit over tobben. In de verkiezingsstrijd hebben zowel Rutte als Samson onbekommerd de oude vijandbeelden van het rode gevaar en de vrije markt-fanaten van stal gehaald.
Ik denk dat je politieke programma duidelijk en in lijn met je identiteit moet zijn. Dat overtuigt en geeft kiezers houvast.
Het CDA heeft hier gefaald. Onze politieke keuzes bestonden uit fletse compromissen, vage ambities, en het weglopen voor lastige keuzes rond de hypotheekrenteaftrek, de zorg, vreemdelingenbeleid, en het ontslagrecht.

Wat wil Rombouts nu met een "minder christelijk CDA" ? Het doet mij denken aan een keuze die mijn generatie met de paplepel ingegoten heeft gekregen: geloven is voor privé, binnenshuis. In de publieke ruimte laat je je christelijke identiteit maar weg. Veel politici vinden dat ook: scheiding van kerk en staat, roepen ze dan, geen geloof in het politieke debat. Dit getuigt van weinig begrip van de intentie van de scheiding van kerk en staat, en van weinig inzicht in de eigen identeit. Die berust immers ook op een geloofsovertuiging, maar dan een seculiere.

Wat mij betreft dus: geen spanning aanbrengen tussen identiteit en volkspartij, zoals Rombouts stelt, maar wel je politieke programma duidelijk hoorbaar laten resoneren met je christelijke uitgangspunten.
Ik laat me graag inspireren door de Amerikaanse Sojourners beweging: evangelicale christenen die hun geloof handen en voeten willen geven in hun politieke keuzes: Faith in action for social justice. Hier is identiteit geen belemmering voor het politieke handelen, maar krachtcentrale en kompas.
Jim Wallis, één van hun leiders, zet in zijn blogartikel Religious Consistency and Hypocrisy een visie neer die me uit het hart gegrepen is. Hij is gepassioneerd over de thema's die je ook bij bijvoorbeeld Kerk  in Actie terugvindt, en die ik al eens noemde in een eerdere blog:
  • Vluchtelingen, migratie en multiculturele samenleving 
  • Duurzaamheid
  • Zorg
  • Armoede, uitsluiting en sociale tegenstellingen 
  • Mondiale verantwoordelijkheid
Hij combineert dit met een fijn oog voor de beperkte mogelijkheden van het politieke handelen en het eigen inzicht, en dat voorkomt fanatisme en onverdraagzaamheid. Daar voel ik me bij thuis, en zo zou ik politiek willen bedrijven binnen het CDA.

vrijdag 7 september 2012

Niet zo christelijk

Vast en zeker hebt u het Kieskompas of de Stemwijzer wel eens ingevuld. Het leidt soms tot onverwachte uitkomsten, heb ik zelf moeten constateren.
Om ernstige zaken weer in het juiste perspectief te kunnen zien is de Speldwijzer een ideale manier om schaterlachend bij te komen.

En dan is er ook nog de stemwijzer van Kerk in Actie, het samenwerkingsverband van kerken dat wereldwijd de handen uit de mouwen steekt en op allerlei manieren hulp verleent aan mensen in nood.
Ze hebben daar eens goed gekeken naar de verkiezingsprogramma's van een aantal partijen, en er vervolgens een stevig verslag van geschreven, de Diaconale kieshulp.

petitie kinderrechten door Kerk in Actie
Kerk in Actie onderscheidt vijf belangrijke thema's:
  • Vluchtelingen, migratie en multiculturele samenleving 
  • Duurzaamheid
  • Zorg
  • Armoede, uitsluiting en sociale tegenstellingen 
  • Mondiale verantwoordelijkheid
Als je het rapport doorleest constateer je dat Kerk in Actie partijen als de SP, GroenLinks, de Christen Unie, en de PvdA nogal wat vaker noemt dan het CDA. Het dagblad Trouw kopte zelfs: Christelijke waarden vind je bij GroenLinks. Dat vind ik niet zo verrassend, maar wel diep verontrustend.

Ik ben een trouwe CDA-stemmer en heb me altijd met hart en ziel verwant gevoeld met de partij. Maar de laatste jaren is daar sterk de klad in gekomen. De keus om in zee te gaan met de VVD en de PVV als gedoogpartner heb ik hartgrondig verfoeid. Als je identiteit zo in het gedrang komt dat die nietszeggend wordt, moet je je afvragen of je te ver gaat in het compromissen sluiten en het nemen van je verantwoordelijkheid, zaken waar het CDA als middenpartij steeds mee te maken heeft. Ook ons huidige partijprogramma, dat weer onderscheidend moest gaan worden, blijkt onvoldoende kleur en stevigheid te hebben. We zijn van alles een beetje, en daardoor blinken we nergens in uit en zijn we niet herkenbaar als een partij met christelijk geïnspireerde keuzes.

Het wordt dus een spannende tijd voor het CDA. De afkalving van het aantal zetels zal geen tijdelijke zaak zijn. We gaan dat niet doorbreken door stevig campagne te voeren en veel te roepen dat we de partij van het fatsoen zijn. We moeten ons instellen op een andere rol in het politieke krachtenspel, het we rule this country is verleden tijd.
Ik verwacht dat we, afhankelijk van de uitstraling van de CDA-politici, zullen gaan pendelen tussen de 15 en de 20 zetels. We worden de middenpartij die in de tweede fase van de coalitievorming wordt opgezocht om een kabinet te kunnen samenstellen.
Naast het belang van de goede man of de goede vrouw voor de camera, is uiteindelijk de ziel van je partij het belangrijkst: waar staan we voor als CDA-ers, waar willen we naar toe ? Dat verhaal moet helder en overtuigend worden.
Ik voel me verwant met de thema's van Kerk in Actie en zou daar graag Onderwijs nog aan toevoegen. Als dat de kapstokken worden van ons CDA-verhaal geef ik ons een goede kans om weer een overtuigende partij te worden.

vrijdag 13 april 2012

CDA Landbouwberaad

Deze week was de tweede samenkomst van het CDA Landbouwberaad, gehouden in het Kulturhus in Oene.
Voordat we de landbouw induiken eerst even over dat Kulturhus: wellicht kent niet iedereen het doel van een dergelijk bouwwerk. Het idee ervoor is ontstaan in Zweden, vandaar de Zweedse benaming Kulturhus. Het was bedoeld om in de dorpen op het uitgestrekte platteland van Zweden de basisvoorzieningen voor vitaal dorpsleven beschikbaar te houden. Je kunt denken aan kinderopvang, basisonderwijs, medische zorg, welzijn, en verenigingsleven van allerlei sportieve en culturele aard.
In het Oosten van ons land is het concept overgenomen, vooral in de provincies Overijssel en Gelderland. Momenteel worden ook in de provincie Utrecht in allerlei dorpen Kulturhusen gebouwd. Hier vind je nuttige informatie over Kulturhusen in Nederland, en hier is meer te vinden over het Kulturhus in Oene.

Kulturhus Oene
Terug naar het CDA Landbouwberaad. In januari is een eerste avond gehouden in Twello. We moesten er naar een grotere zaal verhuizen door de onverwacht grote opkomst van zo'n 70 geïnteresseerden. Veel boeren natuurlijk, maar ook beleidsmedewerkers, adviseurs, en juridisch deskundigen, afkomstig uit de provincies Gelderland en Overijssel, van Tubbergen tot Beuningen.
Deze week was de opkomst laag: een kleine 20 deelnemers. Natuurlijk wordt dan 's avonds de vraag gesteld: Wat hebben we fout gedaan, waar zitten al die mensen nou ? Er lijkt me weinig reden tot ongerustheid. Waarschijnlijk zit een volgende keer de zaal weer tjokvol. Het deelnemen aan dit soort overlegcircuits is sterk onderhevig aan de waan en de drukte van de dag, dat zie je overal gebeuren. De betrokkenheid in Twello was dusdanig groot dat ik wel vertrouwen heb in een vaste harde kern van deelnemers.

Op naar de inhoud: Waarover spreken wij op zo'n avond ? Er zijn twee hoofdthema's:
  1. Hoe kun je anno 2012 op een verantwoorde manier agrarisch ondernemen en daar ook een fatsoenlijke boterham mee verdienen ?
  2. Hoe kan het CDA en de politiek daarbij helpen ?
Ik ben onder de indruk gekomen van de passie van de boeren voor hun vak. Dit zijn innovatief ingestelde agrarische ondernemers die voortdurend bezig zijn om belangrijke thema's als voedselveiligheid, diervriendelijkheid, en ecologische zorg voor hun land te vertalen naar hun bedrijfsvoering. Dat is knap, des te meer omdat ze voortdurend op de schopstoel zitten van de publieke opinie. Ze hebben te maken met een ronduit fnuikend ondernemersklimaat: procedures verlopen traag, vergunningen zijn schreeuwend duur, en wet- en regelgeving in Nederland zijn zo streng dat we het braafste jongetje in de Europese klas zijn, maar ons zelf uit de markt prijzen als we niet op letten.
De term verdienmodel is meerdere malen genoemd. De boeren hebben behoefte aan inkomenszekerheid. Meer en meer worden boeren blootgesteld aan de global market, en de eindeloze landbouwsubsidies uit Brussel zijn in rap tempo afgebouwd. Begrijpelijk, maar de slinger slaat weer door. Dat geeft een verhoogd  risico dat we de nationale voedselvoorziening, een vitale productiesector, zwaar laten beschadigen of zelfs ter ziele gaan. En welk land wil nou voor zijn voedsel teveel afhankelijk zijn van het buitenland ?
Het is nodig om een nieuwe balans te zoeken in de driehoek agrarisch ondernemer, global market, en overheid. Uitspraken dus over het nationale belang van de agrarische sector en daaruit voortvloeiend meer duidelijkheid over financiële waarborgen voor een bestaansminimum.

Wat ten nadele werkt van de slagvaardigheid van de boeren is hun individualisme en hun specialisering. Ook op de beide avonden van het CDA Landbouwberaad merk je dat: geen één boerenbedrijf is hetzelfde, en allemaal zijn ze gehecht aan baas op eigen erf. De discussie op die avonden is dan ook van de hak op de tak en moeilijk te besturen.

Op de tweede avond hebben we ons vooral bezig gehouden met vraag 2: Hoe schakelen we het CDA in om in de landelijke politiek boerenwelzijn  te bevorderen?
Allereerst gaan we een resolutie indienen op het aanstaande CDA partijcongres. De resolutie vraagt om het officieel instellen van het landbouwberaad als een soort van agrarische denktank voor het CDA. Als de resolutie aangenomen wordt, begint het echte werk, en dan ook met erkende status: standpuntvorming over de grote agrarische thema's. Dat moet leiden tot praktische en concrete voorstellen waarover op landelijk niveau een politiek besluit kan worden genomen in de Tweede Kamer.
Er is veel werk aan de winkel voor het CDA Landbouwberaad, een klus met veel maatschappelijk belang.

woensdag 2 november 2011

Drijfzand en het CDA

De herfstvakantie 2011 is weer voorbij. Ook dit jaar hebben we weer eindeloos langs de zee geslenterd. Er is altijd wel wat te zien, en de special van dit jaar was de ophoging van het strand tussen Westkapelle en Zoutelande.  Voor de preciezen: hier staat de uitleg van Rijkswaterstaat, maar dit is wat een geïnteresseerde leek ziet:

Zandsuppletie op strand Zoutelande

 Bij eb arriveert een forse hopperzuiger dicht bij het strand. Vanaf het strand loopt een persleiding het water in, eindigend in een tientallen meters lange immense stofzuigerslang. Deze wordt aan de hopperzuiger gekoppeld. Dan begint het feest. De hopperzuiger is geladen met zand dat enkele tientallen kilometers uit de kust is opgezogen. Dat zand wordt nu door de leiding het strand opgeperst. Feest voor de duizenden meeuwen ! Met bulldozers wordt het opgebrachte zand geëgaliseerd. Na een uur is de hopperzuiger leeg en kan een nieuwe vracht worden gehaald. De bulldozers zijn dan nog een poos bezig om het zand goed te verdelen.



Het is duidelijk dat hier sprake is van drijfzand, gevaarlijk spul. Er staat dan ook iemand met een fluitje die argeloze wandelaars en joggers met een dwingend signaal gebiedt om langs de duinen te lopen in plaats van langs de vloedlijn.

Het filmpje doet me denken aan het drijfzand waarin het CDA is terechtgekomen. Vrije val voor het CDA kopte Trouw deze week, en met 11 zetels volgens Maurice de Hond is dat niet teveel gezegd.

Ach, laten we onszelf een oppeppertje gunnen en het filmpje nog eens bekijken, maar dan met andere ogen, met een positivo blik....
Zie in de bulldozers het Strategisch Beraad en de commissie Nieuwe woorden, nieuwe beelden. De rondfladderende meeuwen die rustig de stevige plekken in het drijfzand opzoeken zijn de leden die zich niet van de wijs laten brengen. En let op, dat drijfzand is na enige tijd weer stevig en betrouwbaar strand...

Scherts. Er zal heel hard moeten worden gewerkt om het CDA  weer vlot te trekken, en dan zal het een ander CDA zijn dan we kenden.

dinsdag 1 maart 2011

CDA-Epe in 2020

Tien jaar geleden dachten ze dat het spoedig met mij gedaan zou zijn. Mijn ondergang werd voorspeld en daar waren goede argumenten voor: vergrijzing, een ledenbestand dat nauwelijks verjongd werd, en een partij die politieke betekenis en slagkracht leek te verliezen. Ik, het CDA-Epe, zou binnen tien jaar ophouden te bestaan.
Nou, het is dus  anders gelopen, ik ben er nog steeds, "alive and kicking" zullen we maar zeggen.


Ben ik veranderd? Ja, zonder dat ik onherkenbaar geworden ben.
Sommige dingen zijn gebleven. Mijn leden zijn ook nu merendeels mensen die praktisch handelen en christelijke beginselpolitiek bijeen willen houden. Hun inspiratie daarvoor halen ze uit hun christelijke identiteit.  De vier richtingwijzers van het CDA zijn gebleven:
  • publieke gerechtigheid
  • gespreide verantwoordelijkheid
  • solidariteit
  • rentmeesterschap
Dat doet me goed, wie wordt er nou gelukkig van een karakterverandering? Het is tien jaar terug wel aan de orde geweest. Wij afbrokkelende CDA-afdelingen zouden onze vitaliteit en onze invloed  en onze macht weer terug krijgen door ons aan te passen aan de modes van toen. We moesten weer een brede middenpartij worden, een volkspartij. Dat is 'm niet geworden, en daar treur ik niet om. Wie zat er te wachten op "een VVD met een christelijk sausje"  zoals iemand toen hoonde ?
We zijn wel kleiner geworden. De term "brede middenpartij" bestaat niet meer, nu we het doen met  10-15 zetels in de Tweede Kamer. 


Ik, CDA-Epe,  zit nu veel losser in elkaar. Maar daardoor ben ik wel leniger geworden. Mijn leden - er zijn dus geen 200 meer zoals tien jaar geleden - hebben er voor gekozen om zich te organiseren in kleine taakgroepen, bijvoorbeeld voor onze buurtberaadavonden, voor de Midnight Politics, voor de sociale netwerken, en voor de samenwerking met de andere christelijke partijen in Epe.
Ik stond erop dat geïnteresseerden een klus konden doen bij het CDA, even aanhaken zogezegd. Die trend zette zich 10 jaar geleden al in en daar hebben we goed gebruik van gemaakt. Regelmatig vragen we de "CDA-klussers" om mee te helpen, bijvoorbeeld met het bespreken van een actueel lokaal thema, of met een verkiezingscampagne. En reken maar dat we al onze klussers goed in beeld hebben !
Daarnaast ben ik ook erg in mijn sas met de senioren. Ze vinden dat ze het  nog steeds druk hebben, maar ze zijn niet te beroerd om flink  de handen uit de mouwen te steken.
Zo ben ik er in geslaagd om in goede welstand in het jaar 2020 aan te komen: het CDA-Epe, met een gezonde christelijk-sociale basis, en een warm hart voor de gemeente Epe.